nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

"Genmodificatie enige vorm van zuivere landbouw"
15.12.2007  Dirk Inzé - VIB

De polarisatie rond ggo's is groter dan ooit. Voor de goedkeuring van nieuwe gengewassen schoven de ruziënde lidstaten jarenlang de hete aardappel door naar de EU-Commissie, maar ook daar is het nu hommeles. In een dubbelinterview wilden we aan een woordvoerder van Greenpeace en dé Vlaamse ggo-expert Dirk Inzé vragen hoe het in hemelsnaam verder moet. Dat gesprek is er helaas niet gekomen.

Waarom bent u niet bereid om in discussie te treden met Greenpeace?
Dirk Inzé: Als wetenschappelijk directeur van het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) wordt van mij verwacht dat ik oordeel op basis van grondig onderbouwde feiten. 99,99 procent van mijn collega’s wereldwijd is ervan overtuigd dat gentechnologie fantastische mogelijkheden biedt en ongevaarlijk is. Tien jaar na de introductie van ggo-gewassen wordt jaarlijks een areaal van 110 miljoen hectare ingezaaid, en nog niemand is er ziek van geworden. Integendeel, studies wijzen uit dat je met genetische modificatie de kwaliteit van voedingsgewassen kan verbeteren. In die context pik ik het niet dat een organisatie alle wetenschappelijke bewijzen naast zich neerlegt en mensen bang blijft maken om extra leden te werven.

Een dialoog is een brug te ver?
Ik spendeer geen tijd aan dovemansgesprekken. De argumenten waarmee Greenpeace schermt, zijn gebaseerd op semi-wetenschappelijke en onbetrouwbare informatie. Maar goed, ik wil het proces van Greenpeace niet maken…

Volgens de milieuorganisatie kan geen enkele geneticus de langetermijneffecten van de verspreiding van nieuwe genen in het milieu inschatten. Erger nog, de gevolgen zullen onomkeerbaar zijn.
Geen enkele plant in Europa is verwant genoeg aan maïs opdat genetische informatie van de maïsplant er kan binnendringen. Bij koolzaad is dat anders, maar dan komt het er gewoon op aan om voor iedere case afzonderlijk het risico in te schatten. Je moet echter ook weten dat planteneigenschappen in het evolutieproces slechts kunnen overleven in de mate dat ze een selectief voordeel bieden aan de plant in kwestie. Van een onomkeerbaar proces is dus geen sprake. En dan nog, wat is het probleem met de uitwisseling van genetische informatie tussen planten? Iedere tuin staat vol met wilde species die permanent aan kruisbestuiving doen zonder dat er problemen optreden. De uitwisseling van genetische eigenschappen is inherent aan de natuur zelf.

Bent u dan van oordeel dat de Europese Unie veel te strenge toelatingsprocedures hanteert voor nieuwe genteelten?
De criteria zijn heel streng, maar je hoort me niet beweren dat nieuwe ggo-gewassen een blanco cheque moeten krijgen. Ieder geval moet apart beoordeeld worden, waarbij het vanzelfsprekend is dat de risico-evaluatie van de zoveelste herbicidentolerante maïs niet dezelfde tijd en energie moet opslorpen als een compleet nieuwe toepassing. Het probleem is dat sommigen in Europa van wetenschappers eisen dat ze met waterdichte bewijzen de veiligheid van een bepaald gewas aantonen, maar het nulrisico bestaat niet. Je kan eindeloos laboratoriumtests en veldproeven uitproeven, maar vroeg of laat moet je als politicus de knoop durven doorhakken. In de Verenigde Staten koppelt de Food and Drug Administration (FDA) strenge criteria aan een sterk gezag. In Europa heeft iedere lidstaat een vetorecht, ook een land als Oostenrijk dat zich graag profileert met een biologisch imago. Komt daarbij dat de Europese Voedselautoriteit EFSA nog niet dezelfde autoriteit geniet als zijn Amerikaanse tegenhanger.

