nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

08.05.2017 870 everzwijnen geschoten in 2016

In totaal schoten jagers in Vlaanderen vorig jaar 870 everzwijnen. Opvallend: bijna 700 daarvan sneuvelden in Limburg, met Voeren en het noordoosten van de provincie als absolute hotspots. “Als we niets doen, zitten ze binnen vijf jaar op de Grote Markt in Hasselt”, voorspelt Ludo Fastré, voorzitter van de Limburgse jagersvereniging. Maar ook het risico op ongevallen op de openbare weg wordt steeds groter, zo klinkt het. Daarnaast zorgen hongerige everzwijnen op heel wat Limburgse (maïs)percelen ook geregeld voor wildschade. “15 tot 20.000 hectare zijn nog steeds onbejaagd.”

Everzwijnen voelen zich goed in Vlaanderen, zo veel is duidelijk. En dan vooral in Limburg, waar de populatie de laatste jaren flink de hoogte is ingeschoten. In 2016 werden in totaal 870 everzwijnen geschoten, waarvan meer dan 700 in Limburg. Een jaar eerder waren dat er in Limburg ‘slechts’ 497. Dat blijkt uit recente cijfers van INBO, het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek. De cijfers liggen in werkelijkheid mogelijk nog iets hoger, omdat het INBO nog een foutencontrole uitvoert en het nog enkele geschoten zwijnen moet toewijzen aan een provincie. De definitieve cijfers verschijnen in juli.

Naar de totale omvang van de populatie is het gissen: “Voor het tellen van everzwijnen bestaat nog geen wetenschappelijk gevalideerde methode”, aldus Jim Casaer van INBO. De jagers van hun kant schieten dan weer everzwijnen in alle gebieden waar ze jachtrecht hebben, zo zegt Ludo Fastré, voorzitter van de Limburgse jagersvereniging. “De eigenaar van een perceel moet de jacht dus toelaten. In Limburg is nog 15.000 tot 20.000 hectare onbejaagd. Dat zegt genoeg. Daar kunnen de everzwijnen zich ongestoord terugtrekken en zich voortplanten.” De jagers hebben naar eigen zeggen al enkele akkoorden met Limburgs Landschap, maar kregen van Natuurpunt nog geen toelating voor de jacht, zo klinkt het.

Dat everzwijnen het vooral in Limburg naar hun zin hebben, heeft volgens INBO te maken met het feit dat ze er voldoende beschutting vinden in de grote bossen. “De populatie breidt zich uit naar de Antwerpse Kempen en ook in West-Vlaanderen is er een geïsoleerde groep”, zo weet Thomas Scheppers van INBO. In Limburg gaat het onder meer over het 25.000 hectare grote natuurgebied Kempen-Broek in Bocholt, Bree en Kinrooi dat doorloopt tot Nederlands-Limburg. Ook vanuit Voeren en Eupen zijn er everzwijnroutes naar het zuiden van Nederlands-Limburg, die niet zelden langs maïsvelden lopen waar de dieren zich te goed doen aan de zoete maïs, tot grote frustratie van de boer. 

Bron: Het Belang van Limburg

Volg VILT ook via