nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

27.04.2018 Belg verslingerd aan zuivelproducten

Zuivel maakt consequent deel uit van de voedingsaankopen van de Belg. Dat blijkt uit marktonderzoek van GfK dat het dagelijks aankoopgedrag van 5.000 Belgische gezinnen opvolgt in opdracht van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM). Nagenoeg elk Belgisch gezin koopt op jaarbasis zuivelproducten, met een gemiddelde besteding van 271 euro per capita. Kaas neemt in deze besteding de belangrijkste plaats in (45%), gevolgd door yoghurt en witte melk. Groeiers binnen de zuivelbesteding zijn boter, yoghurt, gearomatiseerde melk en roomijs. 

Zowat elke Belg koopt zuivelproducten, zo blijkt uit het zuivelrapport van GfK in opdracht van VLAM. Liefst 59 procent van de Vlamingen gebruikt dagelijks melk, en dit voor veel toepassingen en op veel verschillende momenten doorheen de dag: om puur te drinken, om chocomelk, milkshakes, smoothies, … te maken, als toevoeging aan ontbijtgranen, havermout, koffie, … en bij het koken of bakken (puree, pannenkoeken, desserts, saus, …). Melk hoor je volgens 83 procent van de Vlamingen altijd in huis te hebben.

Nagenoeg alle Belgische gezinnen kochten in 2017 zuivelproducten. Ze deden dit gemiddeld 75 keer (per jaar) en gaven er gemiddeld 271 euro per capita aan uit. Kaas is in besteding het belangrijkste zuivelproduct met een uitgave van 110 euro. Verder besteedde de Belg in 2017 gemiddeld 29 euro aan yoghurt, 28 euro aan witte melk, 17 euro aan boter, 16 euro aan ijs, 14 euro aan verse desserts, 10 euro aan room, 9 euro aan verse witte kaas, 6 euro aan gearomatiseerde melk en nog 32 euro aan overige zuivelproducten (gefermenteerde melk, drinkyoghurt, …). Binnen de zuivelbesteding wonnen boter, yoghurt, gearomatiseerde melk en ijs de voorbije jaren aan belang, producten waarmee men zichzelf verwent.

Gezinnen met kinderen consumeren het meeste zuivelproducten. 44 procent van de zuivelbestedingen komen op het conto van gezinnen met kinderen, die slechts 36 procent van de Belgische huishoudens vertegenwoordigen. Ze kiezen daarbij vooral voor melk en verse desserts. Jongere huishoudens zonder kinderen besteden in verhouding meer aan yoghurt, room en ijs terwijl oudere huishoudens zonder kinderen in verhouding meer besteden aan boter en kaas.

Het thuisverbruik van kaas schommelt al jaren rond de 12 kg per capita. In 2017 kwamen we uit op 11,9 kg per capita. Meer dan 99 procent van de Belgische gezinnen kopen kaas en ze doen dit gemiddeld 46 keer per jaar. Binnen het kaasassortiment blijven de harde kazen het belangrijkste segment met een volumeaandeel van 52,1 procent. De zachte kazen en schapen- en geitenkazen winnen aan belang. De gemiddelde aankoopfrequentie voor Belgische kaas bedraagt 11 keer per jaar, goed voor een volumeaandeel van 16 procent binnen de totale kaasmarkt.

Het thuisverbruik van witte melk daalde van 45,1 liter per capita in 2008 tot 38 liter in 2016 om in 2017 licht te stijgen naar 38,5 liter per capita (+1,1%). Het aantal kopende gezinnen bleef de voorbije jaren sowieso heel hoog met 95 procent. Halfvolle melk is goed voor een volumeaandeel van 65 procent. Biomelk wint jaarlijks terrein en klimt van 1,4 procent volumeaandeel in 2008 tot 2,9 procent in 2017. Het thuisverbruik van melksubstituten (sojadrinks, rijstdrinks …) steeg van 3,4 liter per capita in 2008 naar 4,4 liter in 2015. In 2016 viel het thuisverbruik echter terug tot 4,1 liter, om in 2017 weer gedeeltelijk te herstellen tot 4,2 liter per capita, goed voor een volumeaandeel van 8 procent. 

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Santeri Viinamäki

Volg VILT ook via