"Klimaatproblemen doen prijs groenten en fruit stijgen"

Verstuur naar een vriend(in) Afdrukken

Onzekere oogsten door toenemende klimaatproblemen en de opkomst van kieskeurige consumenten in Azië zullen het de Europeanen steeds moeilijker maken om aan groenten en fruit te geraken. “De crisis in de tuinbouw heeft het een beetje getemperd, maar wereldwijd is er een structureel tekort. Dat zal in alle hevigheid terugkomen”, zegt Hein Deprez van Univeg.


Hoewel de groente- en fruitsector momenteel een ongeziene crisis doormaakt, ziet Deprez een nakende kentering. “We verwachten een wereldwijd tekort aan groenten en fruit. De consumenten zullen daarvan de rekening betalen. We zullen de echte waarde van voeding moeten leren accepteren, en ervoor betalen”, meent de Univeg-topman. “Het stopt een keer. En daar zijn we heel dicht bij”.

Om zelf niet het slachtoffer te worden van de klimaatproblemen koopt Univeg, wereldspeler op vlak van groente- en fruithandel, landbouwgronden die het zelf exploiteert. Die gronden bevinden zich in erg droge gebieden. Volgens Deprez zijn die bewust gekozen, met telkens rivieren in de buurt die zorgen voor voldoende aanvoer van water. “Zulke gebieden zijn zeldzaam, maar ze bestaan. Zo hebben we 4.000 ha in het Zuid-Amerikaanse Patagonië, met een enorme aanvoer van water vanuit de Andes via een rivier”, klinkt het.

Over heel de wereld heeft Univeg 8.000 ha in zijn bezit. Rond het eigen teeltgebied verzamelt het andere tuinbouwers. “Die krijgen begeleiding zodat ze met de standaarden en normen van Univeg werken. Op die manier bouwen we clusters uit, compleet met verpakkingslijnen en een logistieke ketting”, stelt Deprez.

In Nederland heeft het bedrijf leveringscontracten lopen met tuinbouwers. Zij telen op maat van de klanten van Univeg zodat zij zonder overschotten zitten. Dergelijke contractteelt vind je veel minder in Vlaanderen. “Met alle gevolgen vandien”, zegt Hein Deprez. “Vlaamse tuinders zijn van mening dat ze na een jaar met goede prijzen zomaar hun teelt kunnen verdubbelen. Maar ze vergeten dat de vraag van de klanten amper groeit. Zo creëer je ongelukken”.

In Vlaanderen zijn vooral de veilingen populair. Misschien verkopen de Vlaamse tuinbouwers hun producten liever via deze weg omdat ze er betere prijzen krijgen? “Als wij telers geen goede prijs zouden geven, willen ze met ons geen zaken doen. Wij kunnen een interessante prijs bieden omdat we de behoeften van het warenhuis kennen en zo alle overbodige kosten uit onze logistieke ketting kunnen halen. Er wordt geen verpakking verspild en er is geen onnodige opslag en transport. Door de dagelijkse leveringen aan vaste klanten wordt ons systeem bovendien heel goedkoop”, weet Deprez.

Maar waar moet de Vlaams fruitboer met zijn producten naartoe als Univeg morgen beslist om zijn appels in Chili te kopen? Volgens Rudi De Becker, sinds kort CEO van het bedrijf, heeft Univeg er geen belang bij om zijn telers zomaar te laten vallen. “Als we aan onze supermarkten constante kwaliteit willen leveren, dan moeten we onze telers een behoorlijk perspectief bieden”. Al zijn ook daar grenzen aan. Wie onvoldoende werkt aan zijn kwaliteit, gaat eruit bij Univeg.

Deprez vreest dat de kleinschaligheid van de Vlaamse tuinbouwsector een struikelblok kan vormen. “Een modern tuinbouwbedrijf vestigt zich naast de industrie om restwarmte te recupereren van bedrijven. Het zal investeren in een warmtekrachtkoppelingsinstallatie. Maar dat soort investeringen vergt schaalgrootte. Veel dynamische glastuinbouwers willen wel uitbreiden, maar krijgen geen vergunning door stedenbouwkundige voorschriften. Daardoor bloedt de sector stilaan doodt”, besluit hij.

 

bron De Tijd

29/03/2010