nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

08.08.2011 Voortbestaan Brabants trekpaard baart fokkers zorgen

De Vlaamse fokkers van het Belgisch trekpaard laten zich in Het Nieuwsblad ongerust uit over de toekomst van het "enige op en top Vlaamse paardenras". Volgens voorzitter Jan De Boitselier zijn jaarlijks 1.000 veulens nodig om het ras in stand te houden, terwijl het risico bestaat dat dit jaar de kaap van de 500 niet gehaald wordt. Hij ziet naast recreatie nog een nutsfunctie weggelegd voor het trekpaard.

Vorig jaar werden er nog slechts 837 Belgische trekpaardveulens ingeschreven, waarvan 601 in Vlaanderen. De Vlaamse fokkers van het Belgisch trekpaard vrezen dit jaar nog amper aan 500 veulens te komen. Het aantal ingeschreven veulens is na 2007 in vrije val zodat het Belgisch - in de volksmond Brabants - trekpaard weer in de gevarenzone belandt waarin het eind jaren '80 al gesukkeld was. "Ook toen werden er nauwelijks 500 veulens ingeschreven, een dieptepunt", herinnert De Boitselier zich.

De Vlaamse overheid kon het tij keren met een vanaf 1990 ingevoerde veulenpremie van net geen 125 euro want het aantal in Vlaanderen ingeschreven veulens verdubbelde al snel. "Samen met de in Wallonië geboren veulens zaten we van 1997 tot 2007 ruim boven de kritische grens van 1.000, met een uitschieter tot 1.159 in 2007", zegt De Boitselier. Sinds het wegvallen van de premie in 2007 ging het snel bergaf. De provincie Vlaams-Brabant schoot als eerste te hulp en sedert 2011 kunnen de Vlaams-Brabantse kwekers met eigen inbreng en financiële steun van de dienst Toerisme van de provincie rekenen op een veulenpremie van 250 euro. "De nood aan het herinvoeren van de veulenpremie is evenwel groot in gans Vlaanderen", luidt het.

Door de veel te lage geboortecijfers dreigt op korte termijn zware genetische schade aan het ras. De Boitselier verwijst naar het Friese paard, dat in Nederland ternauwernood werd gered, maar nu met een serieus inteeltprobleem kampt. Vlaanderen telt momenteel bijna 2.500 merries, "wat ruim onder de Europese norm van 5.000 is", aldus De Boitselier. "Dankzij de vele inspanningen van fokkers van Belgische trekpaarden zijn alle bloedlijnen die er begin jaren '70 nog waren gelukkig bewaard gebleven", weet De Boitselier, "maar door de daling van het aantal veulens komt de genetische diversiteit zwaar in het gedrang."

Tot de tweede wereldoorlog was het Belgisch Trekpaard ons voornaamste exportproduct en trok het letterlijk en figuurlijk onze economie. De Boitselier ziet het als een morele plicht om dit levend cultuur-historisch erfgoed in stand te houden. De voorzitter van de fokkersvereniging vindt het daarom hoog tijd dat de Vlaamse overheid opnieuw een veulenpremie invoert, in afwachting van een duidelijk reddingsplan.

Het trekpaard heeft volgens De Boitselier nog altijd een bestaansreden die zich niet beperkt tot recreatie. "Het dier leent zich voor begrazingsprojecten in natuurgebieden, wordt vaak gebruikt door paardenmelkerijen, toont zijn nut in de bosbouw in Wallonië en Frankrijk en trekt in een paar Brusselse gemeenten weer de kar bij de groendiensten en de huisvuilophaling", illustreert hij.

"Landschappen en natuurgebieden worden beschermd, maar wat is de waarde van deze gebieden zonder de aanwezigheid van de dieren - trekpaarden dus - die hier van oudsher graasden", beaamt Theo De Greeff, voorzitter van de Vlaams-Brabantse kwekers.

Meer info: Analyse van het Vlaams paard en het Belgisch trekpaard

Bron: Het Nieuwsblad/eigen verslaggeving

Volg VILT ook via