nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

27.06.2017 Belgische voedingsinnovatie weinig gevaloriseerd

In geen enkel land in onze regio is de voedingsindustrie innovatiever dan bij ons, maar tegelijk ligt de omzet van de voedingsindustrie uit nieuwe producten nergens zo laag als bij ons. Dat blijkt uit het jaarverslag van sectorfederatie FEVIA. Een verklaring daarvoor blijkt niet voor de hand te liggen. Vooral op het vlak van procesinnovatie kan de sector mooie cijfers voorleggen: bijna de helft van de voedings- en drankenproducenten introduceerde een procesinnovatie.

De Belgische voedingsindustrie introduceert meer innovaties dan de buurlanden, vooral dan wat procesinnovatie betreft. Liefst 47 procent van de voedings-, dranken- en tabaksproducenten in België introduceerden tussen 2012 en 2014 een procesinnovatie. Vergeleken met Duitsland (17%), Frankrijk (26%) en Nederland (33%) is dat een mooie score. Ook qua organisatie- en/of marketinginnovatie scoort de Belgische voedingsindustrie mooi: 46 procent, een score waarmee we Frankrijk (40%), Duitsland (39%) en Nederland (35%) achter ons laten.

Wat productinnovatie betreft moeten we enkel onze noorderburen voor ons dulden. Nederland scoort 35 procent, België 31 procent, Frankrijk 22 procent en Duitsland 21 procent. “Alles samen een prachtige score”, zo klinkt het bij FEVIA. “Al is er ook een keerzijde van de medaille: ondanks de sterke innovatiegraad slagen Belgische voedingsproducenten er vergeleken met dezelfde buurlanden niet zo goed in om groot commercieel succes te halen uit de innovaties. Productinnovaties door bijvoorbeeld het herformuleren van het recept zijn nochtans cruciaal om het engagement met minister De Block omtrent energiereductie in te vullen.”

“Het is moeilijk om hiervoor een eenduidige verklaring te vinden”, zo klinkt het. “Maar volgens ons kunnen Flanders’ Food en Wagralim hier wel een rol in spelen. Wat vaststaat is dat we heel creatief personeel hebben in onze sector en dat we heel creatief uit de hoek kunnen komen.” De hoge innovatiescore is volgens FEVIA deels te danken aan de toenemende investeringen in opleiding. In totaal wordt 1,22 procent van de arbeidstijd geïnvesteerd in opleidingen, zo blijkt, goed voor 0,95 procent van de personeelskosten.

Een laatste belangrijke vaststelling uit het FEVIA-jaarverslag is dat het ondernemersvertrouwen in de voedingsindustrie na een periode van vijf jaar onder het nulpunt vanaf februari 2016 licht positief is geworden. In november 2016 bereikte het ondernemersvertrouwen zelfs een niveau van +2,5 procent. Die positieve tendens lijkt zich overigens verder te zetten in 2017. Ook de consument is positiever. Na een zwaar dieptepunt eind 2012 herstelde het consumentenvertrouwen fors in de loop van 2013. Tussen 2014 en 2016 werden periodes van herstel afgewisseld met evenveel periodes van plotse terugval. In maart 2017 klom de vertrouwensindex tot boven het nulpunt. 

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Alpro

Volg VILT ook via