nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

30.03.2011 SERV vraagt duidelijker kader voor arbeidszorg

De commissie Diversiteit van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) vraagt aan de Vlaamse regering dringend werk te maken van een duidelijk kader voor arbeidszorg. “Er is een gebrek aan een duidelijk statuut voor arbeidszorgmedewerkers waardoor het onzeker is of ze hun sociale uitkering kunnen behouden”, stelt Boerenbond. Dit kan grote gevolgen hebben voor groene zorg.

Mensen die niet of nog niet in het gewone of het beschutte arbeidscircuit terecht kunnen, hebben toch nood aan een zinvolle bezigheid. In zo’n geval kan arbeidszorg een oplossing bieden. Het werken op een zorgboerderij is een voorbeeld van een activiteit die duidelijk onbetaald is en balanceert tussen arbeid en zorg. De SERV raamt het aantal arbeidszorgmedewerkers in Vlaanderen momenteel op 4.200, maar het potentieel aan kandidaten is groter. Volgens een VDAB-screening zouden zeker 2.000 werkzoekenden met medische of mentale problemen baat hebben bij arbeidszorg.

Van die 4.200 arbeidszorgmedewerkers worden er ongeveer 600 opgevangen op een zorgboerderij. In zijn advies erkent de SERV de specifieke plaats van groene zorg in het welzijnslandschap. Essentieel bij groene zorg is dat de land- of tuinbouwer een arbeidszorgplaats aanbiedt en een actieve begeleidende rol opneemt, waarvoor hij een kostenvergoeding ontvangt. De welzijnsinstelling, het arbeidszorginitiatief, blijft de eindverantwoordelijke van het hele proces. Voor Boerenbond is dit onderscheid tussen arbeidszorgplaats en arbeidszorginitiatief belangrijk.

Door een gebrek aan een duidelijk statuut voor arbeidszorg, zijn veel arbeidszorgmedewerkers onzeker of ze hun sociale uitkering kunnen behouden. “Nochtans is arbeidszorg belangrijk voor hun participatie of re-integratie in de samenleving”, benadrukt Boerenbond. Daar wil de commissie Diversiteit van de SERV nu verandering in zien. Ze roept de Vlaamse ministers van Werk, Sociale Economie, Welzijn en Gezondheid op om de koppen bij elkaar te steken en duidelijke afspraken te maken over het statuut, het aantal plaatsen en de financiering van arbeidszorg.

Daarbij hebben alle sociale partners, waaronder Boerenbond, en vertegenwoordigers van personen met een arbeidshandicap binnen de SERV enkele krijtlijnen uitgetekend. Vooreerst vinden ze het belangrijk dat er een structureel kader wordt uitgebouwd, over de grenzen van de beleidsdomeinen heen. Daarbij stellen ze voor om één minister voor arbeidszorg aan te duiden. Daarnaast moet er een dekkend netwerk van arbeidszorginitiatieven en –plaatsen gecreëerd worden, met een duidelijk regelgeving en aangepaste financiering.

Vervolgens vragen ze ook dat er een maximumduur van arbeidszorg binnen de sociale en beschutte werkplaatsen wordt vastgelegd. Tegelijk moet maatwerk en een gepast aanbod voor iedereen mogelijk blijven. Arbeidszorg moet volgens de SERV een deel worden van een ruimer traject op maat, dat voor elke persoon het hoogst bereikbare niveau van inschakeling nastreeft. Er moet tot slot ook een adequate monitoring opgezet worden die uniforme data aanlevert voor Vlaanderen zodat arbeidszorg beter geëvalueerd kan worden.

Bron: Boer & Tuinder

Volg VILT ook via