InterviewPiet Vanthemsche - Boerenbond
Boerenbond lust geen melkstakingen. Bij zijn argumentatie beroept de organisatie zich onder meer op de ethiek: met voedsel mag per definitie niet geknoeid worden. Zich publiekelijk bedienen van de ethiek is altijd een gewaagde onderneming. Maar ere wie ere toekomt: Boerenbond verdiept zich samen met de K.U.Leuven al enkele jaren in ethiek en rentmeesterschap. Bij voorzitter Piet Vanthemsche toetsten we de theorie aan de praktijk.
Drie jaar geleden heeft Boerenbond op zijn congres de kaart van de maatschappelijke dialoog getrokken. Maar uit aanvaringen met onder meer Gaia en de vegetariërs valt af te leiden dat het pad van het overlegmodel over doornen loopt?
Piet Vanthemsche: Gesprekken met dergelijke belangengroepen zijn altijd moeilijk omdat we een aantal opvattingen niet delen. Ik heb ooit met Michel Vandenbosch een discussie gehad over de vraag of het maatschappelijk verantwoord is om nutsdieren te gebruiken en te slachten in het kader van onze landbouwproductie. Op basis van onze waarden zijn wij er absoluut van overtuigd dat dit het geval is, maar zijn waardepatroon is verschillend. Op dat ogenblik ontstaat een interessante maatschappelijke discussie, en die gaan we zeker niet uit de weg.
Soms liggen de waardepatronen wel heel ver uit elkaar.
Dat sluit niet uit dat er terreinen bestaan waarop je samen vooruitgang wil boeken. Een eerste vereiste is dan natuurlijk dat men naar elkaar luistert. In de mate dat anderen ons thema’s aanreiken waarvan we denken dat er rekening moet mee gehouden worden, proberen we discussies of projecten op te zetten. Soms lukt dat, soms niet. Maar het feit dat we met elkaar praten is al een hele vooruitgang.
Beschouwt u die contacten als een verrijking?
Absoluut, en dan bedoel ik dat niet zozeer voor mezelf maar wel voor onze organisatie. Beter begrip is altijd een verrijking. Ik heb zopas nog de mensen van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek op bezoek gehad, dat was ook een primeur. Het is absoluut noodzakelijk dat we als belangengroepering proberen te begrijpen hoe anderen redeneren. Vroeger gebeurde dat veel minder, omdat het niet nodig was.
Tactisch is die nieuwe aanpak een goede keuze?
Dat zal moeten blijken.
Voor een syndicale organisatie is het veel makkelijker om te huilen met de wolven in het bos. Is het dan ook niet erg moeilijk om de eigen achterban ervan te overtuigen dat praten met andere belangengroepen loont?
Helemaal niet. In het hoofdbestuur van Boerenbond wordt uitvoerig en diepgaand gediscussieerd, maar de richting die tijdens het jongste congres werd uitgetekend, heeft nog niemand in vraag gesteld. Ook de zestien actieve land- en tuinbouwers die deel uitmaken van dit bestuursorgaan hebben een brede maatschappelijke kijk en weten hoe belangrijk het is om in gesprek te gaan met niet-evidente partners. Dat ze daarbij kritische vragen stellen over de resultaten van dat overleg, is evident.
Kan u ook de lagere echelons van Boerenbond er in deze crisistijden van overtuigen dat de keuze voor de dialoog in alle omstandigheden de juiste is?
Het is aan ons om uit te leggen waar we mee bezig zijn. We kiezen niet voor maatschappelijke openheid omdat we filantropen zijn, maar wel uit eigenbelang. Als we waardering willen voor onze land- en tuinbouwactiviteiten zijn er niet veel andere opties dan de dialoog. Als ik vandaag zeg dat de campagne van Gaia tegen de varkenscastratie eigenlijk onacceptabel is, dan geven veel mensen van buiten de landbouw mij gelijk. Tien jaar geleden zou men geredeneerd hebben in de stijl van ‘kijk, de Boerenbond is daar weer’.
Wordt de keuze voor dialoog en overleg met alle mogelijke partners soms niet onder druk gezet wanneer andere organisaties uitpakken met mediagenieke straatacties?
