Inbo maakt grondige studie over vossenpopulatie

Verstuur naar een vriend(in) Afdrukken

Uit een proefproject van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (Inbo) in de Vlaamse Ardennen blijkt dat er sinds 2007 geen sprake meer is van een toename van het aantal vossen. Er is eerder sprake van een status-quo of zelfs van een lichte afname. Dat heeft Vlaams minister Joke Schauvliege gezegd in de commissie Leefmilieu van het Vlaams parlement.


Een aantal parlementsleden maakt zich zorgen over de vossenpopulatie in Vlaanderen. "Uit de afschotcijfers van het Inbo blijkt immers dat de populatie spectaculair toeneemt", aldus Vera Van der Borght (Open Vld). "In 2002 zijn er 4.606 vossen geschoten. In 2007 bedroeg dat reeds 9.405. Vorig jachtseizoen werd voor het eerst de kaap van 10.000 geschoten vossen overschreden. De vossenexperts van het Inbo verklaarden dat de populatie zichzelf op termijn zou reguleren, maar niets is minder waar".

In 2006 werd in de jachtwetgeving voorzien dat bijzondere veldwachters het hele jaar door op vossen mogen jagen op het terrein van hun jachtrechthouders. "In de praktijk is het echter moeilijk om op te treden", merkt Jan Verfaillie (CD&V) op. "De bijzondere veldwachter mag immers niet optreden tussen zonsondergang en zonsopgang, terwijl de vos een nachtdier is. Veldwachters zouden dus bij nacht moeten kunnen jagen ofwel dient de bescherming van vossenburchten opgegeven te worden".

Bij Groen! staat men versteld van de pleidooien voor het afknallen van vossen. "Als een vos wordt afgeschoten, wordt zijn territorium vaak gewoon overgenomen door een andere vos. Om het zogenaamde vossenprobleem in Vlaanderen op te lossen, zouden we dus alle dieren moeten afschieten", zegt Hermes Sanctorum. "De enige manier om het probleem op te lossen, is promotie maken voor de bescherming van kleinvee via gepaste afscherming".

Minister Schauvliege relativeert de waarde van de afschotcijfers van het Inbo. "Het kan gewoon zijn dat men de cijfers nu beter bijhoudt of rapporteert", luidt het. Of de bejaging bij nacht noodzakelijk is, moet blijken uit een studie die het Inbo maakt op vraag van het Agentschap voor Natuur en Bos. Die studie moet een goede evaluatie van de situatie inhouden en zal informatie opleveren om desnoods het beleid bij te sturen, zegt Schauvliege.

Aan het eind van het debat raakten Van der Borght en Sanctorum het niet eens over de impact van vossen op de populatie weide- en akkervogels. Sanctorum verwees naar een studie van het Inbo waaruit zou blijken dat er nauwelijks een probleem is. "In het Zwin heeft men een specifieke toelating gegeven om de vos te bejagen omdat er een drastische daling is van bepaalde vogels sinds de stijging van de vossenpopulatie", antwoordde Van der Borght.
 

 

bron eigen verslaggeving

07/12/2009