nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

08.02.2013 Regeringsleiders bereiken akkoord over EU-budget

De regeringsleiders hebben vrijdag een akkoord bereikt over de Europese meerjarenbegroting. Die bestaat uit 960 miljard euro aan verbintenissen en 908,4 miljard euro aan effectieve betalingen, met de mogelijkheid er 12 miljard bovenop te leggen. Premier Di Rupo en minister-president Peeters reageren opgelucht én teleurgesteld. In het landbouwluik ziet Peeters “een gemiste kans”.

Na meer dan 24 uur onderhandelen hebben de staatshoofden en regeringsleiders een akkoord bereikt over een uitgavengrens van 960 miljard euro. Ook in de inkomsten van de EU-begroting werd de schaar gezet: die dalen van 942,8 naar 908,4 miljard euro. Iedereen reageert tevreden, behalve het Europees Parlement. Zoals verwacht is het een historische meerjarenbegroting geworden. Voor de eerste keer in de geschiedenis van de EU daalt het budget, ondanks het feit dat er met Kroatië een lidstaat bijkomt en de bevoegdheden van Europa uitbreiden.

Het bedrag dat de Europese Unie tussen 2014 en 2020 maximaal mag uitgeven, bedraagt 959,99 miljard euro. Dat komt neer op één procent van het Europese bruto nationaal inkomen. Voor de lopende begroting (2007-2013) was het plafond op 994 miljard gelegd, of 1,12 procent van het BNI. In nagenoeg alle uitgavenposten werd het mes gezet. Op vraag van Frankrijk werd het landbouwbeleid enigszins ontzien, de armlastige landen hielden vast aan het cohesiebeleid. Europees parlementslid Jean-Luc Dehaene spreekt daarom van een "conservatief budget".

Raadsvoorzitter Herman Van Rompuy is tevreden over het akkoord. Hij spreekt van een “gebalanceerd en groeibevorderend budget voor Europa voor de rest van het decennium”, en vindt het zelfs “het wachten waard” geweest. Di Rupo en Peeters reageren iets minder enthousiast. Di Rupo uit zich tevreden over de resultaten voor België, maar ontgoocheld over het globale akkoord. In de laatste uren van de onderhandelingen kon de Belgische delegatie de enveloppes voor Limburg enerzijds en voor Luik en Wallonië anderzijds immers optrekken van 50 miljoen naar 66,5 miljoen euro elk.

Verder slaagde de delegatie er in de extra steun voor plattelandsontwikkeling op te trekken van 70 naar 80 miljoen euro, als gedeeltelijke compensatie voor de daling van de directe steun aan landbouwers. Maar dit alles maakt voor Di Rupo onvoldoende goed dat de meerjarenbegroting daalt. “We hebben een kans gemist om een sterker Europa te bouwen. Globaal blijft het budget teleurstellend”, legt hij zijn dubbel gevoel uit. “België wilde een ambitieus budget, vooral op het vlak van groei en jobs, maar anderen wilden minder.”

Ook Kris Peeters reageert met gemengde gevoelens. Hij is blij met het extra geld voor Limburg en bedankt premier Di Rupo voor zijn steun, maar betreurt dat Vlaanderen minder landbouw- en cohesiesteun zal krijgen. Globaal genomen lijkt het akkoord hem het best haalbare, maar toch had hij liever een iets ambitieuzere begroting gehad. Hij erkent echter dat besparingen nodig waren en toont zich dan ook tevreden dat de focus toch op groei en jobs kwam te liggen. Zo vindt hij het uitermate positief dat er extra geld wordt uitgetrokken voor onderzoek, ontwikkeling, studentenmobiliteit en de trans-Europese netwerken.

In het landbouwluik ziet de Vlaamse minister-president echter “een gemiste kans om de knelpunten ten gronde aan te pakken”. Hij betreurt bovendien dat Vlaanderen minder landbouwsteun zal krijgen, ook al wordt die deels gecompenseerd door de bijkomende middelen voor plattelandsontwikkeling. De Vlaamse land- en tuinbouwsector moet volgens hem een disproportioneel grote bijdrage leveren aan de verdeling van de landbouwmiddelen.

Nu het akkoord onder de regeringsleiders rond is, moet het Europees Parlement zich nog over de tekst buigen. Een meerderheid moet zich akkoord verklaren, en dat is volgens liberaal fractievoorzitter Guy Verhofstadt weinig waarschijnlijk. “Er wordt voor 960 miljard euro aan verplichtingen voorzien, tegenover slechts 908 miljard euro betalingen. Hierdoor wordt een tekort gecreëerd van 52 miljard euro. Op nationaal niveau wil niemand nog tekorten, maar op Europees niveau moet dit dan weer wel kunnen?”, stelt hij in De Standaard.

Verder vindt hij dat het voorstel te veel bespaart op groeibevorderende maatregelen en te weinig voorziet in een structurele stijging van de Europese inkomsten uit eigen middelen. “Ik zeg niet dat er geen onderhandelingsmarge is, maar als deze punten niet worden aangepakt, zie ik niet hoe het Parlement zijn zegen kan geven.”

Ook Europees parlementslid Jean-Luc Dehaene betwijfelt of het halfrond zijn goedkeuring zal geven. “Het akkoord van de top houdt onvoldoende rekening met de voorwaarden van het Europees Parlement”, herhaalt Dehaene de grieven die vier fractieleiders in een gemeenschappelijke mededeling uitten. “Ik denk niet dat het Parlement dit zonder meer zal goedkeuren, ik hoop dat er enige marge overgelaten wordt.”

Bron: Belga/De Standaard/deredactie.be

Volg VILT ook via