Een groot deel van onze besluitvorming komt tot stand vanuit de basis. Alleen al de laatste twee weken heb ik 1.200 boeren gezien om te praten over thema’s zoals syndicalisme. We hebben daar intense discussies over, maar aan het eind van de rit gaan onze leden wel akkoord met de manier waarop het gebeurt. Natuurlijk hebben we onze emoties en onze frustraties, we kijken ook hoe anderen dat doen, en dat geeft aanleiding tot debat. Belangrijk is dat we intern op een open manier discussiëren en dat de mensen zich echt kunnen uitspreken ten overstaan van de leiding bij Boerenbond. Dan moeten wij maar verduidelijken waarom we voor de moeilijkste weg gekozen hebben. Het gemakkelijkste syndicalisme is om overal tegen te zijn, maar dat levert niet het beste resultaat op.
Boerenbond heeft flink gechargeerd tegen de organisatoren van de melkstaking.
Omdat die mensen illusies creëren bij de melkveehouders. Beweren dat de melkprijs stijgt als gevolg van het weggieten van melk, is uiteraard larie en apekool. Er zijn uitingen van grote frustratie, maar vergeet niet dat de grootste miserie in de land- en tuinbouw in stilte verbeten wordt. We vechten voor elke euro die we op welke manier dan ook aan de onderhandelingstafel kunnen vast krijgen voor onze mensen.
De sector wiens ethiek de voorbije maanden het vaakst aan de kaak gesteld werd, is die van de financiële sector. Heeft u als referentieaandeelhouder hard op tafel geklopt bij KBC?
Ik heb daar gezegd wat ik dacht te moeten zeggen. Ik hoef daarvoor trouwens niet op tafel te kloppen, en ga hier ook niet uit de biecht klappen. Maar je mag gerust weten dat ik in het begin van mijn voorzitterschap bij Boerenbond niets zei tijdens de vergaderingen bij de KBC omdat ik in die sector pas om de hoek kwam kijken. Eenmaal de crisis losbarstte, ben ik toch beginnen meepraten omdat ik tot de conclusie kwam dat ik er evenveel van kende als de anderen, namelijk niets. Ik bedoel hiermee dat de gebeurtenissen van de voorbije maanden totaal onvoorspelbaar waren. De bankwereld heeft een Copernicaanse omwenteling meegemaakt, en dat is heel moeilijk voor de mensen die in die sector werken. Ik heb een beetje hetzelfde beleefd tijdens de dioxinecrisis.
Hoe interpreteert u de gebeurtenissen bij KBC?
Wat gebeurd is, is in elk geval een collectieve verantwoordelijkheid. Zolang het goed ging, heeft niemand zijn mond opengedaan. Nu zondebokken zoeken is puur tijdverlies. We moeten de juiste lessen trekken en die toepassen.
Er zijn signalen dat het in de banksector intussen weer ‘business as usual’ is?
Wie één keer met odium beladen werd, blijft voor de buitenwereld een hele tijd de slechterik. Maar als ik bij de KBC kijk naar bijvoorbeeld het risicobeheer, de interne controles en de rol van de raad van bestuur, dan is het niet overdreven om te stellen dat er op korte tijd heel veel veranderd is.
In onze economische constellatie is het niet toegestaan om te verkopen onder de kostprijs. Is het ethisch verantwoord dat boeren en tuinders dat wel mogen doen? Meer nog, ze worden ertoe verplicht om te kunnen overleven.
De wet op de handelspraktijken verbiedt de verkoop onder de kostprijs door handelaars, maar die regel geldt blijkbaar niet voor de primaire productie. Uiteraard is het zowel onaanvaardbaar als onhoudbaar dat onze boeren gedurende lange periodes met verlies moeten produceren. We voeren nu al een jaar een discussie met alle geledingen van de maatschappij over de totstandkoming van de voedselprijzen, en ik heb gelukkig het gevoel dat er een grote bewustwording gegroeid is.
Maar er is nog niets veranderd.
We zijn nog lang niet waar we moeten zijn, maar de voorbije maanden werden niettemin een aantal stappen vooruit gezet. Grootwarenhuizen promoten actief Belgische producten. Het akkoord met Fedis over de melktoeslag is wat het is, maar brengt toch dertig miljoen euro op. Een jaar geleden zou dat engagement van de distributiesector nog onbespreekbaar geweest zijn. Ik stel ook vast dat we vandaag samen met de mededingingsautoriteiten en onze partners in de voedselketen aan tafel zitten om te kijken waar het schoentje wringt en of er uitzonderingen op de wetgeving mogelijk zijn in functie van de specifieke situatie waarin de boeren en tuinders zich bevinden.
