nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

11.10.2017 Eierproducenten houden zich sterk na de fipronil-crisis

Drie maanden nadat de fipronil-crisis in alle hevigheid losbarstte, raamt Boerenbond de totale schade voor pluimveehouders op zo'n 14 miljoen euro. Hoewel de crisis al een tijdje over zijn hoogtepunt heen is – in juli waren er 86 Belgische pluimveebedrijven geblokkeerd, nu nog vier – blijft de situatie moeilijk voor de getroffen leghennenhouders. Het duurt nog maanden vooraleer zij weer een inkomen verwerven uit eieren. Vlaams volksvertegenwoordiger Herman De Croo (Open Vld) heeft er goede hoop op dat bedrijfsleiders heelhuids door deze moeilijke periode geraken. Tot dusver meldde slechts één van hen zich bij Boeren op een Kruispunt. In de VLIF-waarborg voor overbruggingskredieten is er duidelijk interesse, maar zo kort na publicatie van het minsterieel besluit zijn er nog geen aanvragen.

Door het frauduleus gebruik van een ontsmettingsmiddel dat fipronil bevatte – een bijzonder effectief doch verboden insecticide tegen de voor kippen vervelende bloedluizen – gingen tientallen pluimveebedrijven deze zomer op slot. Hun stallen en bijgevolg ook de kippen en de eieren die ze leggen, waren gecontamineerd met fipronil. De gemeten hoeveelheden in eieren waren zo klein dat er nooit een gevaar voor de volksgezondheid was, maar de economische schade is enorm.

Bij een eerste raming begin augustus had Boerenbond het over “minstens 10 miljoen euro schade”. Ondertussen is dat bedrag bijgesteld naar 14 miljoen euro. Mogelijk loopt het nog verder op want begin oktober rapporteerde federaal landbouwminister Denis Ducarme dat er nog altijd 11 bedrijven geblokkeerd zijn. Het gaat om drie leghennenbedrijven met lege stallen, vier bedrijven die hun kippen niet mogen slachten van het FAVV en vier opfokbedrijven die nog niet opnieuw mogen opstarten.

Het fipronil-vrij krijgen van de stallen blijkt een pak lastiger, en dus ook duurder, dan aanvankelijk gedacht. Er moet gewerkt worden met warm water en vet oplossende zeep, en met één beurt wil het dan nog niet lukken. Na reiniging bemonstert het Voedselagentschap de stal en kan vrijgave volgen. Voor de getroffen bedrijven is het een ramp dat het hernemen van de eierproductie zoveel tijd vergt. Zodra de stallen schoon zijn, is het nog lang wachten op jonge hennen want tussen het uitbroeden van een ei, het opfokken van de kuikens en het in ontvangst nemen van de leghennen verstrijken al gauw vijf maanden. Zeker nu de broeierijen en opfokbedrijven overbevraagd zijn.

Het is nog vroeg om te schrijven dat alle leghennenbedrijven doorheen deze moeilijke periode zullen geraken met de nodige steun van de Vlaamse en federale regering , maar Vlaams parlementslid Herman De Croo (Open Vld) hoopt er wel op. “Slechts één aanmelding bij de vzw Boeren op een Kruispunt en eind september had nog geen enkel bedrijf zich bij het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) gemeld voor een waarborgregeling. Het lijkt erop dat de impact van de fipronil-crisis op de Vlaamse pluimveehouders binnen de perken blijft.” Dat concludeert De Croo uit de antwoorden die hij van Vlaams landbouwminister Joke Schauvliege ontving op vier schriftelijke vragen. Dit artikel stond nog maar een paar minuten online toen een leghennenhoudster – moe van het reinigen van de stallen en ontmoedigd omdat de eierproductie pas binnen maanden weer herneemt – via Twitter reageerde dat het FAVV de stallen nog steeds niet heeft vrijgegeven, en het parlementslid (beter) op het terrein gaat kijken hoe het de gedupeerde boeren vergaat.

Met de informatie uit de parlementaire vragen van Herman De Croo klopte VILT aan bij het VLIF, waar afdelingshoofd Luc Uytdewilligen wil nuanceren dat leghennenhouders geen nood zouden hebben aan de waarborgregeling. “Tot op heden zijn er geen dossiers aangevraagd, maar de publicatie van het ministerieel besluit dateert nog maar van 22 september. Getroffen bedrijven hebben tijd tot zes maanden na het opheffen van de blokkade door het Voedselagentschap om een dossier in te dienen. Dat moet gebeuren door een erkende bankinstelling. Zowel leghennenhouders als hun banken hebben al informatie ingewonnen”, licht Uytdewilligen toe.

Eerder dan dat de waarborgregeling overbodig is, lijkt het er dus op dat het slechts een kwestie van tijd is vooraleer de eerste aanvragen kunnen toekomen bij het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds. Over het vermoedelijke aantal dossiers, durft Uytdewilligen nu nog geen uitspraken doen, behalve dan dat het in verhouding zal staan tot de bedrijven die toegang krijgen tot de steunmaatregel, meer bepaald de geblokkeerde bedrijven. Bij een goedkeuring van de aanvraag staat het VLIF borg tot maximaal 80 procent van een maximaal 140.000 euro groot overbruggingskrediet (voor een kleiner bedrag kan ook, nvdr.) ter financiering van operationele kosten en kredietlasten.

Herman De Croo polste bij de minister ook naar de exportcijfers voor eieren. “Ik hoorde onrustwekkende signalen vanuit de sector over het aanbod van eieren in de komende maanden omdat er heel wat eieren uit de markt zijn genomen en een groot aantal bedrijven geblokkeerd werden. Bovendien zou Nederland met een nog groter tekort kampen en daarom veel Vlaamse eieren beginnen kopen”, legt hij uit. “Helaas kon de minister geen recente exportcijfers voorleggen. Het is alleszins een materie die we met argusogen zullen opvolgen.”

Op basis van de antwoorden op zijn schriftelijke vragen concludeert het Vlaams parlementslid dat de aanpak van de fipronil-crisis zowel op Vlaams als federaal vlak vlot lijkt te verlopen. “Minister Schauvliege meldde dat haar federale collega Ducarme de schadevergoedingen, die vanuit de reserves van het Voedselagentschap zullen worden gefinancierd, nog dit jaar hoopt te activeren. Binnen een termijn van maximaal twee maanden zouden bedrijven, die schadevergoeding aanvragen, moeten weten of ze die effectief zullen ontvangen.”

Bron: eigen verslaggeving / Gazet van Antwerpen

Beeld: Luc Maertens voor vakblad Pluimvee

Volg VILT ook via