nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 


25.03.2007  Koolzaadolie als brandstof: pompen of verzuipen?

Ruim een jaar geleden kopten de kranten enthousiast dat het koolzaadareaal vertienvoudigd was tot 800 hectare. Wat blijft er nog over van de hype? We gingen kijken bij Green Energy Creations, het bedrijfje dat enkele maanden geleden het eerste tankstation met koolzaadolie opende. Om te kunnen groeien, kijkt men er reikhalzend uit naar de oprichting van een nieuwe boerencoöperatie van koolzaadtelers.

Vooraf wisten we niet goed wat we ons moesten voorstellen bij dat eerste tankstation voor pure plantenolie. Dat het niet om een brugconstructie over de E17 zou gaan, hadden we ingecalculeerd. Uiteindelijk belanden we in een achterbuurt van Gentbrugge, waar enkele maanden geleden een nagelnieuw bedrijvencentrum voor startende ondernemers in de sociale economie werd ingeplant. De drie werkende vennoten van Green Energy Creations huren er een depot en enkele bescheiden kantoorruimtes die deel uitmaken van een grote loods. Geert Neckebroeck (41) leidt ons naar een eenvoudig ogende installatie met pomp en teller. Dat is het dan. Of toch niet, want in hetzelfde magazijn staan ook energie-efficiënte bouwmaterialen en gebruiksvoorwerpen uitgestald. Gaande van hennepkledij tot compostversnellers en wellnessproducten op basis van menslievende micro-organismen.

Man met energie. Geert Neckebroeck was ooit buurtwerker in Anderlecht. Vijftien jaar geleden trok hij onder het vaandel van de Friends of the Earth naar de Verenigde Staten voor een drie maanden durende mars tegen kernproeven op het grondgebied van de Navajo- en Hopi-indianen. Om de tiende verjaardag van de Tsjernobyl-tragedie te herdenken, wandelde hij vervolgens van Brussel naar Moskou. Daarna ging het richting Denemarken om er een stage over hernieuwbare energie te volgen. “Daar zijn mijn ogen pas echt opengegaan”, klinkt het. “Een derde van Denemarken draait al meer dan een decennium volledig op hernieuwbare energie, terwijl we in ons land nog altijd blijven steken op één procent. Het is gewoon een kwestie van politieke wil. De Denen hebben misschien meer wind, maar je kan moeilijk beweren dat de zon er harder schijnt dan bij ons”.

Bij zijn terugkeer verstuurde Neckebroeck meteen een brief naar toenmalig burgemeester Frank Beke, met daarin een vurig pleidooi voor de oprichting van een ecologisch dienstencentrum in het Gentse stadscentrum, met onder meer een wereldwinkel en biorestaurant. Het stadsbestuur mocht in de plannen een infoloket voor energievriendelijke toepassingen bemannen. Het politieke water bleek te diep. Samen met een gelijkgezinde pionier zette Neckebroeck dan maar zonder overheidssteun zijn schouders onder het Gents Ecologisch Centrum. Aanvankelijk was het een luchtkasteel vol idealen, vandaag is het een coöperatieve vennootschap met 188 aandeelhouders, gevestigd in een pand aan het Gentse stationsplein. In dit demonstratiehuis van duurzame energietoepassingen zijn organisaties zoals Oxfam Wereldwinkel, Voor Moeder Aarde en Ecocert gehuisvest. Intussen boekt het project op jaarbasis een winst van zo’n 10.000 euro.

Na een aantal jaren vrijwilligerswerk hield Neckebroeck het voor bekeken bij het Gents Ecologisch Centrum. Samen met enkele andere avonturiers bouwde hij een oude stadsschool om tot woonpand met de nieuwste snufjes inzake energiebesparende technologie. Tussendoor ging hij lesgeven, tot het bedrijvencentrum De Punt zijn pad kruiste. “Na zoveel stages, bijscholingen en werkervaringen vond ik het eindelijk tijd om zelf als ondernemer duurzame energietoepassingen dichter bij de consument te brengen. Met drie mensen geven we advies en verkopen we milieu- en mensvriendelijke koolzaadolie, bouwmaterialen en dagdagelijkse gebruiksvoorwerpen. Dit is echt mijn ding. Al heb ik na vier maanden al wel het gevoel dat we veel meer consumenten zouden kunnen bereiken indien we elders nog over een winkel of afhaalpunt zouden kunnen beschikken”.

Klein wereldje. Green Energy Creations is een coöperatieve vennootschap met sociaal oogmerk: eventuele winst wordt grotendeels geherinvesteerd in sociaalecologische projecten en vloeit slechts in beperkte mate terug naar de aandeelhouders. Naast de werkende vennoten bezitten ook EcoPower, de Leuvense boekhandel Johannes en het Gents Ecologisch Centrum een pakketje aandelen. Net nadat het uitvoeringsbesluit voor de accijnsvrijstelling voor pure plantenolie in ons land werd goedgekeurd, haalde het bedrijfje al de nationale pers. Officieel opende het alternatieve tankstationnetje de deuren op 1 november 2006. De prijs aan de koolzaadpomp bedraagt 0,99 eurocent per liter. Doordat de olieprijzen weer lichtjes gedaald zijn, is dat een fractie duurder dan de fossiele dieselprijs. Momenteel heeft het bedrijf een tiental klanten, goed voor een verkoop van ongeveer 500 liter koolzaadolie per maand. Een van de klanten is Elia, de beheerder van het Belgische hoogspanningsnet. Dat bedrijf liet bij Green Energy Creations een wagen ombouwen. En het Gentse stadsbestuur dan? Vóór de gemeenteraadsverkiezingen liet Daniël Termont zich op een persconferentie ontvallen dat hij het hele wagenpark op koolzaadolie zou laten rijden mits hij de burgemeesterssjerp in de wacht sleepte. Neckebroeck zucht: “Eigenlijk zouden we meer tijd moeten kunnen steken in het overtuigen van potentiële klanten”.