Fedis heeft zich achteraf wel gehaast om te stellen dat de melktoeslag niet voor herhaling vatbaar is.
De distributiesector heeft zich voor drie elementen geëngageerd, en ik heb altijd gezegd dat de twee andere belangrijker zijn dan de melktoeslag, die vooral symbolisch een heel grote waarde heeft. Want met die toeslag erkennen de supermarktketens voor het eerst dat ze mee verantwoordelijk willen zijn voor het inkomen van de land- en tuinbouwers, ook al is dat maar via een eenmalige ingreep. Als statement kan dit sowieso tellen.
Wat verwacht u van de twee andere engagementen?
Fedis wil mee nadenken over een faire prijsvorming voor producten van bij ons die aan bepaalde kwaliteitscriteria voldoen. Met die denkoefening zijn we nu bezig. Verder wil de distributie meewerken aan het afsluiten van interprofessionele akkoorden die de verkoop met verlies deels kunnen ondervangen. Als je die elementen samen neemt, gaat het niet alleen om engagementen op korte termijn. Er is vandaag een zekere openheid, maar natuurlijk is de crisis daarmee nog niet opgelost, want daar kan alleen de markt voor zorgen. Het is niet de schuld van de supermarkten dat de wereldwijde handel in varkensvlees forse klappen gekregen heeft.
Boerenbond herinnert regelmatig aan haar christelijke wortels. Maar hoe vertaalt zoiets zich in het syndicaal handelen van alledag?
Ons waardegoed is gestoeld op de joods-christelijke traditie. Vanuit die achtergrond poneren we waarden over rentmeesterschap, over ondernemerschap en over mensen, over de manier waarop ze samenleven en hoe generaties met elkaar omgaan. Enerzijds doen we natuurlijk aan harde belangenverdediging, maar we proberen onze waarden toch altijd in het oog te houden. Je mag geen dingen verdedigen die op basis van je eigen overtuiging niet verdedigbaar zijn. We zullen nooit proberen om fraude toe te dekken met de mantel der liefde.
Boerenbond heeft nog steeds een aantal proosten in dienst?
Als ik op bezoek ga bij een bedrijfsgilde zit er regelmatig een proost bij. Onze proosten zorgen voor het waardenverhaal en de begeleiding van onze leden en medewerkers op het vlak van spiritualiteit. En elke vergadering van het hoofdbestuur begint met een bezinningsmoment. In het begin keek ik daar raar tegenaan, maar het is een zeer concrete uiting van de manier waarop Boerenbond met waarden omspringt. Wij zijn dus echt wel actief bezig met zingeving en geloof.
Een belangrijke christelijke deugd is armenzorg. Soms krijgt Boerenbond wel eens het verwijt dat de organisatie te weinig oog heeft voor boeren die de eindjes met moeite aan elkaar kunnen knopen.
Die kritiek komt van onze concurrenten op de syndicale markt.
Is ze terecht?
Neen. Wij proberen vooral realistisch te zijn. Boerenbond gelooft in de toekomst van onze sector, en gaat daarbij uit van enkele vaststellingen: het aantal bedrijven daalt en de blijvers nemen de omzet en de oppervlakte over van de wijkers. Geen enkele landbouworganisatie heeft vat op dat proces. Het is onze taak om ervoor te zorgen dat onze bedrijven kunnen blijven evolueren naar leefbare familiale ondernemingen. Ze moeten zich kunnen versterken, sommigen doen dat in de breedte, anderen kiezen voor schaalvergroting. De discussie tussen groot en klein is naast de kwestie: waar het op aankomt, is dat onze boeren beschikken over een goed businessplan, goede managementvaardigheden en een goede bedrijfsstructuur. De tijd dat Boerenbond of een andere organisatie de keuzes maakt in de plaats van de boer is al lang voorbij.
Lukt het om de syndicale aandacht te spreiden over zowel blijvers als stoppers?
