nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

24.08.2012 Tips voor meer en beter ruwvoeder voor melkvee

In eenzelfde jaar zijn er grote inkomensverschillen tussen vergelijkbare melkveebedrijven. Niet enkel de melkprijs is dus van tel. Een eigen kwaliteitsvolle ruwvoederwinning is een basisvereiste voor een economisch rendabele melkveehouderij, zo blijkt uit een brochure van de Vlaamse landbouwadministratie. Nu de kuilmaïs er slecht bij staat, is het volgens Wervel hoog tijd om gras te herontdekken.

Het technisch kengetal dat een goede vertaling vormt van de hoeveelheid en de kwaliteit van de ruwvoederwinning op het veld is de ruwvoedermelkproductie per koe. Het is een cijfer dat aangeeft hoeveel melk een koe produceert op een bedrijf, op basis van de zelf geteelde ruwvoeders. In de Vlaamse melkveehouderij is dat hoofdzakelijk gras en maïs.

Om de variatie van dit kengetal en de invloed van de ruwvoedermelkproductie op de inkomensvorming na te gaan, werden de boekhoudresultaten van 103 gespecialiseerde melkveebedrijven op een rijtje gezet. Deze bedrijven maken deel uit van het Landbouwmonitoringsnetwerk van het Departement Landbouw en Visserij.

Tussen de bedrijven bestaan zeer grote verschillen, stelt de landbouwadministratie vast. De groep met de laagste ruwvoedermelkproductie behaalt een gemiddelde van 2.589 liter per koe. De groep met de hoogste ruwvoedermelkproductie behaalt meer dan het dubbele, namelijk 5.606 liter per koe.

Een hogere ruwvoedermelkproductie impliceert zowel een beter bruto-saldo als een hoger arbeidsinkomen, leert de brochure. Het arbeidsinkomen van de groep met de hoogste ruwvoedermelkproductie is tot 3,61 euro per 100 liter hoger dan de groep met de laagste ruwvoedermelkproductie. De basisregels voor een goede ruwvoederproductie worden daarom nog eens toegelicht.

Advies omtrent de ruwvoederproductie komt er ook van Wervel. “De melkprijs is laag, de soja is duur en de maïs staat er in Vlaanderen slecht bij”, constateert de werkgroep. “Er zijn wel grote voorraden gras zodat het hoog tijd is om verder te kijken dan maïs en soja en gras te herontdekken.” Pionier grasmelkveehouder Ronny Aerts van hoeve De Ploeg in Herselt helpt zijn collega’s met een rantsoenvergelijking. Conclusie daarvan is dat het ook en zelfs beter kan met minder maïs en zonder soja. Ook als de maïs zou gelukt zijn.

Meer info: Brochure ‘Ruwvoedermelkproductie en zijn economische impact’ & Wervel-tip ‘Melkveerantsoen met minder maïs’

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via