nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

07.08.2017 Boerenbond: "PO's kunnen een nuttig instrument zijn"

Boerenbond bespreekt in haar ledenblad Boer & Tuinder het nut van producentenorganisaties (PO’s) in de melkveehouderij. De sectorvakgroep melkvee nodigde de besturen van PO Beste Melk en PO Dairycam uit, en sprak met hen over het parcours dat ze al hebben afgelegd. “In sectoren met schommelende prijzen die produceren op de wereldmarkt, kan een producentenorganisatie een nuttig instrument zijn om meer marktgericht te ondernemen en meer marktmacht te creëren”, luidt de boodschap. 

Voor PO’s gelden immers uitzonderingen op de mededingingsregels, wat hen toelaat collectief te onderhandelen over prijzen. Specifiek voor PO’s in de melkveehouderij geldt bovendien dat de organisatie geen eigenaar hoeft te worden van het product, in dit geval melk. Per afnemer kan er daarenboven slechts een PO actief zijn. Voor Danone is dat PO Beste Melk en voor FrieslandCampina is dat PO Dairycam. PO Beste Melk werd eerst opgericht, en heeft haar vuurdoop niet gemist. Danone stond achter het initiatief, maar kwam al snel met het idee om prijs- en volumecontracten voor haar leveranciers in te voeren. Een onderwerp waarover meteen fors gediscussieerd moest worden, met als resultaat dat de contracten er niet kwamen. 

In plaats daarvan besliste Danone in 2013 om de samenwerking met meer dan 80 Vlaamse producenten stop te zetten. Opnieuw een zware uitdaging voor PO Beste Melk, die mee op zoek ging naar alternatieven voor de getroffen melkveehouders. Daarbij verloor ze heel wat leden, maar vandaag staat ze aldus Boerenbond opnieuw sterk. De organisatie telt opnieuw 6 bestuursleden en 60 leden, wat twee derde is van de leveranciers van Danone.

En ondanks de felle discussies die al gevoerd zijn, bleef het contact met Danone bewaard. Zo werd nog gepraat over de mogelijkheid om prijsschommelingen te bufferen, wat uiteindelijk resulteerde in een melkprijs-kostprijsmodel dat op zijn beurt de basis vormde voor de vrijwillige contracten die Danone begin 2016 aan zijn leveranciers aanbood. “Melkveehouders konden zelf beslissen of ze al dan niet hierin wilden meestappen. Dat we samen onderhandelden, maar toch ruimte lieten voor individuele vrije keuze, is vrij uniek”, legt voorzitter Johan Hillen uit.

Het parcours van PO Dairycam lijkt minder hobbelig, al heeft ook deze organisatie al met herstructureringen bij de melkerij te maken gekregen. Eind 2015 werd een deel van de producenten afgestoten, omdat FrieslandCampina net als Danone de melkaanvoer beter wilde afstemmen op de melkvraag. PO Dairycam heeft toen voor de gedupeerde melkveehouders een hogere opzeggingsvergoeding en voor de blijvers drie jaar ophaalzekerheid kunnen onderhandelen.

Dat resultaat heeft de PO geen windeieren gelegd, dat zijn ledenaantal sinds de opstart al zag verdubbelen. Vandaag telt ze 15 bestuursleden en 130 leden, ongeveer een derde van de FrieslandCampina-leveranciers. De belangrijkste onderwerpen die er op tafel liggen, zijn de melkprijssystematiek en bijsturingen van Foqus Planet, het kwaliteitsprogramma van Friesland Campina. “Onze voornaamste doelen zijn afzetzekerheid garanderen en nagaan of onze leden voor hun product een marktconforme prijs ontvangen”, vertelt voorzitter Hans De Ruyter in Boer & Tuinder.

Elke PO heeft zo zijn eigenheid en stokpaardje, maar toch zijn er ook gelijkenissen. Zo is het volgens de besturen van beide PO’s belangrijk om als een verenigd front aan de onderhandelingstafel te zitten. Iets wat niet evident is. Het belang van een overlegplatform waarin zo veel mogelijk verschillende leden een stem hebben, wordt daarom door beide besturen erkend, net als interne communicatie. Een goede relatie opbouwen met de melkerij en het gesprek met de afnemer aangaan, is volgens hen waarschijnlijk de grootste uitdaging. “Maar uiteindelijk zijn melkerij en leveranciers partners die hetzelfde willen: een zo goed mogelijke afzet van ons product”, klinkt het in Boer & Tuinder.
 

Bron: Boer & Tuinder

Volg VILT ook via