Voorzichtigheid blijft geboden: er zijn ook al ongelukken gebeurd met gentechnologie.
Waarover gaat het dan? Tien jaar geleden werd genetische informatie van Braziliaanse noten bij een plant geïntroduceerd om de voedingswaarde te verhogen. Uiteindelijk bleek dat het gen bij een minimaal percentage van de bevolking een allergische reactie veroorzaakte. Dat euvel werd tijdig ontdekt, maar op zich is het helemaal niet wereldschokkend: mensen zijn ook allergisch voor kiwi’s en andere producten. Over de hele planeet hebben gezondheidsinstituten zich de voorbije jaren gebogen over gemodificeerd voedsel en ze zijn allemaal tot de conclusie gekomen dat genvoedsel even gezond is als andere voedingsproducten. Neem van mij gerust aan dat in de VS geen mensen sterven door de consumptie van gemodificeerde gewassen. In Italië heeft men gemodificeerde maïs vergeleken met biologische maïs. De opbrengst van de gewijzigde variant bleek tussen 28 en 43 procent hoger te zijn. Even belangrijk is dat in de biologische maïs meer – voor de mens gevaarlijke - mycotoxines werden aangetroffen. Omdat deze resultaten de politici van dienst niet goed uitkwamen, heeft de Italiaanse regering de studie twee jaar lang in de doofpot gestopt. Beleidsmakers moeten ggo’s in de weegschaal durven leggen met de alternatieven. Voor insectenresistente maïs is dat het gebruik van pesticiden. Is dat dan zo veilig? In China schat men dat jaarlijks zesduizend mensen sterven aan het onoordeelkundig gebruik van insecticiden.

Eurocommissaris voor Milieu Stavros Dimas roept het voorzorgsprincipe in tegen de goedkeuring voor Bt11 van Syngenta en 1507 van Pioneer. Hij verwijst daarbij naar enkele onafhankelijke wetenschappelijke studies die een aantal risico's op lange termijn hebben blootgelegd en die niet bestudeerd werden door de EFSA.
De twee wetenschappelijke publicaties waar Dimas zich op beroept, zijn van een zeer bedenkelijke wetenschappelijke allure. De ene studie is met stellige zekerheid onjuist en bovendien meer filosofisch van aard, de andere is uitgevoerd in laboratoriumcondities waarbij je grote vraagtekens kan plaatsen bij de relevantie voor hetgeen in het veld gebeurt. Daartegenover staat dat tal van goed uitgevoerde studies aantonen dat de maïssoorten in kwestie veilig zijn. Van de 40.000 wetenschappers die op onze planeet rond genetische modificatie werken, zal je er altijd wel een vijftal vinden die contra zijn. Voor ieder geneesmiddel dat op de markt is, vind je gegarandeerd een dokter vinden die beweert dat je ervan kunt sterven. Maar toch worden die medicijnen gebruikt, omdat het voordeel voor de maatschappij veel groter is dan het potentiële risico.

Diezelfde maatschappij lijkt zich van ggo’s af te keren. Uit de imagostudie van VILT blijkt dat nauwelijks drie op de tien Vlamingen akkoord gaat met de stelling dat landbouwers de door Europa reeds goedgekeurde ggo-gewassen mogen uitzaaien…
In Zwitserland is uit een grote volksraadpleging gebleken dat 45 procent absoluut voorstander is van transgene gewassen. Ach, milieuorganisaties krijgen heel wat mediaruimte, terwijl het wederwoord van wetenschappers het vaak moet stellen met een klein kaderstukje dat niemand leest. Niettemin geloof ik dat het tij aan het keren is.

Waarom?
De economische druk voor de toelating van meer genteelten neemt toe. Indien Europa zijn nultolerantie voor niet-toegelaten ggo’s handhaaft, dreigt de invoer van soja en maïs uit overzeese gebieden op te drogen, met catastrofale gevolgen voor de veehouderij. Daarnaast komt er ook druk op de mondiale voedselproductie: binnen twintig jaar moeten we in staat zijn om drie miljard meer monden te voeden. Tegelijkertijd zal het landbouwareaal als gevolg van de bevolkingsgroei steeds kleiner worden en moet er plaats gemaakt worden voor de opmars van bio-energie. Verder zullen in een aantal regio’s de welvaart en dus ook de vleesconsumptie toenemen, terwijl voor elke kilogram vlees zeven kilogram graan nodig is. De betoging van de vakbonden tegen de stijgende levensduurte is slechts het topje van de ijsberg. We zitten met een fameus grondstoffenprobleem opgezadeld.

