nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  


20.02.2007  Immunocastratie voor welzijn van big én boer

Pfizer moest de voorbije weken meer dan één bittere pil slikken. Er kondigt zich een zware sanering aan en op de koop toe verloor het bedrijf een proces over de Chinese naam van de Viagra-pil. Belangrijker voor boeren is dat Pfizer hard werkt aan de registratie van een entstof voor de immunocastratie van biggen. “We beloven dat het gebruik economisch voordeel zal opleveren voor varkenshouders”, luidt het bij Pfizer.

Verhofstadt bezocht op 16 januari de Pfizer-vestiging in Puurs, waar elf miljoen euro geïnvesteerd wordt om straks een geneesmiddel tegen glaucoom te produceren dat bestemd is voor de Amerikaanse markt. Eigenlijk had de premier een bezoek moeten brengen aan de site in Louvain-la-Neuve. Gespreid over twee jaar investeert Pfizer op die locatie bijna vier keer zoveel in de bouw van een proeffabriek voor de ontwikkeling van veterinaire vaccins, de installatie van een nieuwe productielijn voor het vullen van plastic vaccinflesjes en de renovatie van een volledige productie-eenheid waar twee vaccins voor varkens zullen geproduceerd worden. Het ene beschermt de dieren tegen longontsteking, het andere middel is het fameuze Improvac, de entstof die in Australië en Nieuw-Zeeland al negen jaar een alternatief biedt voor de omstreden biggencastratie.

Sociale zekerheid? Over ziekte- en pijnbestrijding moet niemand Pfizer een lesje leren. Een eeuw na zijn oprichting in 1849 brak het bedrijf internationaal door dankzij de massaproductie van penicilline met het oog op de landing van de geallieerde troepen in Normandië. Anno 2007 gaat het bedrijf er prat op dat het elke dag 38 miljoen patiënten helpt. Daarvoor zorgen meer dan 100.000 werknemers in 135 landen, die samen een zakencijfer realiseren van 37,3 miljard euro. Met een dagelijks budget van bijna 27 miljoen euro voor onderzoek en ontwikkeling is Pfizer de voornaamste private investeerder in biomedisch onderzoek. Met zo’n rapport kan het bedrijf zich zonder veel overdrijving profileren als bijna onvermijdelijke “partner-in-gezondheid” voor eender welke regering.

Hoewel, Pfizer is intussen zelf ook bezig aan een gezondheidskuur. In oktober vorig jaar kondigde ceo Jeffrey B. Kindler aan dat de kosten nog verder gedrukt moeten worden dan de ruim drie miljard euro eerder aangekondigde besparingen. Begin dit jaar volgde de mededeling dat wereldwijd 10.000 banen verdwijnen. Vanommeslaeghe maakt zich niet al te ongerust: “Eén van de oorzaken voor de saneringsgolf is de tegenslag met Torcetrapib, een middel dat de ‘goede cholesterol’ verhoogt. Door negatieve testresultaten in het finale ontwikkelingsstadium van dit product is één miljard euro zomaar in rook opgegaan. Men heeft ons in elk geval beloofd dat aan de diergeneeskundige tak van Pfizer niet fundamenteel geraakt wordt. Zopas werd trouwens nog de overname afgerond van Embrex, een bedrijf dat de technologie ontwikkeld heeft om kuikens in het ei te vaccineren tegen onder meer de ziekte van Marek”.

