nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

17.10.2017 Belgische melk wordt steeds duurzamer

Meer dan negen op de tien Belgische melkveebedrijven levert bovenwettelijke inspanningen om de duurzaamheid van het eigen bedrijf te vergroten. Zo produceert ruim een kwart van de bedrijven duurzame energie. “Op die manier is de sector erin geslaagd om op 15 jaar tijd de uitstoot van broeikasgassen voor rauwe melk met maar liefst 26 procent te doen dalen”, zegt Renaat Debergh, afgevaardigd bestuurder van de Belgische Confederatie Zuivel (BCZ) bij de voorstelling van de eerste ronde van de duurzaamheidsmonitor van de melkveehouderij.

In 2013 kondigde de Belgische zuivelsector aan dat het zijn verduurzaming in kaart zou brengen. BCZ en het Agrofront, dat landbouworganisaties Boerenbond, ABS en FWA verenigt, stelden daarvoor een sectoraal duurzaamheidsprogramma op dat de ganse zuivelketen omvat: van melkproductie tot melkophaling en melkverwerking. De melkveehouders hebben daarbij keuze uit een lijst van 35 duurzaamheidsinitiatieven gebundeld in zeven thema’s: diergezondheid en dierenwelzijn, energie, milieu, diervoeding, water, bodem en sociale en economische duurzaamheid. “Melkveehouders kunnen zelf kiezen welke prioriteiten ze leggen, het gaat om een vrijwillig engagement. De wet verplicht geen enkele van die duurzaamheidsinitiatieven uit de lijst”, zegt Debergh.

Tussen de periode 2014 en 2016 werden 8.020 Belgische melkveebedrijven voor een eerste keer geauditeerd. Daaruit blijkt dat 92 procent van de bedrijven minstens één duurzaamheidsinitiatief neemt en dat er per melkveebedrijf zelfs gemiddeld 11 initiatieven uit de lijst van 33 zijn waaraan ze voldoen. Zo werkt 78 procent onder hen met een vaste bedrijfsdierenarts, zet 55 procent in op vachtverzorging door bijvoorbeeld koeborstels en optimaliseert zowat de helft van de melkveehouders de voeder- en mineralenefficiëntie. Opvallend is ook dat 27 procent duurzame energie produceert door middel van zonnepanelen of een pocketvergister en dat 32 procent één of andere energiebesparende maatregel neemt.

“Dat ruim één op vier Belgische melkveehouders duurzame energie produceert, is één van de opmerkelijkste vaststellingen uit deze eerste ronde van de duurzaamheidsmonitor”, stelt BCZ. “Want de groene energie die deze 2.000 melkveebedrijven produceren, staat gelijk aan het equivalent van het verbruik van 6.000 gezinnen.” Maar dat betekent volgens de zuivelindustrie niet dat er geen ruimte meer is voor verbetering. “Er zijn nog altijd veel mogelijkheden om de duurzame energieproductie in de melkveehouderij te verhogen. Zo liet nog maar drie procent van de bedrijven een energiescan uitvoeren.” Het hergebruik van water kan volgens de initiatiefnemers eveneens hoger: vandaag levert maar 9 procent van de melkveehouders hiervoor inspanningen.

Ook de melkophaling werd gemonitord. Tussen 2006 en 2016 is het brandstofverbruik per 1.000 liter opgehaalde melk gedaald met 9 procent. De hoeveelheid opgehaalde melk per ophaalwagen steeg dan weer met 49 procent. Intussen voldoen ook negen van de tien ophaalwagens aan de EURO5-norm. “Verbeterpunten liggen onder meer bij het energie-efficiënter oppompen van melk, een verdere optimalisatie van de routes en het gebruik van milieuvriendelijkere brandstof”, geeft Renaat Debergh aan. In het ideale scenario zou de ophaalwagen volgens hem niet alleen melk ophalen bij de melkveehouder, maar er ook zijn tank laten vullen met door het bedrijf opgewekte biogas.

De resultaten van de melkverwerking lopen over de periode 2005-2016. Per ton eindproduct zien we hier dat het energieverbruik daalde met 13 procent, de CO2-uitstoot met 22 procent, het waterverbruik met 7 procent en de afval met 29 procent. “Inspanningen kunnen nog geleverd worden op vlak van eigen energieproductie door bijvoorbeeld warmtekrachtkoppeling, op vlak van het hergebruik van water en van het beperken van grondstofverliezen”, klinkt het. Al deze inspanningen samen hebben ervoor gezorgd dat de carbon footprint voor rauwe melk tussen 2000 en 2015 is gedaald met 26 procent. “Een resultaat waar we fier op zijn”, stelt Debergh. Al voegt hij er meteen aan toe dat er een sterk engagement is om verder te gaan op de ingeslagen weg.

Deze eerste ronde van de duurzaamheidsmonitoring is dan ook geen eindresultaat. Dit jaar is al gestart met de tweede ronde die loopt van 2017 tot 2019. In dat kader wenste Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker namens het Agrofront dan ook niet te spreken van duurzaamheid maar van verduurzaming van de sector. “Het is een continu proces. Die daling van 26 procent van onze carbon footprint is een mooi resultaat dat weinig sectoren ons nadoen, maar het is absoluut geen eindpunt. Verbeteringen blijven uiteraard mogelijk, maar economische haalbaarheid blijft een belangrijke toetssteen. Dat mag in discussies over duurzaamheid niet uit het oog verloren worden”

Wel zag De Becker een aantal belangrijke uitdagingen. “Afnemers eisen steeds meer duurzaamheidsinspanningen van onze boeren die vaak enkel gebruikt worden als marketing, om zich van de concurrentie te onderscheiden. Tegenover zo’n inspanningen moet een financiële tegemoetkoming staan voor de melkveehouder.” Het Agrofront noemt de vrijwillige keuze voor deze duurzaamheidsinspanningen ook cruciaal. Tot slot vraagt men ook dat de resultaten van deze duurzaamheidsmonitoring door de zuivelindustrie en door VLAM ook op exportmarkten uitgespeeld worden.

Vlaams minister voor Omgeving, Natuur en Landbouw Joke Schauvliege was fier op de resultaten van de duurzaamheidsmonitoring van de melkveehouderij. “Heel vaak gaat er enkel aandacht naar wat er slecht gaat op vlak van duurzaamheid, terwijl ook veel goede dingen op het terrein gebeuren.” Ze wees erop dat de uitstoot in de landbouwsector er vooral komt door natuurlijke processen zoals pensfermentatie van koeien. “Het is moeilijker om dit aan te pakken, maar dat betekent niet dat het niet kan.” Ze loofde ook de zuivelsector voor de ketenaanpak. “De lasten worden op die manier niet alleen bij de melkveehouders gelegd, maar bij de hele keten. Die samenwerking is uniek”, prees ze de sector nog.  

Meer informatie: Duurzaamheidsrapport zuivel - editie 2017

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via