nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

17.10.2013 Belgische staatssteun voor biobrandstoffen dooft uit

De plannen van de Belgische regering om de accijnsverlaging voor zeven producenten van biobrandstoffen - bij wijze van steunmaatregel - over een periode van twaalf maanden uit te faseren, heeft woensdag de goedkeuring gekregen van de Europese Commissie. In De Tijd getuigen de Belgische producenten over de overcapaciteit in Europa en de 'survival of the fittest' die het dreigt te worden.

De producenten die in aanmerking kwamen voor de steunmaatregel, werden in 2006 via een aanbestedingsprocedure geselecteerd. De Commissie keurde de maatregel goed tot 30 september 2013. Afgelopen september vroeg België aan de Commissie om de accijnsverlaging met twaalf maanden te verlengen. Gedurende die periode zou de steun uitgefaseerd worden, zodat de maatregel per 30 september 2014 helemaal uitgedoofd is. Deze regeling krijgt nu het fiat van de Commissie. Het uitdoofscenario is in overeenstemming met de Europese staatssteunregels.

"Met deze uitfasering krijgt België de nodige tijd om de nieuwe regeling op te zetten en krijgt de sector de tijd om zich aan de nieuwe situatie aan te passen", redeneert de Commissie. De producenten zelf zijn er toch niet gerust in, zo blijkt uit hun verhaal in De Tijd. "Het is beter dan niets, maar het is alleszins een stap achteruit", vindt Raf Verdonck van het Oost-Vlaamse bedrijf Oleon, dat in de Gentse haven onder meer biodiesel produceert.

In België heeft het de biodiesel- en bio-ethanolproducenten nooit voor de wind gegaan. Dankzij een combinatie van een quotasysteem, een accijnsvrijstelling en een verplichte bijmenging van biobrandstof aan de pomp leek een vlotte start in 2006 gegarandeerd. Alleen duurde het tot 2009 eer petroleumbedrijven verplicht werden om vier procent biobrandstof bij te mengen aan de pomp. Intussen is dat opgetrokken tot zes procent. De investeringen gebeurden echter met tien procent inmenging, zoals Europa het destijds voorschreef, in het achterhoofd.

De overgangsperiode van een jaar en openstelling van de markt komt dan ook te vroeg, vindt Fons Maes van de Belgian Biodiesel Board. Bernard Claeys van de Belgische Petroleum Federatie, de koepel van de brandstofverdelers in België, ziet het anders. "De bedrijven hebben zes jaar de tijd gehad om zich te lanceren. Als die nu de concurrentie niet aankunnen, moeten we daar toch vragen bij stellen." Maes wijst erop dat de sector een serieuze tegenvaller moet verwerken omdat Europa de regels tijdens het spel heeft aangepast. Niet tien maar maximum zes procent van de hernieuwbare energie voor transport mag uit agrobrandstoffen bestaan. Hij verwijt Europa inconsequentie: "Ze zullen ons wel weer graag zien als olie 150 dollar per vat kost."

De Belgische biobrandstofbedrijven (bio-ethanol en biodiesel) hebben de voorbije jaren ongeveer 550 miljoen euro geïnvesteerd in fabrieken. Die hebben een capaciteit van 1,2 miljard liter. De Belgische markt voor biodiesel en bio-ethanol bedraagt respectievelijk 100 miljoen en 500 miljoen liter. De zeven bedrijven staan volgens de sectorfederaties direct en indirect in voor 2.000 jobs en maken biobrandstof op basis van bijvoorbeeld koolzaad, suikerbieten en tarwe.

Bron: Belga / De Tijd

Volg VILT ook via