nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

"Melk is zonder twijfel het best gecontroleerde voedingsmiddel"
24.01.2011  François Achten en Luc De Meulemeester - MCC

Iedere levering van rauwe koemelk aan de zuivelverwerkende industrie wordt nauwgezet gecontroleerd. Melkcontrolecentrum-Vlaanderen, kortweg MCC, checkt jaarlijks meer dan 800.000 monsters uit de melktank van producenten. Omdat overmatig antibioticagebruik in de veehouderij het afgelopen jaar op de korrel werd genomen, vraagt VILT aan MCC of melkveehouders verstandig omspringen met dit geneesmiddel. Voorts vernemen we van voorzitter François Achten en directeur Luc De Meulemeester welke andere parameters van melk gecontroleerd worden en wat de resultaten ons leren over de hygiëne en samenstelling van melk.

Waarvoor worden antibiotica in de melkveehouderij gebruikt?
Luc De Meulemeester: Antibiotica (o.a. penicillines, tetracyclines, macroliden) en chemotherapeutica (o.a. sulfonamiden) worden al decennialang ingezet ter behandeling van allerhande infecties. Mastitis is wellicht de belangrijkste reden waarom deze geneesmiddelen worden toegediend. Deze uieraandoening wordt veroorzaakt door koe- of omgevingsgebonden kiemen die een ontstekingsreactie veroorzaken in de uier. Hierdoor stijgt het celgetal (het aantal witte bloedcellen) in de melk en vermindert de melkproductie. Behalve voor de behandeling van uierontstekingen, worden antibiotica ook gebruikt voor klauwproblemen, ademhalingsaandoeningen en vruchtbaarheidsstoornissen.

Welke maatregelen moet een melkveehouder treffen om te vermijden dat antibiotica in de melktank terecht komen?
Luc De Meulemeester: Ieder geneesmiddel heeft een bepaalde wachttijd die gerespecteerd moet worden alvorens het vlees of de melk geleverd mag worden. De wachttijd staat duidelijk vermeld op de bijsluiter van het middel. Bovendien zal de behandelende dierenarts de veehouder hiervan nog eens formeel op de hoogte stellen. Iedere melkveehouder zal na afloop van de reguliere wachttijd nogmaals de melk zelf controleren met een eenvoudige test die hij zelf kan uitvoeren. Een goede identificatie van de koeien is essentieel zodat de melk van de behandelde dieren niet in de melktank terecht komt.

Antibioticagebruik in de veehouderij werd in 2010 een thema door de opschudding rond bacteriën met ESBL-enzym bij braadkippen die hun resistentie kunnen overdragen op bacteriën bij mensen. Is het antibioticagebruik bij melkvee ook problematisch?
François Achten: Antibioticagebruik - geneesmiddelengebruik in het algemeen - is altijd al een belangrijk item geweest in de melkveehouderij, maar de jongste tijd wordt er inderdaad meer ruchtbaarheid aan gegeven. Het gebruik van antibiotica in de melkveehouderij is niet toegenomen, dat kan men althans niet afleiden uit het aantal positieve testen. Integendeel, steeds meer dierenartsen en veehouders worden er zich van bewust dat met antibiotica zorgvuldig dient te worden omgegaan. Een dergelijke evolutie zien we trouwens ook in de humane geneeskunde.

Hoeveel melk test ondanks de bewustwording en de voorzorgsmaatregelen positief op kiemremmers zoals antibiotica?
François Achten: Op meer dan 780.000 controles van tankmelk testen circa 1.000 monsters bij een eerste onderzoek positief. In minder dan de helft daarvan wordt de aanwezigheid van kiemremmers (antibiotica en chemotherapeutica) bevestigd. Dit betekent dat slechts 0.06 % van alle melkmonsters effectief positief reageert op kiemgroeiremmende stoffen. Een goed resultaat waarvan de consument op de hoogte mag zijn zodat hij beseft dat iedere melklevering aan de zuivelfabriek streng wordt gecontroleerd op deze stoffen. De zuivelsector blijft niettemin verder inspanningen leveren om dit kleine percentage verder naar beneden te krijgen. Bij ieder positief resultaat wordt de fieldwerking van de zuivelindustrie onmiddellijk ingeschakeld : er wordt ter plaatse nagegaan welke producten er recent gebruikt werden en of alle preventieve maatregelen werden gerespecteerd. Bovendien zullen de partners in de zuivelsector gezamenlijk de schouders zetten onder een sensibiliseringsactie die in de nabije toekomst van start gaat.

Wat zijn voor de landbouwer de gevolgen van een positieve test?
Luc De Meulemeester: Een positieve remstoffenproef waarvan het resultaat na verder onderzoek bevestigd wordt, heeft voor de melkveehouder ernstige gevolgen. Er volgt een onmiddellijke opschorting van levering aan de zuivelfabriek. Die wordt pas opgeheven nadat de melk van de daaropvolgende levering vooraf op de hoeve is getest en vrijgegeven. Bovendien krijgt de veehouder een aanzienlijke financiële boete voor de geleverde liters melk die positief testen en kan de zuivelfabriek productaansprakelijkheid inroepen. Veehouders die binnen een termijn van 12 maanden viermaal een positieve test afleveren, krijgen bovendien een leveringsverbod voor langere duur opgelegd. Het zijn met andere woorden strenge maatregelen, maar zij werpen hun vruchten af en werden destijds opgesteld na overleg met de zuivelverwerkers en de landbouworganisaties.