Solidariteit is voor ons een belangrijke waarde. Boeren en tuinders moeten op een waardige manier hun activiteiten kunnen beëindigen. Als ze in de miserie zitten, is het onze plicht om te helpen. Daarom hebben we ook zelf beslist om geld op tafel te leggen voor Boeren op een Kruispunt. Onze opvatting over solidariteit verschilt enorm met die van een ondernemer zoals Hein Deprez. Hij werkt samen met het segment van de tien procent beste ondernemers, en de rest kan hem niets schelen. Voor Boerenbond moet iedereen kunnen meedoen, ook de minder succesvolle en getalenteerde leden. Het is makkelijk voor Deprez om neer te kijken op coöperaties, maar zij laten tenminste iedereen toe, hé.
In een nieuwe brochure, ‘landbouw 6.F, grenzen verleggen’ van de K.U.Leuven en de Boerenbond wordt met geen woord gerept over dierenwelzijn. Een vergetelheid?
(bladert rustig in brochure) U heeft slecht gelezen, want de term ‘dierenwelzijn’ staat op pagina 34. Maar goed, de brochure gaat vooral over nieuwe marktkansen die zich aandienen voor onze mensen.
Drie jaar geleden waren alle stakeholders razend enthousiast over immunocastratie als alternatief voor de onverdoofde biggencastratie. Nu het vaccin van Pfizer eindelijk toegelaten is in Europa, moet niemand in de sector er nog van weten.
Onze houding is duidelijk: we eisen van onze afnemers en van de maatschappij spijkerharde garanties dat men chemische castratie écht wil. Als Vion vlees van gevaccineerde varkens weigert, staan we nergens. De voedingsindustrie heeft dus een probleem, wij niet. Boerenbond investeert zelfs in onderzoek naar alternatieven, want geen enkele veehouder castreert dieren voor zijn plezier. Als we morgen berengeur kunnen detecteren aan de slachtlijn is de kwestie ogenblikkelijk van de baan. Wanneer de definitieve doorbraak er komt, is echter ook voor mij koffiedik kijken.
Ruim een jaar geleden ondertekenden Boerenbond en Natuurpunt een principeakkoord. Bent u nog altijd tevreden over dit verstandshuwelijk?
De balans is positief, hoewel onze belangen niet altijd gelijklopen. Maar we erkennen elkanders doelstellingen en het belang ervan. Dat is een belangrijke stap, want nu kunnen we als gelijkwaardige gesprekspartners op een zakelijke manier spreken over wat ons scheidt en wat ons bindt. Waar onze belangen gelijklopen, proberen we samen te werken. Een mooi voorbeeld is het dossier van het Schipdonkkanaal. Ik wil er ook op wijzen dat de adviesraden voor landbouw en natuur een gemeenschappelijk standpunt gevormd hebben over de instandhoudingsdoelstellingen. Maar op andere momenten zullen we tegenstanders zijn.
Ligt u nog wakker van het zoveelste nieuwsbericht over de daling van de biodiversiteit in ons land?
Mijn boeren liggen wakker van de impact die het streven naar meer biodiversiteit op hun activiteit veroorzaakt. We erkennen biodiversiteit als maatschappelijke doelstelling, maar we moeten er ook over waken dat dit niet ontaardt in allerlei soorten regels die op het terrein onwerkbaar zijn. Als die voorwaarde vervuld is, kunnen landbouwers zelfs buiten de beschermde natuurzones mee helpen bouwen aan de biodiversiteit, maar dan wel op vrijwillige basis. Of Boerenbond als organisatie moet wakker liggen van biodiversiteit weet ik niet, maar het moet wel een zorg zijn. Dat geldt trouwens ook voor de burgers en voor de industrie. Men moet dus niet alle lasten doorschuiven naar de landbouw, maar soms bekruipt ons het gevoel dat dit toch het geval is. Sommigen denken dat de agrarische sector duurzaam moet zijn, en al de rest niet. Maar dat gaat niet, hé.
Mogelijk breekt de groene chemie de komende jaren helemaal door. Zou u het vanuit ethisch oogpunt kunnen aanvaarden dat een groot deel van het landbouwareaal dan exclusief voorbestemd zou worden voor de productie van vezels en plastic?
