nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

24.01.2017 Boerderij zonder boekhouding is niet meer van deze tijd

Landbouwers die in aanmerking willen komen voor investeringssteun dienen conform de VLIF-reglementering een bedrijfseconomische boekhouding bij te houden. Ook banken willen de boekhouding inkijken alvorens een krediet te verstrekken. Landbouworganisaties hameren op hun beurt op het belang ervan. Boeren op een Kruispunt noemt het daarom “zeer verwonderlijk” dat slechts een minderheid van de bezochte bedrijfsleiders aangeeft over een bedrijfseconomische boekhouding te beschikken. De hulporganisatie zet in zijn jaarverslag in de verf hoe een nuttig hulpmiddel dit is. Idealiter geeft het ook een beeld van de kort lopende schulden. “De generatie van onze grootouders kon alles in een rekenschriftje bijhouden, maar landbouwers ondernemen nu op een schaal die groter is en dat niet meer toelaat.”

Wanneer een land- of tuinbouwer in moeilijkheden de hulp inroept van Boeren op Kruispunt proberen de adviseurs zich een beeld te vormen van het bedrijf tijdens hun eerste bezoek. Meestal is dat eerste bedrijfsplaatje onzuiver. De reden is dat het bijhouden van een bedrijfseconomische boekhouding nog al te vaak achterwege blijft op Vlaamse boerderijen. Het tiende jaarverslag van de vzw Boeren op een Kruispunt is een ontnuchtering op dat vlak. Slechts 26 procent van de bezochte bedrijfsleiders gaf aan over een bedrijfseconomische boekhouding te beschikken. De hulporganisatie steekt niet weg hoe dramatisch weinig dit is.

In de eerste plaats is het spijtig voor de ondernemers zelf want de schaal van een modern land- of tuinbouwbedrijf laat niet toe om verstandig te managen zonder een goed zicht op het economische plaatje. Tezelfdertijd is het verwonderlijk want het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) keert geen steun uit aan bedrijven zonder boekhouding. Ook bij de bank zal je als landbouwer nog moeilijk een krediet kunnen lospeuteren zonder bedrijfseigen cijfers. Gezien de verstrengde bankregels zal dit in de toekomst nog belangrijker worden. Gevraagd naar een verklaring verwijst Riccy Focke, directeur van de hulporganisatie, naar de hoge leeftijd van landbouwers. Wie een boerderij uitbaat zonder investeringsplannen ligt niet wakker van de VLIF-reglementering. Ook de gemengde bedrijven die veel bedrijfstakken combineren, zijn in de praktijk niet de grootste fans van een bedrijfseconomische boekhouding. Bij hen zit er veel 'ruis' op de cijfers zodat de rekenoefening complexer is.

Boeren op een Kruispunt zou nochtans graag zien dat een bedrijfseconomische boekhouding op ieder landbouwbedrijf aanwezig is en ook nog eens volledig, correct en nauwkeurig is. Het doet daartoe een aantal aanbevelingen. Aan actiefzijde stelt de vzw voor om de waarde van de woning en het spaargeld op te nemen omdat ze samen met de bedrijfsactiva een beeld van het totale actief geven. Aan de passiefzijde missen verschillende bedrijfseconomische boekhoudingen de juiste som van bedrijfskredieten. Ook een beschrijving van de kort lopende schulden hoort volgens de hulporganisatie thuis in de boekhouding: kaskrediet, leverancierskrediet, persoonlijke lening bij familie, enz. “Je moet er naar vragen om te weten dat die kort lopende schulden bestaan”, zegt Focke. “Ik merk onbegrip bij dierenartsen en bedrijfsadviseurs omdat boeren hun deskundig advies niet opvolgen. Mochten ze inzicht hebben in de leveranciers- en andere schulden van het bedrijf, dan zouden ze begrijpen waarom de landbouwer in kwestie de extra uitgaven niet aandurft.”

Die kort lopende schulden zijn te belangrijk om buiten de boekhouding te houden. Op de bedrijven met een bedrijfseconomische boekhouding registreerde Boeren op een Kruispunt gemiddeld ongeveer 191.500 euro aan kort lopende schulden. “Dit is een bron van verkeerde kredieten, overfinanciering en ondernemersbeslissingen die niet kunnen slagen”, zo ervaart de vzw. Binnen het project ‘Fast Feed From Europe’ werden cheques voor gratis advies verstrekt aan landbouwers en gaf Boeren op een Kruispunt de eigen rekentools ter inspiratie door aan bedrijfsadviseurs. Het jaarverslag verraadt dat het project niet gebracht heeft wat er van verwacht werd. Slechts 180 bedrijven vroegen een adviescheque aan en uiteindelijk ontving de vzw 108 bedrijfsadviezen die met een cheque van 1.000 euro vergoed werden. Van de 500.000 euro die beschikbaar was, werd amper 108.000 euro benut.

Gezien het geringe aantal landbouwbedrijven met een bedrijfseconomische boekhouding doet Boeren op een Kruispunt noodgedwongen beroep op de fiscale gegevens om een eerste beeld van het bedrijf te krijgen. Daarbij stoten de hulpverleners op een tweede probleem. Op 62 procent van de bezochte bedrijven maakten de bedrijfsleiders gebruik van het landbouwforfait voor de inkomstenbelasting. “Hierdoor is het veel moeilijker om werkelijke inkomsten en uitgaven te beschrijven, een rendabiliteitsstudie te maken of een liquiditeit te berekenen”, legt het jaarverslag de vinger op de wonde.

Het landbouwforfait heeft een goede naam bij landbouwers en boekhouders, maar dat is niet altijd terecht. Directeur Riccy Focke verklaart zich nader: “Het forfait is een zegen voor wie meer verdient dan het gemiddelde, maar vergeet niet dat de helft van de boeren onder dat gemiddelde zit.” Hij heeft het er vooral moeilijk mee in het geval dat forfaitair belaste bedrijfleiders veel leveranciersschulden met zich mee zeulen. Een volledige boekhouding voeren, zou voor hen fiscaal interessanter zijn. Boekhouders geeft hij de raad mee om aandachtiger te zijn voor achterstand in de betaling van sociale bijdragen. Focke: “Stel je dit vast bij je cliënt, dan moet je gealarmeerd zijn. De sociale bijdragen hebben een signaalfunctie zoals het kanariepietje in de koolmijn. Iemand die verzaakt aan zijn sociale rechten door de sociale bijdragen niet betalen, heeft meestal ook andere openstaande schulden.”

Meer info: jaarverslag Boeren op een Kruispunt

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via