nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

22.10.2018 "Deal of no-deal: impact brexit wordt gigantisch"

Het uitblijven van een politiek akkoord over de brexit bezorgt het bedrijfsleven en de overheid in ons land heel wat kopzorgen. Maar ook als er een deal wordt bereikt, zal de impact groot zijn: een stevige extra papierberg aan douanedocumenten, een veelheid aan controles, lange wachtrijen in havens, enz. Hoewel vooral bij kmo’s de impact van de brexit pas langzaam doordringt, lijkt iedereen in België nu stilaan toch wakker te schieten. Het ziet er echter naar uit dat Groot-Brittannië daarentegen nog veel minder voorbereid is op wat zal komen. Dat stelt De Standaard in een reeks over de brexit.

Werkgeversorganisatie Voka adviseert Vlaamse bedrijven vandaag om uit te gaan van een worstcasescenario. “Niemand die vandaag weet welke richting het uitgaat en dat voedt de onzekerheid”, zegt Gilles Suply, adviseur internationaal ondernemen van Voka. “In het begin waren onze brexit-seminaries enkel in trek bij West-Vlaamse bedrijven, intussen zien we dat iedereen lijkt wakker te schieten.” Volgens hem wanen veel bedrijven zich veilig omdat ze geen handel drijven met Groot-Brittannië, maar niets is minder waar. “Je kan grondstoffen of producten afnemen bij een Duits bedrijf dat op zijn beurt wel uit Groot-Brittannië importeert, dan deel je natuurlijk in de klappen”, klinkt het.

Het aantal blootgestelde bedrijven aan de brexit ligt een pak hoger, dan wat nu wordt vermoed, meent Voka. “We vrezen ook dat de export meteen na de brexit heel veel vertraging zal oplopen. Sommige bedrijfsleiders gaan ervan uit dat er een maand lang amper nog iets over de grens zal gaan”, aldus Suply. De dienst Douane en Accijnzen van ons land doet er alvast alles aan om de brexit goed voor te bereiden. “Een harde of zachte brexit, dat maakt eigenlijk niet zoveel uit. Goederen bestemd voor het Verenigd Koninkrijk zullen sowieso in- en uitgeklaard moeten worden en dat vraagt tijd en het nodige personeel”, stelt Kristian Vanderwaeren, administrateur-generaal van de dienst Douane en Accijnzen.

Hij verwacht een stijging van het aantal controles van inkomende goederen met 14 procent en voor uitgaande goederen zal dat zelfs oplopen tot 17 procent. “We moeten er dus niet flauw over doen: de impact wordt gigantisch. Met het oog daarop mogen we op korte termijn 141 nieuwe douaniers aanwerven en werd bijna drie miljoen euro geïnvesteerd in de aankoop van allerhande extra materiaal, voertuigen en drugshonden”, aldus Vanderwaeren. De douane heeft het Belgische bedrijfsleven ook al meermaals opgeroepen om contact op te nemen met de dienst, om op die manier zoveel mogelijk de gevreesde chaos te vermijden. Maar de respons op die oproep viel niet echt mee.

De ‘sence of urgency’ wordt niet overal even sterk gevoeld. “Een bevraging van een aantal bedrijven leert ons dat veel kleinere bedrijven gewoon niet beseffen hoe complex douaneaangiften voor zogenaamde derde landen zijn. Terwijl we ons echt kunnen opwerpen als een partner voor die bedrijven. Daarnaast kunnen ze nu ook al perfect vergunningen aanvragen om de douanecontroles te verplaatsen naar een aantal laad- en losplaatsen in het binnenland, waardoor de druk op onze havens stevig verlicht zou worden. Bovendien kunnen wij hen ook helpen bij de opleiding van een aantal medewerkers: zeker voor kmo's die tot nog toe geen handel dreven met niet-EU landen, is dat geen overbodige luxe”, klinkt het bij Douane en Accijnzen. In de haven van Zeebrugge werd ook een brexit-contactpunt opgezet.

De voedingsindustrie is de sector die het zwaarst getroffen dreigt te worden door de brexit. Toch lijkt die niet echt onder de indruk over de maatregelen die de verschillende overheidsdiensten en de haven van Zeebrugge de voorbije maanden troffen. Naast Douane en Accijnzen, speelt ook het Voedselagentschap een zeer belangrijke rol voor de export van voeding. “Bij de controles op voeding worden dierenartsen ingezet, maar die zijn er nu al te weinig. Vooral omdat er grote onvrede heerst over de vergoedingen die de overheid daarvoor betaalt”, zegt Nicholas Courant, woordvoerder van FEVIA.

Het gevolg is dat de wachttijden voor voedingsbedrijven zullen oplopen. “En dat terwijl just-in-time leveringen voor heel wat voedingsbedrijven heel belangrijk zijn. En wat met bederfbare producten zoals zuivel? Die kan je niet zomaar enkele dagen in de haven parkeren omdat de wachttijden te hoog oplopen omdat een bepaald overheidsagentschap onderbemand is”, meent Courant. De sector vreest naast een logistieke nachtmerrie en een extra papierberg ook de eventuele aanpassing van kwaliteits- en productiestandaarden door de Britten. Dat zou betekenen dat Belgische voedingsproducten niet langer zouden aanvaard zijn in Groot-Brittannië.

Eén van de bedrijven die er boven uitsteekt als het gaat over het anticiperen op de brexit, is het West-Vlaamse groenteverwerkingsbedrijf d’Arta. Nog dezelfde dag dat bekend raakte dat een meerderheid van de Britten voor een brexit had gestemd, besliste het bedrijf om een productievestiging te openen in het land. “Wij zijn voor 99,9 procent afhankelijk van export en de Engelse markt is goed voor een vijfde van onze omzet”, vertelt Dries Talpe, co-CEO van d’Arta. Ongeacht welk politiek akkoord er uit de bus komt, de impact zal volgens hem groot zijn. Bovendien komt er voor de voedingssector ook een extra importheffing op alle producten die richting Engeland gaan, als het een harde brexit wordt.

Met het oog daarop opende d’Arta onlangs in Engeland een lokaal administratiekantoor om de hele papierwinkel intern te houden zodat het zijn klanten daarmee niet moet lastig vallen. “We proberen ook de douaneformaliteiten zo veel mogelijk uit havens als Calais of Zeebrugge weg te trekken. Daarnaast optimaliseren we waar mogelijk onze logistieke flow en we bekijken of we ook kunnen laden en lossen in het weekend. En last but not least hebben we intussen dus ook 20 miljoen pond geïnvesteerd in onze gloednieuwe Engelse fabriek. Sinds afgelopen zomer produceren we daar nu ook specifiek voor de Engelse markt, vooral erwten”, licht Dries Talpe alle brexit-inspanningen van zijn bedrijf toe.

Hij is ervan overtuigd dat de Britse consument de rekening zal voorgeschoteld krijgen voor alle extra controles, vertragingen en investeringen. “Import van voeding is bittere noodzaak voor het Verenigd Koninkrijk, want het land is helemaal niet zelfvoorzienend”, aldus Talpe. Hoewel het bedrijfsleven van mening is dat de Belgische overheden nog niet klaar zijn, lijkt de voorbereiding in Groot-Brittannië nog veel minder ver te staan. “Britse douaneautoriteiten kunnen vaak geen sluitend antwoord geven op concrete vragen. De overheid doet daar niets, in Engeland is het pure chaos”, klinkt het.

Bron: De Standaard

Volg VILT ook via