De groene chemie zal een onderdeel van de landbouw zijn, net zoals de biologische landbouw. Er hoeven geen beperkingen te bestaan, zolang de voedselproductie niet in het gedrang komt. Voedsel is een basisrecht, biobrandstof niet. Maar het debat moet wel ontdaan worden van zijn emoties. Ten tijde van de voedselcrisis riepen onheilsprofeten dat de prijzen van de landbouwgrondstoffen zo sterk gestegen waren door de opmars van biobrandstof. Vandaag wordt nog meer biobrandstof geproduceerd dan toen, maar de prijzen zijn wel in een diep dal terechtgekomen. Ons standpunt is dat aan de productie van biobrandstof duurzaamheidscriteria gekoppeld moeten worden, en één daarvan is dat er altijd voldoende voedsel moet zijn.
Eén miljard mensen op onze planeet lijden honger.
Ja, maar op basis van die redenering moeten we nooit biobrandstof maken. Iedereen is het erover eens dat er genoeg voedsel in de wereld is, maar het raakt niet op de juiste plaats. Dan belanden we bij het verhaal van de Wereldhandelsorganisatie en het landbouwbeleid. Als het gaat over de wereldwijde organisatie van landbouwmarkten, zijn wij bij Boerenbond andersglobalisten.
Moet energie goedkoop zijn, of moet ze vooral groen zijn?
Beide. We moeten zo energiezuinig mogelijk werken om kosten te beheersen en, waar mogelijk, moet onze landbouw een rol spelen op het vlak van hernieuwbare energie. Dat proces is zich volop aan het voltrekken. Tegelijk proberen we in ons overleg met de energieleveranciers groepskortingen te bedingen voor boeren die veel energie nodig hebben.
In de brochure van Boerenbond en de K.U.Leuven staat te lezen dat de maatschappij het werk van de boeren moet erkennen en waarderen. Is er een probleem?
We moeten een duurzame erkenning van onze positie verwerven bij de gevestigde partners in onze maatschappij, en dat lukt vrij aardig. Een samenleving zonder landbouw is gewoon ondenkbaar. Die erkenning moet zich dan wel vertalen in financiële compensaties voor diensten die niet vergoed worden door de markt. Naarmate de vergoedingen volgen, zullen onze landbouwers graag meewerken aan een aantal maatschappelijke uitdagingen, zoals bijvoorbeeld de biodiversiteit.
Tien jaar geleden had Boerenbond bij wijze van spreken schrik van haar eigen Innovatiesteunpunt, maar u steekt niet onder stoelen of banken dat de landbouw de komende jaren nog een ingrijpend transformatieproces voor de boeg heeft?
Tot 1985 heb ik het beroep van veearts uitgeoefend. Als ik vandaag op de landbouwbedrijven kom, herken ik niets meer uit die periode. Boeren worden voortdurend geconfronteerd met veranderingsprocessen, en dat zal in de toekomst niet anders zijn. Ook na 2013 komt er een Europees landbouwbeleid, maar dat zal niet hetzelfde zijn als vroeger. Innovatie en verduurzaming zullen in de toekomst heel belangrijk zijn. We hebben reeds een heel parcours afgelegd, maar er wachten alweer nieuwe uitdagingen.
Meer informatie: Landbouw 6.F, grenzen verleggen
bron eigen verslaggeving
zoek in het archief van "Duiding"
gerelateerde nieuwsberichten
- 07/10/2011 Nieuw logo voor Boerenbond en Landelijke Gilden
- 07/10/2011 Vlaams land- en tuinbouwinkomen daalt met 50% in 2011
- 02/08/2011 Boerenbond verwerft 33 pct van biofarmaceutisch bedrijf
- 11/04/2011 Boerenbond deelt 170 hoevebonnen uit aan Ikea-klanten
- 04/04/2011 Boerenbond beschouwt 2010 als een jaar van contrasten
- 03/03/2011 Inspecteurs Boerenbond nemen Mestbank onder de loep
- 18/02/2011 Boerenbond stapt boos op uit infovergadering MAP
- 19/01/2011 Boerenbond deelt persprijzen uit aan landbouwstudenten
- 16/01/2011 Agriflanders sluit tevreden zijn deuren
- 15/01/2011 "Nieuw mestactieplan kost sector 30 miljoen euro"

T +32 (0)2 552 81 91 F +32 (0)2 552 81 93