nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

29.04.2019 EU vereenvoudigt toegang tot krediet voor jonge boeren

De Europese Commissie en de Europese Investeringsbank (EIB) gaan één miljard euro vrijmaken om de toegang tot financiering voor jonge landbouwers in Europa te verbeteren. “Uit een onderzoek door de Commissie blijkt immers dat ruim een kwart van de jonge boeren problemen ondervindt om de nodige leningen bij de bank te krijgen”, aldus Europees landbouwcommissaris Phil Hogan die samen met zijn collega EU-commissaris Marianne Thyssen was afgezakt naar het landbouwbedrijf van Sam Magnus in Merchtem om dit ‘Young Farmers Initiative’ voor te stellen. Ook ministers Koen Van den Heuvel en Kris Peeters waren van de partij.

Toegang tot kapitaal is één van de grote uitdagingen voor jonge landbouwers, zowel bij de opstart van hun bedrijf als bij de verdere uitbouw. Dat blijkt ook uit Europese statistieken. “Bij een rondvraag hebben we gemerkt dat jonge landbouwers het niet steeds makkelijk hebben om kredieten vast te krijgen. In 2017 werd 27 procent van de aanvragen van Europese jonge boeren bij de banken afgewezen. Andere landbouwbedrijven kregen slechts in negen procent van de aanvragen een nul op het rekest”, vertelt Marianne Thyssen, eurocommissaris voor Werkgelegenheid, Sociale Zaken, Vaardigheden en Arbeidsmobiliteit.

Om een antwoord te bieden op deze nood bij jonge landbouwers gaat de Commissie samen met de Europese Investeringsbank een budget van één miljard euro vrijmaken. Daarnaast zal er naar verwachting nog eens één miljard euro aan investeringen gemobiliseerd worden van particuliere banken binnen de EU die het EIB-programma zullen beheren. “Op die manier krijgen jonge landbouwers toegang tot leningen met langere looptijden tot 15 jaar, lagere rentes en soepeler voorwaarden. Zo moet het mogelijk zijn om tijdens een crisis de terugbetaling met vijf jaar uit te stellen”, legt Hogan uit.

Volgens de eurocommissaris gaat het om één van de grootste landbouwfinancieringsinitiatieven van de Europese Investeringsbank die het zal financieren vanuit de eigen middelen. Hoewel de focus van het initiatief op jonge landbouwers ligt, kunnen ook kleine en middelgrote landbouwbedrijven van de financiering gebruik maken. “Toegang tot financiering voor boeren is cruciaal als we willen vermijden dat plattelandsgebieden leeglopen. Vandaag is slechts 11 procent van de Europese landbouwers jonger dan 40 jaar. Het is voor de Commissie een prioriteit om hen te ondersteunen”, luidt het.

Lovende woorden voor het initiatief waren er van de organisaties voor jonge landbouwers. “We zijn tevreden dat er aandacht wordt besteed aan de specifieke noden van jonge land- en tuinbouwers”, aldus Groene Kring. Een verbetering van de toegang tot financiering is van groot belang. Het is evenwel cruciaal dat er een goede uitwerking komt van deze maatregel in Vlaanderen en we hopen hierbij betrokken te worden.” Groene Kring denkt daarbij aan de verlaging van de eigen inbreng, het bieden van waarborgen en flexibiliteit in de afbetaling voor jonge boeren. De organisatie benadrukt dat dit initiatief ook een aanvulling moet zijn voor de steun van jongeren binnen het GLB, en geen vervanging.

“De commissaris en zijn team tonen met dit Young Farmers Initiative hun toewijding voor de toekomst van onze landbouw. Toegang tot krediet is immers één van de drie grootste uitdagingen waar jonge landbouwers vandaag mee geconfronteerd worden”, stelt Jannes Maes, voorzitter van de Europese koepel van jonge landbouwers CEJA. Hij wijst er ook op dat het een sterk signaal is dat Europese instellingen, zoals de Commissie en EIB, gaan samenwerken om het leven van de Europese burgers, in dit geval boeren, te verbeteren.

Eurocommissarissen Hogan en Thyssen kwamen naar het landbouwbedrijf van Sam Magnus, jonge landbouwer uit Merchtem en tevens ondervoorzitter van Groene Kring, om het initiatief voor te stellen. Samen met Vlaams landbouwminister Koen Van den Heuvel, federaal minister van Werk Kris Peeters en EU-parlementsleden Yvo Belet en Tom Vandenkendelaere kregen ze een rondleiding op het bedrijf dat gespecialiseerd is in de teelt van mini-witloof. Voor Sam was het de gelegenheid om nog een aantal andere thema’s die belangrijk zijn voor jonge landbouwers onder de aandacht te brengen van de politici.

In de eerste plaats ging het om de definitie van actieve landbouwer. “Vandaag blijft landbouwgrond in handen van 70- of zelfs 80-jarigen die na hun pensioen hun grond behouden omdat ze er premies blijven op trekken. Daardoor hebben jonge boeren het moeilijk om aan de nodige landbouwgrond te geraken. Het is dus echt belangrijk dat GLB-steun voorbehouden blijft voor echte landbouwers”, aldus Magnus. Hogan kon zich vinden in die vraag, maar hij vertelde dat het EU-parlement er niet in geslaagd is om een akkoord te bereiken over de definitie van actieve landbouwer. “Vandaar dat we het aan de lidstaten hebben overgelaten om dit zelf te bepalen”, reageert Hogan.

CEJA en Groene Kring staan niet echt te springen voor die grotere autonomie voor de lidstaten. “Dit leidt tot een hernationalisering van het landbouwbeleid en dat zorgt ervoor dat het level playing field in de Europese Unie verdwijnt”, uitten beide organisaties hun bezorgdheid hierover. Tot slot kwam ook nog de vraag om beheerovereenkomsten uitsluitend voor te behouden voor actieve landbouwers. “Als jonge boeren zijn wij echt bereid om onze verantwoordelijkheid voor de natuur op te nemen. Maar als beheerovereenkomsten ook opengesteld worden voor pensioenboeren en investeerders, dan wordt het opnieuw moeilijk voor jongeren om toegang tot grond te krijgen”, kaartte Magnus nog aan.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via