De gemiddelde stockvoorraad in het depot bedraagt duizend liter koolzaadolie. Eigenaar van het goedje is Louis Janssens, een landbouwer uit Lier. De wetgever wil immers dat enkel boeren koolzaadolie aan de man brengen. En dus treedt Green Energy Creations louter op als dienstverlenende intermediair in opdracht van de boer. Wat cijferwerk leert dat Janssens bij de eindafrekening per liter zeventig eurocent opstrijkt. “Dat is hoger dan de wereldmarktprijs, maar vanuit onze basisfilosofie om lokale producenten een faire prijs te gunnen, is dat helemaal niet erg. Dankzij onze bemiddeling heeft Janssens trouwens ook al 3.000 liter kunnen leveren aan het gemeentebestuur van Riemst”. Blijft de vaststelling dat Green Energy Creations door de mondelinge overeenkomst met nauwelijks één boer niet waterdicht verzekerd is van de nodige aanvoer en dat ook de afzetmarkt erg beperkt blijft. Gewone dieselwagens kunnen tot twintig procent koolzaadolie bijmengen in hun tank, maar wie écht plantaardig wil rijden, moet zich een ombouwpakket aanschaffen. Tot hiertoe heeft Green Energy Creations vier wagens eigenhandig omgebouwd met onderdelen van de vier ombouwpakketten die het bedrijf promoot. Het prijskaartje voor de ombouw varieert tussen 600 en 750 euro. Het duurt dus een hele tijd vooraleer die investering terugverdiend is, ook voor de aandeelhouders van Green Energy Creations die bij elke tankbeurt een korting van vijf procent genieten.

Geert Neckebroeck is het er niet helemaal mee eens. “Binnen enkele jaren zullen alle klassieke dieselchauffeurs zich een roetfilter moeten aanschaffen die ongeveer even duur is als het ombouwpakket. En wie weet komt er ook nog een CO2-taks”. Een aantal autoconstructeurs zouden bovendien vanaf 2009 wagens op de markt brengen die standaard op plantenolie rijden, weet Neckebroeck. Tot slot is er ook nog het verhaal van het Nederlandse bedrijf Solar Oil Systems. Dat bedrijf mengt enzymen met plantenolie waardoor de viscositeit zodanig daalt dat de biobrandstof plots wél geschikt zou zijn voor bestaande wagens, zonder dat er nog een ombouwpakket aan te pas komt. Binnen twee jaar zou het procédé marktrijp zijn. “Zelf zouden we heel graag samen met een landbouworganisatie of universiteit een experiment opstarten. We vermoeden immers dat ook de micro-organismen die we in onze depot verkopen de viscositeit van plantenolie aanzienlijk verbeteren”.

Te hoge prijzen. Bij Green Energy Creations dromen ze ervan in elke provincie een tankstation met bijhorend winkeltje te exploiteren. Voor ondersteuning wordt voorzichtig naar het Vlaams Agrarisch Centrum (VAC) gekeken. Op Agriflanders deelden beiden dezelfde stand, maar een echte overeenkomst over concrete projecten blijkt er voorlopig niet te zijn. Hallo, Jean-Pierre De Leener? “Dat klopt allemaal. Wel is het zo dat tien boeren die op bedrijfsniveau koolzaad persen bezig zijn met de oprichting van een coöperatie die binnen enkele maanden operationeel zou moeten zijn. Er zijn besprekingen aan de gang om de groep uit te breiden met zestien Waalse collega’s. Bedoeling is om voor het totale aanbod koolzaadolie een degelijke afzetmarkt te zoeken. De eiwitkoek die na de koude persing overblijft, is erg gegeerd. Maar het is de olie die we moeten kwijtraken. Ik hoor al enkele jaren optimistische geluiden over een betere viscositeit en plannenmakende autoconstructeurs, maar de realiteit is dat vandaag geen enkele transportfirma kiest voor koolzaadolie en bij D’Ieteren en Skoda heb ik geleerd dat er nog steeds geen enkele nieuwe wagen te koop is die op plantenolie rijdt”.

Het VAC heeft de voorbije jaren hard gestudeerd op het dossier van de koude persing. Hoe is de sfeer momenteel onder de telers? “De koolzaadprijs is momenteel zo hoog dat de verwerking tot eiwitkoek en olie financieel niet lonend is. Een jaar geleden was de graanhandel nog enthousiast om een aantal regionale coöperaties op te starten, maar door de prijsevolutie zijn die plannen weer opgeborgen”, zegt De Leener. “Op korte termijn verwacht ik dus niet zoveel van de nieuwe coöperatie, al zal die zich ook met andere energievormen bezighouden. Maar binnen vijf jaar kan het tij voor de koude persing van koolzaad weer helemaal gekeerd zijn. De kans is groot dat we tegen die tijd als gevolg van prijsdalingen de koolzaad voor de productie van biodiesel zullen invoeren uit andere landen en dat de bio-ethanol kant-en-klaar uit Brazilië komt. Dan keren de telers automatisch wel weer terug naar pure plantenolie, met of zonder afzetmarkt. Want de stijgende olieprijzen maken het in elk geval steeds interessanter om de eigen tractor op plantenolie te laten rijden”.

 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via