In ons land zouden slechts 83 van de in totaal 3.200 werknemers hun job bij Pfizer verliezen. Misschien heeft dit te maken met het feit dat België sinds 1953 als strategische uitvalsbasis voor de Europese markt fungeert. Getuige hiervan zijn de acht vestigingen, die samen goed zijn voor drie procent van de wereldwijde tewerkstelling bij Pfizer en 0,7 procent van het wereldwijde zakencijfer dat het concern realiseert. Deze verhouding betekent dat in ons land extra zwaar geïnvesteerd wordt in productie maar ook onderzoek, met name 23 miljoen euro per jaar. Veehouders moeten deze cijfers enigszins relativeren: slechts vier à vijf procent van het totale bedrijfsbudget vloeit naar de diergeneeskunde. “Maar zelfs dan gaat het natuurlijk nog altijd over aanzienlijke geldsommen”, glimlacht Vanommeslaeghe. “Met een wereldwijde omzet van bijna 1,8 miljard euro is Pfizer ook de grootste producent van diergeneesmiddelen”.

Zuiver geweten Het gaat de mondiale industrie van diergeneesmiddelen overigens voor de wind. In 2005 was die goed voor een omzet van 11,5 miljard euro. De jongste jaren boekt de sector reële groeicijfers van een kleine drie procent. Belangrijke productcategorieën zijn medicinale voederadditieven, de zogeheten biologicals en infectiebestrijders. Het grootste marktaandeel gaat naar de groep diergeneesmiddelen die de strijd aanbinden tegen parasieten zoals wormen, teken, vlooien, schurftmijten, enzovoort. Europa en Noord-Amerika zijn samen goed voor 70 procent van de mondiale markt. Meer dan een kwart van de omzet in diergeneesmiddelen gaat naar behandelingen voor runderen, terwijl de varkens en kippen het moeten stellen met een aandeel van respectievelijk 16,3 en 11,2 procent. De producten voor gezelschapsdieren nemen het leeuwenaandeel van de omzet voor hun rekening.

De groeiende markt heeft Pfizer de voorbije jaren gestimuleerd om zijn Animal Health-afdeling stap voor stap uit te bouwen. Dat gebeurde door de overname van de diergeneeskundige afdeling van SmithKline Beecham in 1995 en die van Pharmacia Upjohn vier jaar geleden. Het totale productengamma voor de Belgische markt beslaat een honderdtal diergeneesmiddelen, waarvan twee derde bestemd is voor de veestapel. Dat is niet niks, aangezien de ontwikkeling van elk product ruim tien jaar duurt. Precies om de ontwikkeling, registratie en marktintroductie van innovaties vlotter te laten verlopen, bouwt Pfizer in Louvain-la-Neuve een fabriek van drie verdiepingen voor de ontwikkeling, het vullen en het vriesdrogen van veterinaire vaccins. Nu al vinden vanuit deze site ruim vierhonderd afgewerkte producten hun weg naar alle landen van de Europese Unie, maar ook naar de Verenigde Staten en Mexico. Alles samen gaat het om een jaarvolume van ongeveer 125 miljoen dosissen vaccins, goed voor een omzet van zo’n 120 miljoen euro.

De veestapel slikt dus een pak geneesmiddelen. De residubewaking is erg streng, maar hoe zit het met de toenemende antibioticaresistentie? “Als je de gebruikte hoeveelheden antibiotica in de humane en veterinaire geneeskunde vergelijkt, dan plaats ik grote vraagtekens bij de bewering dat diergeneesmiddelen een relevante rol spelen in de resistentieproblematiek”, zegt Vanommeslaeghe, die ons meermaals op het hart drukt dat Pfizer er een erezaak van maakt om “correcte én uitgebreide voorlichting” te verstrekken aan dierenartsen. “Verkeerd gebruik leidt tot meerdere behandelingen van steeds weer dezelfde aandoening, en dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. Daarom is het goed dat we de voorbije jaren drie antibiotica ontwikkelden waarbij één enkele injectie volstaat voor de hele therapie”. Ook van commerciële woekerpraktijken die het fenomeen van de autostradedierenartsen in de hand werken, distantieert het bedrijf zich uitdrukkelijk: “Bij Pfizer heeft elk flesje dezelfde prijs, ongeacht de aangekochte hoeveelheden. De nieuwe wet op de diergeneesmiddelen bepaalt overigens dat fabrikanten hun producten enkel nog mogen verkopen aan de groothandel. Alleen voor gemedicineerde voormengsels bestaat een uitzondering: die mogen rechtstreeks geleverd worden aan mengvoederbedrijven, mits die over de nodige licenties beschikken”.

