Een op drie boeren heeft inkomen buitenshuis nodig

Verstuur naar een vriend(in) Afdrukken

Om te kunnen overleven, heeft 31 procent van de Vlaamse boeren een extra inkomen nodig dat niet uit de landbouw komt. In Wallonië is dat 30 procent, zo blijkt uit de recente vertrouwensindex van het Landbouwkrediet. "De onzekerheid die wij vorig jaar in de sector al vastgesteld hebben, is enorm toegenomen. Zelfs met een partner, die voor een tweede inkomen zorgt, is waardig overleven niet evident", luidt het.


Van de 800 Vlaamse  boeren die ondervraagd werden, zegt 54% over een bijkomend inkomen te beschikken dat niet uit de landbouw komt: 30% heeft een partner die buitenshuis werkt,16% verklaart zelf deeltijds buitenshuis te werken en 8% verklaart een niet-landbouwactiviteit op de boerderij uit te oefenen.

Dit extra inkomen wordt door 58% van deze groep ervaren als absoluut noodzakelijk om rond te komen en 34% verklaart dat dit hen toelaat om gemakkelijker rond te komen. Amper 8% zegt dat dit bijkomend inkomen niet echt nodig is, maar eerder als een extra wordt beschouwd.

De cijfers voor Wallonië zijn gelijklopend. Daar zegt 57% over een tweede, niet-landbouwgerelateerd inkomen te beschikken: 29% heeft een partner die buitenshuis werkt, 19% verklaart zelf deeltijds buitenshuis te werken en 9% verklaart een niet-landbouwactiviteit op de boerderij uit te oefenen. Ook hier benadrukt ruim de helft dat dit extra inkomen absoluut noodzakelijk is om te overleven.

Cijfers die allicht nog zullen toenemen want 14% van de Vlaamse boeren en maar liefst 25% van de Waalse landbouwers zegt nog op zoek te zijn naar een bijkomende job.  "We merken dat de gevolgen van de crisis en het Europees marktbeleid zeer zorgwekkend zijn", zei Luc Versele, de voorzitter van het directiecomité van Landbouwkrediet eerder hierover in een gesprek met VILT.

Maar het geloof in de veerkracht van de Vlaamse land- en tuinbouw blijft onaangetast, verzekerde de topbankier. Volgens Versele is de kostenstructuur van de Vlaamse melkveehouders beter dan die van hun Nederlandse collega’s. "Dat is erg belangrijk op middellange en lange termijn. Het valt me trouwens op dat boeren nog altijd bereid zijn om de eigen arbeid niet of onvoldoende te verrekenen in hun boekhouding. Ik spreek hier geen waardeoordeel over uit, maar het is wel een reden waarom de meeste boeren er vroeg of laat weer bovenop komen".

 

bron eigen verslaggeving

27/07/2009