nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

09.08.2018 “Eén graad warmer, één maand vroeger oogsten”

In het fruitlabo van de KU Leuven zijn onderzoekers al wekenlang appelen en peren aan het meten. Duizenden stukken onrijp fruit worden onderzocht op kleur, suiker en hardheid. De data gaan de computer in, die vervolgens voor iedere soort de ideale plukdatum vastlegt. De fruitsector heeft er halsreikend naar uitgekeken. “Dit jaar vallen de plukdata uitzonderlijk vroeg”, zegt professor Bart Nicolaï, directeur van het Vlaams Centrum voor de Bewaring van Tuinbouwproducten in Leuven. “Hoe hoger de gemiddelde jaartemperatuur hoe eerder het fruit geoogst moet worden. Eén graad warmer is één maand vroeger oogsten.”

“We kregen voortdurend telefoon van ongedurige telers”, zegt Ann Schenk van het Vlaams Centrum voor de Bewaring van Tuinbouwproducten in Leuven (VCBT). Het laboratorium berekent al 20 jaar de officiële plukdata voor appelen en peren. Ze houden statistieken bij en voor ieder ras hebben ze wiskundige modellen ontwikkeld. Op basis hiervan voorspellen de onderzoekers nauwkeurig wanneer welke appel of welke peer moet worden geplukt.

Intussen heeft het VCBT de officiële plukdata bekendgemaakt. Conference peren moeten worden geoogst tussen 16 en 30 augustus, Belgica appelen tussen 21 en 25 augustus. Wat het VCBT na al die jaren ook kan voorspellen, is de nervositeit van de fruitsector. “Deze week komt de Europese fruitsector bijeen om de oogst van 2018 te bespreken. De grootte van de opbrengsten speelt een belangrijke rol in de bepaling van de prijzen. Uiteraard wil vervolgens iedereen weten wanneer er geoogst mag worden.”

Officiële plukdata zijn nodig om te vermijden dat fruit te vroeg of te laat wordt geoogst. De overheid wil namelijk garanderen dat er alleen fruit van hoge kwaliteit op de markt komt. Daarom mogen telers niet te vroeg plukken. Te laat plukken levert problemen op met de bewaring van het fruit. “Maar we begrijpen het ongeduld van de sector”, zegt Ann Schenk . “De fruitpluk is afhankelijk van seizoensarbeid. De nodige werkkrachten precies op tijd in de boomgaarden krijgen vergt veel logistieke organisatie.”

“De aanhoudende droogte zorgde bovendien voor extra ongerustheid”, vervolgt de onderzoekster. “De fruitbomen hebben te lijden van hittestress. Ze krijgen het alsmaar moeilijker om water uit de bodem te halen. Maar voorlopig is de toestand niet erger dan wat we in vorige jaren hebben gezien. De bomen onttrekken vooralsnog geen water aan hun vruchten. Ook al maken sommige telers zich zorgen over fruit dat zacht wordt. In de metingen zien we daarvan niets terug. Ook het hoge suikergehalte en de hardheid van de peren is niet abnormaal.”

Professor Bart Nicolaï, directeur van het VCBT, merkt in 20 jaar fruitmetingen wel een trend op. “Dit jaar vallen de plukdata uitzonderlijk vroeg. Niet dat er in het veranderende klimaat alsmaar vroeger moet geplukt worden. De grafieken laten zien dat de plukdata de laatste tien jaar sterk wisselen. Vroeger was het leven van een fruitteler eenvoudig. Rond 1 september waren de peren rijp, een maand later de appels.”

“Nu stellen we grote schommelingen vast”, zegt professor Bart Nicolaï. “Ofwel wordt er heel vroeg geplukt ofwel heel laat. Wat we ook merken is dat ons fruit verkleurt. Het wordt geler, net zoals rassen in het zuiden.” Appels zoals Jonagold zullen volgens de professor hoe langer hoe minder een rode wang hebben, om rood te worden hebben appels immers koude nachten nodig. Het duurt trouwens nog een maand voor Jonagold appels kunnen worden geplukt. “In die tijd kun je nog groeivertragingen of -versnellingen verwachten. Daarom blijven we in het labo van het VCBT fruit meten tot aan de pluk. Bij wijzigingen sturen we nieuwe pluksignalen uit.”

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via