Hoe zit de werking van het MCC in elkaar?
Luc De Meulemeester: Melkcontrolecentrum-Vlaanderen is een interprofessioneel organisme, wat betekent dat in het beheer van MCC de producenten (melkveehouders) en de kopers (zuivelindustrie) paritair vertegenwoordigd zijn. Onze organisatie is verantwoordelijk voor de bepaling van de kwaliteit en de samenstelling van de rauwe koemelk die geleverd wordt aan de zuivelindustrie. MCC voert deze analyses uit conform de Europese en nationale wetgeving en is hiervoor door het Voedselagentschap en de Vlaamse overheid erkend. Om de controles correct te kunnen uitvoeren, werken wij nauw samen met onderzoeksinstellingen. Zo houdt het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek (ILVO) toezicht op de kwaliteit van de gebruikte reagentia en het aanleveren van referentiemonsters. MCC onderhoudt ook goede contacten met de Faculteit Diergeneeskunde van de UGent en er bestaan formele samenwerkingsovereenkomsten met Diergezondheidszorg Vlaanderen (DGZ) en Coöperatie Rundveeverbetering (CRV).

Behoort het terugkoppelen van de resultaten tot jullie takenpakket?
Luc De Meulemeester: Levert een controle een ongunstig resultaat op, dan wordt dat onmiddellijk telefonisch meegedeeld zodat de melkveehouder meteen kan ingrijpen. Hierbij kan hij steeds beroep doen op het advies en de begeleiding van de MCC-melkwinningsadviseurs. Dit gebeurt meestal in nauwe samenwerking met de fieldwerking van de zuivelindustrie. Van zodra de kwaliteitsanalyses gekend zijn, worden deze op de website geplaatst. Iedere producent kan zijn resultaten raadplegen via MelkNet na ingave van het leveraarsnummer en een persoonlijke code. Iedere maand ontvangt de producent hoe dan ook van MCC een maandrapport en een maandbeoordeling. Als stimulans en beloning worden ieder jaar een 30-tal melkveehouders door MCC bekroond met een bijzonder kwaliteitscertificaat. Dit diploma wordt uitgereikt op basis van het behalen van uitstekende hygiënische parameters (kiemgetal, celgetal, coligetal) die ver onder het wettelijk minimum liggen.

Er zijn dus nog andere parameters dan kiemremmers waarop de melk wordt gecontroleerd?
François Achten: Melk is zonder twijfel het best gecontroleerde voedingsmiddel vooraleer het in consumptie komt. Iedere melklevering wordt niet alleen getest op kiemgroeiremmende stoffen, maar ook op het vriespunt en de samenstelling van de melk. Onder samenstelling verstaan we het vet-, eiwit- en ureumgehalte van de melk, wat gerelateerd is met de voeding van de koeien. Het vriespunt geeft een idee over eventuele bijmenging met water, wat meestal een ongelukje is als gevolg van het schoonspoelen van de melktank. De hygiënische kwaliteit van de melk wordt op regelmatige basis nagegaan aan de hand van het celgetal en het totale kiemgetal. Deze parameters geven een beeld van de globale uiergezondheid van de melkveestapel en de hygiënische omstandigheden waarin de melk gewonnen en bewaard wordt op de hoeve. Voor melk die onder een kwaliteitslabel wordt geleverd, komt daar nog de bepaling van het coligetal bovenop. Naast de reguliere controles heeft de Belgische zuivelindustrie (BCZ) in het kader van de autocontrole een monitoringssysteem ontwikkeld waarbij een aantal extra parameters worden onderzocht zoals de aanwezigheid van dioxines, Listeria (bacterie die overdraagbaar kan zijn op de mens) of stafylokokken (waarvan enkele stammen resistent zijn tegen sommige antibiotica). De bijkomende monitoring gebeurt op at random genomen tankmelkmonsters en dus niet op iedere levering. De resultaten hiervan zijn in ieder geval zeer goed.

Is de samenstelling van melk doorheen de jaren veranderd?
François Achten: Wat de hygiënische parameters (kiem- en celgetal) betreft, is er zonder twijfel een enorme vooruitgang geboekt in vergelijking met pakweg 20 jaar geleden. Die positieve evolutie neemt niet weg dat waakzaamheid geboden blijft ten opzichte van bijvoorbeeld het celgetal, de parameter voor de uiergezondheid op het bedrijf. Wat de samenstelling van de melk betreft, hebben we een gestage stijging van het vetgehalte meegemaakt, wat we vooral te danken hebben aan een goede selectie en een betere kennis van de voeding van de hoogproductieve melkkoe. De laatste jaren is de samenstelling, zowel vet- als eiwitgehalte, quasi stabiel gebleven. Tal van wetenschappelijke publicaties hebben intussen bewezen dat melk een gezond voedingsmiddel is: melk is onder andere de belangrijkste bron van calcium en heeft een preventief effect op de ontwikkeling van bepaalde kankers.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via