Boerenwelzijn Vanommeslaeghe is enthousiast over enkele nieuwe producten die Pfizer volop aan het commercialiseren is. In de VS is zopas de registratie afgerond voor een middel tegen zwaarlijvigheid bij honden. In de Europese Unie is de introductie van het product voor immunocastratie een erg belangrijk dossier. Het gaat om een entstof die zo’n tien jaar geleden al ontwikkeld werd door CSL, een lokale geneesmiddelenproducent in Australië. Sinds dat bedrijf in 2004 overgenomen werd door Pfizer is het product begonnen aan een wereldwijde veroveringstocht. Het wordt intussen ook al gebruikt in enkele Aziatische landen en Zuid-Afrika, terwijl recent de registratieprocedure afgerond werd in Zwitserland. Via een erkenning in Spanje wil Pfizer de poort naar de andere EU-lidstaten openbeuken. Waarom de Europese erkenningsprocedure uitgerekend in Spanje werd ingeleid? “Dat is een interne beslissing, maar Spanje is een belangrijk varkensland en de slachthuizen hebben er al ervaring omdat ze vaak niet-gecastreerde varkens over de vloer krijgen”, legt Vanommeslaeghe uit.

De Vlaamse varkensboeren hebben veeleer gemengde gevoelens bij het castratiedossier. Er is geen veehouder te vinden die voor zijn plezier biggen castreert, maar de voorgestelde oplossingen roepen vraagtekens op. Zal de kritische consument de immunocastratie van varkens niet associëren met een hormonale behandeling? “De entstof reduceert het gewicht van de testikels met twee derde en doet de testosteronproductie van het varken dalen, hetgeen de aanmaak van skatol en androstenon onderdrukt. Precies die stoffen zijn verantwoordelijk voor de berengeur die bij intacte beren kan opduiken. Maar het product is geen hormoon op zich en het veroorzaakt evenmin hormonale bijwerkingen”, garandeert dierenarts Willem Neirynck, die bij Pfizer de technische varkensvraagstukken oplost. “De varkensboeren moeten zich helemaal geen zorgen maken over het consumentenvertrouwen, ook de voedselveiligheid blijft honderd procent verzekerd”.

Indien er de komende jaren geen wettelijk verbod komt op biggencastratie zal Pfizer wel de boer op moeten om de sector te overtuigen van het nut van immunocastratie. Hoewel het middel naar verwachting ten vroegste eind 2008 beschikbaar zal zijn voor de Belgische markt is het lobbywerk bij de diverse schakels in de productieketen nu al aan de gang. Bij Pfizer geloven ze resoluut in de commerciële slaagkansen voor het middel in kwestie. Neirynck: “Ons product vermijdt de pijn, stress, uitval en infecties die gepaard gaan met chirurgische castratie. Bovendien is het zo dat niet-gecastreerde beren ongeveer tien procent minder voeder nodig hebben om hetzelfde gewicht te bereiken in vergelijking met hun gecastreerde soortgenoten. Intacte dieren groeien bovendien sneller en maken zo’n tien procent minder vet aan, wat bij de eindafrekening in het slachthuis dus meer mager vlees oplevert. De betere voederconversie levert minder mest op en de dubbele vaccinatie bij immunocastratie maakt de varkens ook nog eens minder agressief”. De vaccins zullen evenwel niet gratis zijn, proberen we als tegenargument op te werpen. “We zorgen er zeker voor dat er voor de boer ruim economisch voordeel overblijft om hem over de streep te trekken. Varkensboeren en biggen hebben in dit dossier gelijklopende belangen”.
 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via