nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

14.07.2017 Buxustelers leren tuinliefhebbers buxusmot bestrijden

Buxus is een mooie en bovendien inheemse tuinplant. Omdat buxus gemakkelijk is in onderhoud, immer groen, een groot herstelvermogen heeft na schade en in diverse vormen te snoeien is, is het een plant die in vele tuinen voorkomt. Sinds de buxusmot opdook in onze contreien, boet buxus in aan populariteit. Onterecht vinden telers omdat de bescherming tegen deze plaag niet zo moeilijk is. Belangrijk is om meermaals per jaar de buxusplanten te controleren op de aanwezigheid van duidelijk herkenbare rupsen. De bestrijding kan gebeuren met een biologisch anti-rupsenmiddel.

Tuinliefhebbers die geconfronteerd worden met het schadebeeld van de buxusmot denken vaak dat er geen andere oplossing is dan afscheid te nemen van hun geliefde buxus. De plaag ziet er erger uit dan ze is want ze kan bestreden worden en buxusplanten kunnen zich herstellen nadat ze zijn aangevreten door rupsen van de buxusmot. Door hun kennis te delen, willen Belgische buxustelers vermijden dat de inheemse plant plaats moet ruimen voor een exoot.

Zoals elke vlinder kent de buxusmot een rupsstadium. Nadat de buxusmot eitjes heeft gelegd, meestal aan de onderkant van de buxusblaadjes, ontluiken deze en verschijnen er rupsen. Het zijn die rupsen die aan de blaadjes vreten en schade toebrengen aan de plant. Om de schade door buxusmot aan te pakken is het daarom belangrijk om de planten, meermaals per jaar, grondig te controleren op de aanwezigheid van de duidelijk herkenbare rupsen.

De rups van de buxusmot herken je aan zijn zwarte kop en felgroene lichaam, dat volgroeid tot 4 cm lang is en een patroon van zwarte stippen en zwarte en lichte lengtestrepen heeft. Vraatschade van deze rups herken je aan bruinverkleuring, bladskeletten, dode blaadjes en kale takjes. Ook worden blaadjes aan elkaar gesponnen en zijn grauwgroene uitwerpselen te zien. Bij schade van de buxusmot blijft de bladnerf zichtbaar.

De buxusmot legt enkele keren per jaar eitjes en rupsen kunnen gedetecteerd worden in april/mei, juli/augustus en september/oktober. Het is belangrijk op die momenten de plant grondig te controleren en diep te behandelen bij aanwezigheid van de rupsen, wat kan met de biologische of chemische gewasbeschermingsmiddelen die in de handel te koop zijn. Het advies luidt om goed in de struik te spuiten en de behandeling te herhalen bij zware aantasting.

Eens de verpopping begint, naar het einde van augustus toe, kan je verdere verspreiding enkel nog beperken door het wegknippen van haarden samen met de daarin aanwezige rupsen en schade. Voer spinsels, snoeiafval en rupsen altijd af met het restafval in een goed gesloten zak, zo vermijd je dat rupsen ontsnappen. Volg de plaag tot begin volgende winter verder op, daar de buxusmot verschillende generaties per jaar heeft. De buxus staat bekend voor zijn recuperatievermogen en bij goede opvolging, zullen afgevreten planten opnieuw recupereren en dienen ze dus niet te worden verwijderd.

Biologische rupsenmiddelen op basis van spinosad en pyrethrum zijn voor particulieren te koop. Voor het gebruik van biologische rupsenmiddelen op basis van de bacterie Bacillus thuringiensis, die snel en afdoende werken, kan je terecht bij een professionele tuinaannemer. Die kent het ideale bestrijdingsmoment, heeft meer middelen voorhanden en kan gebruikmaken van biologische bacteriepreparaten die momenteel niet voor particuliere gebruikers beschikbaar zijn.

Sluipwespen, sluipvliegen, aaltjes, virussen en vogels zijn natuurlijke vijanden van de buxusmot. Maar gezien de buxusmot vanuit Azië is geïntroduceerd zijn deze natuurlijke vijanden voor de rups hier in Europa voorlopig niet talrijk genoeg aanwezig om ze te kunnen onderdrukken. Naar verluidt beginnen kippen en vogels deze rupsen ook stilletjes aan te lusten.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: ILVO

Volg VILT ook via