nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

09.08.2018 Droogte vergroot risico op nitraatoverschot in de bodem

Door de droogte was er na de graanoogst niet de gelegenheid om drijfmest uit te rijden en een groenbedekker te zaaien. In Nederland is de periode verlengd waarin mest mag uitgereden worden. Dat gebeurt niet in Vlaanderen. De Vlaamse Landmaatschappij acht het zelfs verstandig om heel terughoudend te zijn bij de toediening van mest op het land omdat teelten minder stikstof opnamen door de droogte. Mestverwerking of mestopslag zijn veiligere opties om een te hoog nitraatresidu in het najaar te vermijden.
Er komt geen uitstel voor het uitrijden van mest. Dat vernam persagentschap Belga bij de Vlaamse Landmaatschappij. "Minister Schauvliege en de administratie wensen zich te houden aan wat in de decreten is vastgelegd op dat vlak", zegt Els Seghers, adjunct-woordvoerder van de Vlaamse Landmaatschappij. "Boeren zijn vragende partij om langer te mogen uitrijden met hun mest", had de krant Het Belang van Limburg begin deze week bericht, onder meer verwijzend naar Nederland, waar een uitzondering op de uitrijregeling is aangekondigd. "Door de aanhoudende droogte zitten de mestputten nog overvol", zo luidt de motivering.
 
Het einde van de bemestingsperiode is afhankelijk van een aantal factoren (type bedrijf, meststof, grondsoort, zaaien van een nateelt of vanggewas). Door de verstrenging van de mestwetgeving ligt het bijvoorbeeld niet meer voor de hand om nog drijfmest te voeren op de graanstoppel. De voorwaarden om nog te bemogen bemesten na de oogst van de hoofdteelt zijn behoorlijk streng. Landbouwers kunnen ze terugvinden in deze schematische voorstelling van de mestuitrijregeling.
 
Door de mesttoediening tijdens de zomer sterk te beperken, wil de Vlaamse overheid vermijden dat er in het najaar teveel stikstof achterblijft in de bodem die niet door de gewassen is opgenomen. Landbouwers worden er door de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) op gewezen dat ze dit jaar extra voorzichtig te werk moeten gaan bij een bemesting na de oogst van de hoofdteelt en een bij-bemesting van groenten. “Door de aanhoudende droogte is een beredeneerde aanpak nog meer dan anders van belang”, klinkt het.
 
Landbouwers met een mislukte oogst, doen er naar verluidt goed aan om een vanggewas (of andere nateelt) in te zaaien. Zo kunnen de beschikbare nutriënten opgenomen worden door de planten en spoelen ze niet uit naar het grond- en oppervlaktewater. “Bijkomende bemesting is in die omstandigheden veelal niet nodig. Door de beperkte groei van de hoofdteelt, zijn nog veel meststoffen in de bodem aanwezig”, licht VLM toe. “Landbouwers met een mestoverschot, zoeken het best tijdig andere mestafzetmogelijkheden zoals mestverwerking of extra opslag om een te hoog nitraatresidu in het najaar te vermijden.”

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Loonwerk Defour

Volg VILT ook via