ABS wil stabiele markten en aanbodbeheersing na 2013

Verstuur naar een vriend(in) Afdrukken

Nu in alle lidstaten de debatten over de toekomst van het Europees landbouwbeleid zijn aangevat, heeft ook ABS zijn visie bijgestuurd en verder uitgewerkt. Centraal blijft de verbetering van het landbouwinkomen staan. “Wij mikken daarbij vooral op het behoud van directe steun, op stabiele markten en op aanbodbeheersing”, schrijft voorzitter Hendrik Vandamme in het ledenblad Drietandmagazine.


In 2013 zal de Europese Unie zijn landbouwbeleid hervormen. EU-landbouwcommissaris Dacian Ciolos is gestart met zijn verkenningsronde en zal met alle landbouworganisaties van alle lidstaten gaan praten. Voor ABS was dit het sein om een aantal statements omtrent het Europees landbouwbeleid in de verf te zetten. “Wij rekenen erop dat wij ook gehoord gaan worden”, aldus Vandamme.

“Waar vroeger het accent lag op produceren, zal in de toekomst meer rekening moeten worden gehouden met de afzet. Het zal een gedragswijziging bij de producent vragen om te produceren wat de klant vraagt”, meent de landbouworganisatie. Volgens ABS zullen marktinformatie en –transparantie en beter leren verkopen daarbij een essentiële rol spelen.

De organisatie hecht enorm veel belang aan stabiele markten. “De oude instrumenten, zoals interventie, zullen nodig blijven. Ook moet er werk gemaakt worden van strategische voorraden”, klinkt het. ABS meent dat de Europese landbouwproductie in de eerste plaats moet afgestemd worden op de interne, Europese markt. Productie voor de mondiale markten is mogelijk als ze niet marktverstorend werkt.

“Landbouwers hebben evenwel de neiging om meer te produceren om hun inkomen op peil te houden, maar daardoor vergroot het marktoverschot juist”, zegt Vandamme. ABS ziet een oplossing in het creëren van structurele kaders die een flexibele en marktgerichte aanbodbeheersing moeten coördineren. Als dit niet lukt, vreest ABS voor een sterke graad van globalisering en een enorme overproductie. De zeer lage prijzen die daar het gevolg van zijn, zullen nauwelijks plaats laten voor kleine en middelgrote bedrijven.

Zolang er geen systeem van aanbodbeheersing werkzaam is, acht ABS directe steun noodzakelijk vanwege de specifieke productiewijze in Europa: kleinere bedrijven, strenge eisen voor onder meer randvoorwaarden en dierenwelzijn. Daarbij zet de landbouworganisatie in op het maximaal behoud van de historische toeslag en niet op een flat rate over alle gronden. Zij vrezen dat vooral grondeigenaars met een flat rate hun voordeel zouden doen. Daarnaast wil ABS ook dat er verder nagedacht wordt over de toewijzing van steun of rechten aan pseudo-landbouwers.

Volgens ABS blijft ook VLIF-steun cruciaal om aan de enorme kapitaalsbehoefte te kunnen voldoen. “Overige subsidies moeten een hulpmiddel zijn om productiehandicaps te vergoeden zodat de vereiste aanpassingen voor milieu en dierenwelzijn kunnen doorgevoerd worden”, zegt de landbouworganisatie.

ABS tempert de verwachtingen omtrent de inkomensverzekering. Zij ziet daarin geen duurzame inkomensgarantie, maar slechts een risicodekking voor calamiteiten. Krachtenbundeling van de producenten in telersverenigingen is volgens ABS een efficiënter middel om een behoorlijk inkomen te verzekeren. “Landbouwers kunnen op die manier meer wegen op de onderhandelingen en meer solidariteit afdwingen, beweert voorzitter Vandamme.

 

bron eigen verslaggeving

06/05/2010