nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

08.03.2019 Belgische tomaten duurzamer dan Spaanse import

De Belgische tomaten zijn tegenwoordig het hele jaar beschikbaar. En dat zorgt soms voor verwarring bij consumenten. Want is die Belgische tomatenkweek niet te belastend voor ons klimaat? Econome Ellen Peeters, die aan de UAntwerpen een masterproef over het onderwerp afleverde, vergeleek onze tomaten met geïmporteerde Spaanse tomaten. “Indien zuiver het economische aspect bekeken wordt, is Spanje in het voordeel tegenover België, en kan het Zuid-Europese land goedkoper tomaten telen”, aldus Ellen Peeters. Maar breng de maatschappelijke kosten in rekening en het plaatje verandert. “Bij transport met de vrachtwagen verliest Spanje het comparatief voordeel. Vrachtwagens stoten CO2 uit, dragen bij aan files en ongevallen en geven geluidsoverlast.”

In haar onderzoek naar de effecten van het importeren van tomaten nam econome Ellen Peeters zowel de economische als de maatschappelijke kost onder de loep. Deze laatste is de kost gedragen door de maatschappij - congestie, ongevallen, luchtvervuiling, geluidsoverlast en klimaatverandering - en wordt dus niet betaald door de consument. Als vergelijkingsland werd gekozen voor Spanje, dat met een jaarlijks exportvolume van 12 miljoen ton aan verse groenten en fruit het meest producerende en exporterende land binnen de sector in de Europese Unie is.

“Bij het telen van tomaten in België bestaan de externe kosten voornamelijk uit CO2-uitstoot, maar deze vertegenwoordigen slechts twee procent van het totale kostenplaatje”, legt Ellen Peeters uit. “Het overige deel zijn de productiekosten, die hoofdzakelijk bestaan uit energie (31%) en arbeid (20%). Want om in België in de winter tomaten in serres te telen, is er veel belichting en warmte nodig, en dat doet de prijs van de Belgische tomaat al gauw oplopen.”

Wanneer tomaten vanuit Spanje geïmporteerd worden, zijn de productiekosten over het algemeen lager, maar de externe kosten veel hoger - zo’n 15 procent van het totaal. “Deze kosten worden voornamelijk veroorzaakt door het transport tussen Spanje en België: 10 cent per kilo tomaten bij vervoer met de vrachtwagen, 1 cent per kilo tomaten bij spoorvervoer.”

“Om beide landen met elkaar te vergelijken, kijken we naar de break-evenprijs: de minimumprijs die een teler nodig heeft om zijn kosten te kunnen dekken”, verduidelijkt de econome. “Indien zuiver het economische aspect bekeken wordt, is Spanje in het voordeel tegenover België, en kan het Zuid-Europese land goedkoper tomaten telen.” Hierbij worden echter de externe, maatschappelijke kosten achterwegen gelaten. Zodra deze externe kosten mee in rekening worden gebracht, verandert het plaatje.

Bij transport met de vrachtwagen verliest Spanje het comparatief voordeel. Bovendien kan de Belgische teler door middel van innovatieve technologieën op een meer duurzame en ecologische wijze tewerk gaan. Het gebruik van een warmtekrachtkoppeling (WKK) – een gasmotor die naast warmte ook elektriciteit en CO2 produceert – in plaats van standaardverwarming levert een energiebesparing van liefst 20 procent op.

“Dat maakt de totale kostprijs per kilo Belgische tomaten lager dan wanneer er geïmporteerd wordt vanuit het buitenland. Maar van zodra er gekozen wordt voor een duurzamer transportmodel, zoals de trein, daalt de Spaanse kostprijs opnieuw onder het niveau van België, met een verschil van 16 procent.” Momenteel wordt 89 procent van de Spaanse goederen met wegvervoer getransporteerd.

Bron: Eigen verslaggeving / De Standaard

Beeld: Inagro

Volg VILT ook via