Genetische modificatie gaat dat allemaal oplossen?
Onze landbouw is niet efficiënt omdat we niet de meest moderne technieken gebruiken. Het verschilt van gewas tot gewas, maar je mag toch rekenen dat genteelten voor een opbrengstverhoging tussen tien en twintig procent zorgen. In een land zoals Spanje ligt dat ongetwijfeld nog een stuk hoger omdat daar de insectenschade veel groter is dan bij ons. Voor onze streken is de herbicidentechnologie interessanter. Die producten worden volop gebruikt in de VS, maar zijn hier dus niet toegelaten. Door de dalende landbouwsubsidies wordt het nochtans belangrijk om de productiviteit op een duurzame wijze op te drijven. Is een landbouw met de huidige stikstofbemesting nog milieukundig verantwoord?

De landbouworganisaties hebben zich tot hiertoe erg op de vlakte gehouden over ggo’s. Neemt u hen dat kwalijk?
Organisaties zoals Boerenbond kunnen niet langer aan de zijlijn blijven staan om iedereen te plezieren. Vroeger ging ik regelmatig de boer op, en ik kan u garanderen dat onze landbouwers staan te springen om nieuwe technologieën toe te passen. Als je herbicidentolerantie gebruikt in de bietenteelt moet je niet meer gaan schoffelen. Gemodificeerde aardappelen die resistent zijn tegen de aardappelplaag zijn klaar voor commercialisering. Morgen kunnen die bij wijze van spreken in het veld staan. Vóór 2010 telen de Vlaamse landbouwers transgene gewassen.

Hoe groot zijn de baten voor boeren die ggo’s telen?
Vraag gerust aan Amerikaanse boeren wat de impact van genteelten is op hun inkomen. Het belangrijkste argument waarom landbouwers voor ggo’s kiezen, is de stabiliteit van hun opbrengst. Ik herinner me Amerikaanse katoenplantages waar het haast onmogelijk was om met de wagen rond te rijden door de dichte drommen rupsen die over de weg kropen. Die beestjes waren al lang resistent geworden tegen de massa’s insecticiden die gesproeid werden. Begrijp je dan waarom gemodificeerde katoenplanten op dit ogenblik 95 procent van het wereldwijde katoenareaal inpalmen?

Omdat enkel gewassen met een hoog rendement voor genetische modificatie in aanmerking komen, werken ggo’s de tendens van monoculturen in de hand. Het gevolg is een verschraling van de biodiversiteit.
Daar scoor je een punt. De toelatingsprocedures zijn zo omvangrijk dat de gemiddelde kostprijs voor de commercialisering van een nieuw gemodificeerd gewas tachtig miljoen euro bedraagt. Op die manier blijft het aantal gemodificeerde variëteiten relatief beperkt en dat werkt helaas monoculturen en bijhorende neveneffecten zoals uitbraken van ziektes in de hand. Een goede manier om de genetische diversiteit op te drijven, zijn eenvoudigere procedures voor de toelating van ggo’s. Al zal daarmee het complexe probleem van de biodiversiteit natuurlijk niet opgelost zijn.

Er bestaat evenmin een grote diversiteit aan bedrijven die een woordje kunnen meepraten over gemodificeerde planten. Een handvol bedrijven beslist hoe onze organismen versleuteld worden. Dat geeft geen prettig gevoel.
Er zijn vandaag een zestal grote spelers: Dow, Dupont, BASF, Bayer, Syngenta en natuurlijk Monsanto. Verder zijn er een aantal kleinere bedrijven die zeer goed presteren, zoals Devgen. Van zodra die doorgroeien, riskeren ze natuurlijk opgeslokt te worden door de multinationals. Zelf stond ik aan de wieg van CropDesign, dat inmiddels een onderdeel is geworden van BASF. Persoonlijk heb ik veel liever dat veel meer bedrijven op gelijke voet met elkaar kunnen concurreren. Helaas onderscheidt de genmodificatie zich op dat vlak niet van vele andere economische sectoren.

