nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

21.02.2018 "Biggenleed wegnemen zonder berengeur te riskeren"

Voor GAIA is het onbegrijpelijk dat de varkenssector er niet in slaagt om te stoppen met het castreren van biggen. De organisatie trok naar het Vlaams Parlement om een wettelijk verbod te vragen en liet verstaan dat er niet minder varkensvlees verkocht zal worden wanneer berengeur vermeden wordt op andere manieren. “De detectie aan de slachtlijn staat niet volledig op punt en wie een stuk varkensvlees met berengeur voorgeschoteld krijgt, eet misschien nooit meer varkensvlees”, weerlegt Luc Verspreet van de Belgian Pork Group. “Bovendien staan Aziatische landen heel weigerachtig tegenover het vaccin.” Het grootste Belgische varkensslachthuis heeft leveranciers en klanten voor intacte beren én voor gevaccineerde dieren, maar ziet internationaal het grootste draagvlak voor castratie met lokale verdoving plus pijnbestrijding.

In 2013 engageerde de Belgische varkensketen zich om tegen 2018 de chirurgische castratie bij biggen stop te zetten. Eén van de grote struikelblokken is de mogelijke aanwezigheid van berengeur in het vlees van intacte beren. Aan de slachtlijn moeten die ‘stinkers’ eruit gehaald worden. Zelfs aan een geoefende neus kan er één ontsnappen wanneer er honderden karkassen per uur aan de slachtlijn passeren. Daarom zochten ILVO en andere landbouwonderzoeksinstellingen in Europa met de medewerking van de slachthuizen naar een volautomatische detectiemethode, maar tot op heden is die niet beschikbaar.

Dat deed de varkensketen besluiten om af te zien van een castratiestop, ook vanwege de vrees voor een ongelijk speelveld binnen Europa. Marktacceptatie is naar verluidt het sleutelwoord, en die zou problematisch zijn in Duitsland en verschillende Aziatische landen wanneer het op berenvlees aankomt. Meteen werd de belofte gedaan om bij chirurgische castratie steeds pijnbestrijding toe te passen en voort te werken aan de andere pistes: intacte beren vetmesten, vaccineren tegen berengeur en berengeur voorkomen met een aangepaste voedersamenstelling.

Een engagement waar GAIA geen oren naar heeft in de wetenschap dat de organisatie al 18 jaar vruchteloos ijvert voor een castratiestop. De dierenrechtenorganisatie heeft het gevoel dat ze aan het lijntje wordt gehouden door de varkenssector zodat voorzitter Michel Vandenbosch onomwonden pleit voor een wettelijk verbod. “Zo staat het ook in het Vlaams regeerakkoord. Voer uit wat jullie beloofd hebben en maak een einde aan het lijden van miljoenen biggen”, was zijn boodschap aan de opgedaagde politici. Gezien de locatie, het Vlaams Parlement, waren zij talrijk aanwezig op de voorstelling van een nieuwe enquête omtrent het thema. Die enquête leert vooral dat de consument geen besef heeft van biggencastratie. Wordt hij met de neus op de feiten gedrukt, dan vindt de doorsnee Vlaming de praktijk maar niets en staat hij achter een verbod.

Aangezien N-VA de partij is van de Vlaamse minister van Dierenwelzijn was de belangstelling uit die hoek groot. Vlaamse volksvertegenwoordigers en partijgenoten Jelle Engelbosch, Sofie Joosen en Sabine Vermeulen merken op dat de meeste burgers geen weet hebben van de chirurgische ingreep bij mannelijke varkens. Onverdoofd slachten en nertsen houden voor hun pels zijn dierenwelzijnsproblemen die ruimer bekend zijn. Het maatschappelijk bewustzijn omtrent biggencastratie groeit wel door de acties van GAIA zodat de varkensketen niet kan doen alsof zijn neus bloedt. “Iedereen erkent het probleem en wil dat het opgelost wordt. Da’s een belangrijke eerste stap”, analyseert Engelbosch. “Nu moeten we bekijken hoe we dat gaan doen. Idealiter komt er vanuit Europa een oplossing die de Vlaamse varkenshouderij niet schaadt.” Voor een Vlaams verbod op biggencastratie spreekt de N-VA-politicus zich niet luidop uit, maar hij zegt wel dat “wachten en niets doen geen optie is”.

Voor oppositiepartijen Groen en sp.a had een Vlaams verbod begin dit jaar al in werking mogen treden. Bart Caron (Groen) en Els Robeys (sp.a) schreven een decreetsvoorstel in die zin, waaraan ze nu enkel de datum zullen aanpassen in de hoop dat een verbod er tegen 1 januari 2019 alsnog komt. En wat als de randvoorwaarden niet ingevuld zijn zodat de export van varkensvlees schade kan ondervinden? “Daar zal ik dan niet wakker van liggen want de industriële en exportgerichte productie van varkensvlees levert nauwelijks maatschappelijke meerwaarde op, en komt alle schakels van de varkensketen behalve de boer ten goede”, zegt een kordate Bart Caron. Hij is van mening dat de keten tussen voedselproducent en -consument zo kort mogelijk moet zijn in het piepkleine Vlaanderen, waar de druk op open ruimte en milieu groot zijn. “Tenzij”, zo voegt hij er aan toe, “je een uniek product met grote toegevoegde waarde zoals conference-peren kan exporteren. Bulkproductie van varkensvlees door goedkope Oost-Europese medewerkers aan het werk te zetten in stallen die niet de eigendom zijn van de boer hoort hier echter niet thuis.”

