nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

27.01.2017 Duurzame productie van rundvlees of 'consuminderen'?

Op vlak van vleesproductie, en dan vooral rundvlees, bestaan er meerdere paden op de weg naar meer duurzaamheid en verschillende landen hanteren vaak andere strategieën. Om die reden werd een vergelijkende studie uitgevoerd door professor Xavier Gellynck van de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen aan UGent naar vleesconsumptie en duurzaamheid in België en Uruguay, de Zuid-Amerikaanse vleeskampioen. Uit de bevraging over de hele productieketen heen blijkt dat in België doorgaans wordt geopteerd om minder te consumeren, terwijl men in Uruguay duurzamer wil produceren.

Een stijgende wereldbevolking, schaarse hulpbronnen en de intussen welgekende milieuproblematiek plaatsen de landbouwsector voor enkele uitdagingen. Hierbij komt voornamelijk de globale rundvleessector in het vizier als één van de minder duurzame landbouwsectoren. De ammoniakemissies en druk op natuurlijke inputs zijn enkele gekende aandachtspunten, waarbij er ongeveer 20.000 liter water (inclusief regenwater dat benut wordt door voedergewassen, nvdr.) nodig is voor de productie van 1 kg rundvlees en tot 45 procent van de wereldproductie van graan om deze herkauwers te voeden.

Een duurzamere ontwikkeling in de rundvleessector vraagt echter inspanningen van zowel producent als consument en verschillende landen gaan hier anders mee om. Daarom onderzocht een eindwerk van Norah Benmeridja, onder leiding van professor Xavier Gellynck van de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen aan de Universiteit Gent (UGent) de belangrijkste aspecten omtrent duurzaam rundvlees, zoals consumptiepatroon, attitude tot rundvlees als voedselbron, perceptie naar duurzaam handelen en hoe deze verschillen tussen België en Uruguay over de hele productieketen heen: van boer tot consument.

“Zowel in België als Uruguay is het besef naar duurzaamheid traag maar gestaag aan het toenemen, maar de vraag blijft of dit daadwerkelijk wordt vertaald naar duurzaam handelen”, vertelt professor Gellynck. “Waar in België een trend te merken is naar minder consumptie van rundvlees en een toename van eiwitalternatieven, blijft Uruguay ongewijzigd rundvlees consumeren omdat het ingebakken zit in de cultuur. Bijgevolg, dient de mogelijke winst hier eerder aan de productiezijde gezocht te worden. Dit wordt natuurlijk ook sterk beïnvloed door consumenteninitiatieven die een duurzamere productie willen en hier zelfs meer voor willen betalen.”

Professor Gellynck: “De cijfers uit onze bevragingen bevestigen de algemene cijfers dat de vleesconsumptie in België daalt en dat een Belg gemiddeld nog maar éénmaal per week rundvlees consumeert. In Uruguay blijft de consumptie echter bijna ongewijzigd en wordt er drie keer per week rundvlees geconsumeerd. Op jaarbasis eet een Uruguayaan ongeveer één vijfde meer rundvlees dan in België. Dit is niet zo verrassend voor een land dat één kwart van de wereldwijde rundvleesproductie aan zich toeschrijft. Met ongeveer drie miljoen inwoners is er nergens ter wereld zo een hoge ratio van herkauwers ten opzichte van mensen.”

“Rundvlees blijft wel een sterk gegeerd kwalitatief vleesproduct, met aspecten zoals kwaliteit en smaak als één van de belangrijkste factoren bij de aankoop ervan”, gaat de professor landbouweconomie verder. “Dit kwam zowel in België als Uruguay sterk naar voren uit ons onderzoek. De Belgische respondenten vonden aspecten zoals duurzaamheid en land van oorsprong ook beduidend belangrijker, terwijl in Uruguay meer naar het aspect prijs werd gekeken. Over de keten heen kwam het belang van duurzaamheid wel minder sterk naar voor bij de Belgische rundveehouders dan bij de consument.”

Het besef van de huidige duurzaamheidsproblematiek blijft aan de grondslag liggen voor verandering naar duurzaam handelen in elke samenleving. “Ieder van ons heeft hierin zijn verantwoordelijk om initiatieven aan te moedigen en te cultiveren richting bredere groepen, regio’s, landen en (consumptie)maatschappijen”, vindt de Gentse professor. “Ons onderzoek toont aan dat in zowel België als Uruguay er veel belangstelling is voor duurzaamheid, zowel bij boeren als consumenten. Uruguay scoort op dit vlak zelfs net iets beter. In België hechten boeren vooral belang aan economische aspecten, zoals voedselveiligheid, vleeskwaliteit en hun inkomen, terwijl voor boeren in Uruguay ook een meerwaarde voor de lokale samenleving van belang is. Consumenten in beide landen vinden sociale- en milieuaspecten dan weer doorslaggevend, hoewel dit in België eerder richting milieu gaat en in Uruguay eerder richting sociale- en economische factoren.”

In België zijn we alvast op weg naar het consumeren van minder rundvlees en de zoektocht naar waardevolle vleesalternatieven. Ook de verhoogde integratie van duurzaamheid in de rundvleesproductieketen neemt toe in belang. De vraag is of dit zich ook kan vertalen naar een potentieel verhoogde meerprijs in aankoop, vindt de professor landbouweconomie. “Een interessante “push”-strategie hieruit kan verhoging zijn in winstmarge voor de boeren en niet de warenhuizen, zodat investeringen te huize boerderij kunnen gedaan worden om duurzaamheid te integreren. Ook marketing tools en overheidsinitiatieven kunnen een duw voorwaarts geven in de opvoeding van consumenten voor doelbewuste keuzes, zoals het aankaarten van duurzaamheidsscores op voedselverpakkingen. Toch blijft het besef van de huidige duurzaamheidsproblematiek het voornaamste beginsel naar duurzaam handelen, waaruit vlees-consuminderen en substituenten automatisch zullen voortvloeien.

Meer informatie: UGent-Crelan leerstoel landbouwinnovatie

Bron: |

Beeld: Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen UGent

In samenwerking met: UGent-Crelan leerstoel landbouwinnovatie

Volg VILT ook via