Gedragscode voor de voedselketen in de maak

Verstuur naar een vriend(in) Afdrukken

De verschillende spelers in de voedselketen leggen de laatste hand aan een gedragscode over eerlijke contracten, stabielere voedselprijzen, opzegtermijnen en betaaltermijnen. Dat meldt Boerenbond-voorzitter Piet Vanthemsche in De Tijd. "We willen onze relaties op een meer duurzame verhouding baseren. De extreme volatiliteit in de prijzen moet eruit", zegt Vanthemsche.


De gedragscode wordt eerstdaags ondertekend door de distributiefederatie Fedis, de voedingsindustrie Fevia, de zelfstandigenorganisatie Unizo, de federatie van mengvoederfabrikanten BEMEFA en de landbouworganisaties. Het convenant moet vermijden dat boeren voor winkels protesteren tegen de lage prijzen die ze krijgen, terwijl warenhuizen pronken met stuntprijzen voor groenten en fruit.

“We willen onze relaties op een meer duurzame verhouding baseren. De extreme volatiliteit in de prijzen moet eruit, daar zijn alle partners het over eens”, zegt Vanthemsche. Hij ziet de gedragscode als een mijlpaal in het ketenoverleg en heeft er vertrouwen in dat de code zal worden nageleefd. Warenhuizen die dat niet doen, zijn gewaarschuwd. “In dat geval zullen we hen aanvallen op hun fair imago. We weten dat dit voor hen cruciaal is”, aldus Vanthemsche.

Gelukkig spelen er in het ketenoverleg gemeenschappelijke belangen. Zo zou een uniform kwaliteitscontrolesysteem zowel de boeren als de voedselketen veel geld besparen.”Nu stelt iedereen eigen normen op en moet de boer verschillende lastenboeken volgen”, bemerkt Vanthemsche. “Wie extra kwaliteitseisen vraagt boven de wettelijke of de algemeen afgesproken kwaliteitsstandaard, zal daar voor moeten betalen".

Ketenoverleg zal een belangrijke rol blijven spelen in de toekomst. “Er zullen meer allianties ontstaan in de voedselketen en boeren zullen meer vraaggericht moeten produceren”, blikt Vanthemsche vooruit. “Je merkt het al aan de trend ‘retail goes local’: de authenticiteit van het aanbod –kwaliteit van hier- wordt belangrijker als verkoopsargument.

De landbouwsector zal aandachtig moeten inspelen op die nieuwe trends om niet vergeten te worden als economische sector. “Landbouw wordt als primaire sector overvleugeld door de dienstensector. Het aandeel van landbouw an sich in het bruto binnenlands product stelt niet zo veel voor”, erkent Vanthemsche. “Maar als je de hele agrovoedingsketen neemt, zijn we de op één na grootste sector inzake tewerkstelling. En in de lijsten van de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie staat België helemaal bovenaan als exporteur van landbouw- en voedingsproducten”, benadrukt Vanthemsche het belang van de sector.

 

bron Belga/De Tijd

17/05/2010