nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

12.04.2019 Drie Vlaamse beken scoren slecht op pesticidenresiduen

“Veel gewasbeschermingsmiddelen breken moeilijk af en daarom kan je ze nog jaren in de bodem van beken terugvinden.” Zo verklaart de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) de cocktail van pesticidenresiduen die gemeten werd in drie beken in landbouwgebied. Aan het onderzoek werkte VMM niet mee. Een Britse universiteit vergeleek in opdracht van Greenpeace de waterkwaliteit van 29 kleine Europese beken. De drie onderzochte Vlaamse beken, twee in West-Vlaanderen en één in Antwerpen, scoren goed op sporen van diergeneesmiddelen – die waren er niet – maar erg slecht op pesticidenresiduen. Nergens werden zoveel sporen van pesticiden gevonden als in de Harelbeek in Ledegem. Burgemeester Bart Dochy (CD&V) gaf Inagro de opdracht om dit verder uit te pluizen.

Uit een vergelijkend onderzoek naar de waterkwaliteit van 29 kleine Europese beken komt de Harelbeek in Ledegem als meest vervuilde niet-bevaarbare waterloop. Boosdoener zijn de sporen van 70 verschillende soorten gewasbeschermingsmiddelen die teruggevonden worden. Nergens anders zijn dat er zoveel. De onderzoekers van de universiteit van Exeter, waar een onderzoekslabo van milieuorganisatie Greenpeace geïnstalleerd is, noteerden elke stof die ze konden vinden. De gevonden concentraties in de Harelbeek zijn meestal beperkt, behalve bij drie actieve stoffen waarvoor ze 20 keer hoger liggen dan de gehanteerde veiligheidsnorm. De stalen werden in juni vorig jaar genomen, bij ons en in negen andere EU-lidstaten.

Verspreid over de 29 onderzochte beken werden sporen van 103 gewasbeschermingsmiddelen teruggevonden, meer onkruidbestrijdingsmiddelen dan fungiciden en insecticiden. In 13 van de 29 waterstalen werd voor minstens één actieve stof de Europese veiligheidslimiet overschreden. Bij overschrijdingen zijn neonicotinoïden meestal de boosdoeners, met name imidacloprid en clothianidin waarvan het gebruik reeds sterk aan banden is gelegd vanwege hun risico voor bijen.

Eco-toxicoloog Colin Janssen van de Universiteit Gent reageert op de studie via regionale zender Focus-WTV: “Een deel van de gewasbeschermingsmiddelen die gespoten worden, komen op de bodem en via uitspoeling in de beken terecht. Er is zeker een negatief effect op de ecosystemen in die grachten als je het risico voor het milieu van alle teruggevonden concentraties optelt. Beetje bij beetje zal de biodiversiteit dalen.” Burgemeester Bart Dochy (CD&V) is geschrokken van de slechte resultaten van de Harelbeek: “We maken ze over aan Inagro, dat de oorsprong van het probleem kan onderzoeken. Mogelijk gaat het om historische vervuiling.”

De Britse onderzoekers hebben ook stalen van de Moubeek in Aartrijke (Zedelgem) geanalyseerd Daar zijn ‘maar’ 33 verschillende pesticiden teruggevonden. De Wamp in de Antwerpse Kempen scoort het op drie na slechtste resultaat. De reden is volgens de Vlaamse Milieumaatschappij telkens dezelfde, namelijk dat er daar intensief aan landbouw wordt gedaan. Daarom zijn de resultaten volgens VMM-woordvoerder Katrien Smet niet uniek voor de drie onderzochte beken, maar kan je ze kopiëren naar andere plekken in Vlaanderen. Opvallend is dat er ook actieve stoffen worden teruggevonden die hun markttoelating reeds kwijt zijn. Dat hoeft niet noodzakelijk te wijzen op illegaal gebruik want residuen zijn heel persistent en worden jaren na het gebruik ervan nog teruggevonden in waterbodems.

Gewasbeschermingsmiddelen worden op hun impact op het waterleven onderzocht vooraleer ze een markttoelating krijgen. Onderzoeksleider Jorge Casado (Unversity of Exeter) wijst echter op de grote onzekerheid die er nog altijd heerst over de impact van een mix van chemische stoffen. Hij vindt dat verontrustend, zelfs al blijven de residuen elk afzonderlijk onder de veiligheidslimiet. Voedselveiligheidsautoriteit EFSA zoekt volgens hem nog naar een goede beoordelingsmethode voor dat zogenaamde combi-tox-effect. Het onderzoeksteam geeft volgende boodschap mee: “Landbouwers willen het water niet verontreinigen en watermaatschappijen zouden liever niet geconfronteerd worden met pesticidenresiduen. We moeten de afhankelijkheid van gewasbeschermings- en diergeneesmiddelen afbouwen door een meer duurzame landbouw.”

In eigen land zijn het vooral de fabrikanten van gewasbeschermingsmiddelen die er bij gebruikers voortdurend op hameren dat hun producten niet in het oppervlaktewater terecht mogen komen. Sectorfederatie Phytofar liet recent nog landbouwers die heel punctueel werken, getuigen in de landbouwpers (o.a. in weekblad Landbouwleven) om zo de aandacht bij alle gebruikers te verscherpen. Om af te sluiten met een positieve noot: in de Vlaamse beken werden geen sporen van diergeneesmiddelen gevonden terwijl sporen van antibiotica courant werden aangetroffen in het buitenland.

Meer info: University of Exeter

Bron: Focus-WTV / Het Laatste Nieuws / eigen verslag

Volg VILT ook via