Zolang biggencastratie niet verboden wordt, vreest Caron dat een doorbraak van de alternatieven zal uitblijven. Een vrees die Els Robeyns van sp.a deelt in de wetenschap dat ze dit dossier al sedert 2006 opvolgt en in al die tijd weinig heeft zien veranderen. “Biggencastratie verbieden op EU-niveau zou de beste oplossing zijn, maar we mogen daar in Vlaanderen niet op wachten. Als we het hier verbieden, eventueel met een niet al te lange overgangsperiode, zullen de oplossingen wel snel volgen. Het staat in het regeerakkoord, dus vrijblijvend is het niet. Het bewustzijn bij mensen moet misschien nog groeien zodat het goed is dat GAIA de onwetendheid wegneemt. Zelf ben ik zinnens om de druk in het parlement nog op te voeren. Dit sleept al te lang aan, da’s een feit. Vlaanderen neemt het voortouw op vlak van dierenwelzijn, wel dan moeten we dat ook durven wanneer er economische belangen op het spel staan.”

Volgens onafhankelijk Vlaams parlementslid Hermes Sanctorum is de discussie te herleiden tot een gebrek aan politieke moed. “Ergens in de varkensketen zal er wel weerstand zijn tegen niet-gecastreerde varkens, maar wanneer die te herleiden is tot de weigerachtige houding van de Duitse consument zou toch eens onderzocht moeten worden of dat werkelijk klopt. Bij Boerenbond vernemen we dat de Duitse kwaliteitswaakhond Q&S het gebruik van Improvac toestaat, maar daarom is de marktacceptatie niet groot. Woordvoerder Luc Vanoirbeek: “Net zoals in België zijn er sommige retailers die gevaccineerde varkens aanvaarden, en andere niet. Bovendien is de wereld veel groter dan Duitsland alleen en zien we in Aziatische landen een nog veel grotere weerstand tegen Improvac-varkens. Zolang de detectie van berengeur aan de slachtlijn niet sluitend is, moet castreren met pijnbestrijding kunnen blijven bestaan naast het vetmesten van intacte beren en het vaccineren.”

CD&V-parlementslid Bart Dochy is van mening dat GAIA de fout maakt om aan de varkensketen te duwen bij de eerste schakel – de boer – in plaats van eraan te trekken bij de laatste schakel, retail en consument. “Het is niet de varkenshouder maar zijn afnemer die beslist over castreren, vaccineren of intacte beren vetmesten. Vandaag wordt de binnenlandse markt voor een groot stuk bevoorraad met niet-gecastreerde varkens, maar moet je durven toegeven dat de buitenlandse afzetmarkt voor gevaccineerde beren beperkt is. Kiezen we daarom voor intacte beren, dan is een 100 procent sluitende detectiemethode voor berengeur nodig en die is er op vandaag niet.” Dochy benadrukt dat de retail de sleutel in handen heeft en hij wil duidelijk stellen dat geen enkele varkenshouder plezier schept in het castreren van biggen.

Eén dag na de discussie in het Vlaams Parlement kloppen we aan bij Luc Verspreet, directeur van de coöperatie PROPIGS en COO van de Belgian Pork Group. Een element waar hij meteen op wijst, is de vleeskwaliteit. “Het vlees van een intacte beer is niet hetzelfde als dat van een gecastreerd mannelijk of een vrouwelijk varken. Berenvlees is magerder maar door het ontbreken van intramusculair vet ook minder mals. Bovendien riskeer je dat consumenten nooit meer varkensvlees willen als ze een stukje aten met berengeur want de detectie is nu niet volledig sluitend. GAIA kan dus niet beweren dat stoppen met castreren geen problemen creëert naar afzet toe. Nederlandse slachthuizen schroeven niet voor niks het aantal niet-gecastreerde varkens terug door leveranciers van beren minder te vergoeden. En het is geen toeval dat andere exportgerichte landen, zoals Denemarken, blijven castreren. Azië is een groeiende afzetmarkt voor varkensvlees, en net daar staat men weigerachtig tegenover intacte beren en wil men al helemaal niet weten van vaccineren met een lichaamsvreemd eiwit.”

Verspreet hoef je niet te herinneren aan de belofte om tegen 2018 te stoppen met castreren. “Een oplossing willen we als sector nog altijd, maar we kunnen niet blind zijn voor de moeilijke afzet van berenvlees want dan eindigen we met varkenskarkassen die niet verkocht geraken.” De voorbije jaren leek het alsof de oplossing van intacte beren of van vaccineren zou komen, maar de COO van Belgian Pork Group ziet een derde piste terrein winnen. “In Duitsland gaat de varkenssector op 1 januari 2019 overschakelen op het castreren van biggen onder lokale verdoving, gevolgd door de toediening van een pijnstiller."

"De discussie gaat in Duitsland nog vooral over wie de ingreep moet of mag doen: de dierenarts, wat de kostprijs zou verhogen, of de boer zelf. In Zweden – binnen Europa een voorloper op vlak van dierenwelzijn – kiezen ze al langer voor castreren met verdoving en pijnbestrijding", aldus nog Verspreet. "Ook de Denen springen op dezelfde kar zodat het ook voor België de aangewezen piste lijkt om ervoor te zorgen dat boer, big en burger gelukkig zijn. Als het effect hetzelfde is, namelijk het dier lijdt geen pijn, dan hoeft GAIA niet langer vast te houden aan stoppen met castreren.” Die oplossing lijkt ook voor FEBEV en bij uitbreiding de hele vleesketen de meest aangewezen piste, zo laat gedelegeerd bestuurder Michael Gore weten. "Het is alleszins een hele verbetering op vlak van dierenwelzijn en een flinke stap in de richting van het engagement dat vervat zit in de Verklaring van Brussel." 

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via