Wat kunnen ggo’s straks betekenen in ontwikkelingslanden?
Veel ontwikkelingslanden beschikken over een grote hoeveelheid uren zonneschijn. De mogelijkheden om er bijvoorbeeld biomassa te telen voor de productie van bio-energie zijn gigantisch groot. Het is niet voor niks dat de Chinezen grote stukken land kopen in Afrika, hé. Maar ik maak me geen illusies: alles zal afhangen van de politieke wil. Zolang sommigen liever miljarden dollars investeren in wapens, zal de lokale bevolking een tekort hebben aan voedsel, aidsremmers, en dan zal zeker ook de dure biotechnologie er niet doorbreken. Al is er ook een andere reden waarom Afrikaanse landen terughoudend zijn om ggo-gewassen te introduceren: Europa is voor hen een belangrijke afzetmarkt.

Onlangs heeft u gepleit voor hogere onderzoeksbudgetten. Het Vlaams Instituut voor Biotechnologie krijgt toch al aardig wat centen toegestopt?
We klagen niet over onze financiering, maar de voorbije jaren werden we in vergelijking met de geneeskundige tak toch wat stiefmoederlijk behandeld. En dat terwijl voedsel toch essentieel is voor een goede gezondheid en we hier in Gent over laboratoria beschikken die tot de beste van de wereld mogen gerekend worden. Met het voedsel- en energievraagstuk voor onze planeet in het achterhoofd, pleit ik ervoor om nu een tandje bij te steken. In onze pijplijn zitten rijstvariëteiten die in veldproeven een meeropbrengst opleveren tot vijftig procent, zonder dat we genen van andere organismen in de rijstplanten hebben binnengebracht. Daarnaast werken we ook aan planten die goed presteren onder limiterende condities, zoals een gebrek aan stikstof in de bodem of droogte. Vandaag wordt zeventig procent van het beschikbare zoet water gebruikt door de landbouw. Dat is niet houdbaar door de stijgende bevolkingsdruk.

Jullie hebben net een toelating aangevraagd voor een veldproef met genetisch gemodificeerde populieren?
Het is zonde om klassieke maïs- en koolzaadvariëteiten te gebruiken voor de productie van bio-energie. De veredeling heeft die planten geoptimaliseerd als gezonde voedingsbron, wat betekent dat ze voldoende suikers, koolstof, waterstof en stikstof bevatten. Maar voor de energieproductie is stikstof overbodig, brandstof bestaat immers uit koolstof en water. Dus moet je planten op een totaal andere manier veredelen. Door middel van genetische modificatie kunnen we dat proces versnellen. Ik geloof ook dat glastuinders in de toekomst medicijnen en hoogwaardige antilichamen zullen telen, al zullen we waarschijnlijk nog tot 2020 moeten wachten op dergelijke toepassingen. Vergeet niet dat er vijftien jaar verstrijkt tussen een vinding in een labo en een productlancering.

Tijdens het voorjaar heeft de Vlaamse regering een ontwerp van decreet goedgekeurd waarin coëxistentieregels zijn uitgewerkt. Maar zullen de gemodificeerde en biologische gewassen het wel met elkaar kunnen vinden in het kleine Vlaanderen?
Het zal niet makkelijk zijn om een schaderegeling uit te werken en met volledig gescheiden productstromen te werken. Omdat daardoor de kostprijs alweer verhoogd wordt, merk ik dat andere landen afstappen van deze benadering. Eigenlijk is dat ook logisch aangezien gemodificeerde gewassen helemaal veilig en gezond zijn. Ik stel me dan ook de vraag wat het nut is van tolerantiedrempels tegen ggo’s. Ooit heb ik in Australië iemand zien betogen voor genenvrij voedsel, terwijl we dagelijks honderden miljarden genen consumeren van alle soorten organismen.(lacht)

Met die beweringen over coëxistentieregels en tolerantiedrempels dreigt u meer dan ooit verketterd te worden door de biologische landbouwsector.
Genetische modificatie is de enige manier om op een volledig zuivere manier aan landbouw te doen. Biologische telers spuiten met kopersulfaat, nietwaar? Een volledig ecologisch teeltsysteem komt pas binnen handbereik dankzij gemodificeerde teelten. We zijn perfect verzoenbaar met elkaar, maar merkwaardig genoeg positioneren de aanhangers van een biologisch gedachtegoed zich nog altijd als onze grootste tegenstanders.
 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via