nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

17.07.2017 Europarlementslid is boer voor 1 dag op melkveebedrijf

Vrijdagochtend was Europees Parlementslid Tom Vandenkendelaere om zeven uur reeds koeien aan het melken. Op uitnodiging van Groene Kring beleefde hij een stagedag op een landbouwbedrijf. Susan Mahieu, voorzitter van de West-Vlaamse afdeling van de jongerenvereniging, stelde haar melkveebedrijf open voor het initiatief #BoerVoor1Dag. In het licht van de volgende hervorming van het Europees landbouwbeleid rekenen de jonge landbouwers op hun landgenoot in de landbouwcommissie van het Europees Parlement, onder meer om ‘actieve landbouwer’ te handhaven als voorwaarde voor inkomenssteun. Kwamen ook ter sprake: het Europese antwoord op de zuivelcrisis en twee problemen die zich in Vlaanderen bijzonder scherp stellen: mestafzet en toegang tot grond.

Vorige vrijdag ontving Groene Kring, de vereniging voor jonge land- en tuinbouwers in Vlaanderen, Tom Vandenkendelaere voor een dag stage op een landbouwbedrijf. Met het initiatief #BoerVoor1Dag wil de jongerenvereniging binnen Boerenbond politici en ambtenaren de kans geven om voeling met de praktijk op te doen. Vandenkendelaere, lid van de landbouwcommissie in het Europees Parlement, kon daarvoor in Hollebeke terecht op het melkveebedrijf van provinciaal voorzitter van Groene Kring Susan Mahieu. Zij runt de boerderij samen met haar man en ouders.

De politicus proefde van het dagelijkse werk op de boerderij: de koeien melken, het jongvee verzorgen en het ruwvoeder uit de kuil halen met een verreiker. Tijdens het gesprek met de jonge landbouwers viel het Vandenkendelaere op dat hun kennis van de zuivelmarkt verder reikt dan de melkprijs die de coöperatie uitbetaalt. “Door de melkprijs zijn onze Vlaamse boerderijen sterk geconnecteerd met de wereldmarkt. Jonge boeren hebben daar een goede kijk op. Groot is het besef dat er financiële buffers nodig zijn om slechte jaren te overbruggen, maar groot is ook de angst voor een nieuwe zuivelcrisis want de laagconjunctuur kan zolang duren dat hij niet overbrugbaar is.”

In de namiddag schoof hij aan tafel met enkele provinciale bestuursleden van Groene Kring West-Vlaanderen. Het is nog maar van vorig jaar geleden dat de zuivelmarkt in een diepe crisis verkeerde zodat de door Europa georkestreerde productievermindering ter sprake kwam. Minder melk produceren, werd vergoed à 14 eurocent per liter. “Een bedrag dat onvoldoende was voor jonge melkveehouders die investeringen moeten afbetalen”, begrijpt Vandenkendelaere na zijn gesprek met Susan Mahieu en de andere Groene Kringers waarom de maatregel niet populairder was bij jongeren.

Meer flexibiliteit bij de aanpak van een crisis, bijvoorbeeld door meer oog te hebben voor de noden van jonge landbouwers, maakt een crisismaatregelenpakket doeltreffender. Volgens Vandenkendelaere kan de vrijwillige en door Europa vergoede productievermindering als crisismaatregel terugkeren in het nieuwe landbouwbeleid, ook voor andere sectoren dan melkveehouderij. “De Europese Commissie communiceert er over in termen van een succes, wat mij doet geloven dat de diensten van Hogan de maatregel breder willen uittesten.”

In Vlaanderen, en zeker ook in West-Vlaanderen, zijn mestverwerkingsinstallaties nodig om de mestbalans te doen kloppen. Voor een veehouder werkt dit kostprijsverhogend, wat jongeren extra zwaar treft omdat hun bedrijven nog in volle ontwikkeling zijn. Groene Kring maakte de absurditeit van het mestdossier duidelijk: Vlaamse boeren betalen voor het afvoeren van de dierlijke mest naar een verwerker en vervolgens ook voor het aankopen van kunstmest. Hun Waalse collega’s kopen kunstmest bij gebrek aan dierlijke mest want de Vlaamse mest mag de taalgrens niet over. “Een paradoxale situatie”, beaamt Tom Vandenkendelaere.

Hij maakte de jonge landbouwers duidelijk dat ze niet mogen hopen op een versoepeling van het Vlaamse mestbeleid aangezien de meetresultaten aantonen dat de waterkwaliteit nog steeds niet beantwoordt aan de Europese doelstelling. Gelet op de politieke wind die door Wallonië waait, moeten Vlaamse veehouders er ook rekening mee blijven houden dat de taalgrens nog voor langere tijd ook een mestgrens zal zijn.

Wat er wel zit aan te komen, is een versoepeling van de intracommunautaire handel in de eindproducten van mestverwerking. Vandenkendelaere licht dat toe aan VILT: “Nu moet België bilateraal onderhandelen met andere lidstaten om organische meststoffen te kunnen verhandelen. Wanneer het eindproduct van mestverwerking een CE-markering draagt, zal het vlot verhandeld kunnen worden op de interne markt. Dat kan de vraag naar (producten op basis van) dierlijke mest vergroten. In de landbouwcommissie pleiten we er ook voor dat dierlijke mest niet langer als afvalstof wordt beschouwd, maar de commissie Consumentenbescherming staat op de rem om organische meststoffen toe te laten als kunstmestvervanger.”

Het was Tom Vandenkendelaere die op VILT.be aankaartte dat de definitie van ‘actieve landbouwer’ als begunstigde voor Europese inkomenssteun onder druk staat. Vlaams landbouwminister Joke Schauvliege pleit voor het behoud ervan, maar krijgt weinig steun van andere lidstaten die de voorwaarde administratief hinderlijk vinden. In Vlaanderen bewijst het alleszins zijn nut. Groene Kring is dan ook een groot voorstander, en breekt zelfs een lans voor een strengere definitie. Het blijft immers een probleem dat pensioenboeren hun grond niet lossen omdat ze inkomenssteun willen innen, en dat grote grondeigenaars zich laten ondersteunen door de EU terwijl landbouw(grond) voor hen een deel van de beleggingsportefeuille is en in de praktijk een loonwerker al het veldwerk doet.

Jonge landbouwers houden zo sterk vast aan de voorwaarde ‘actieve landbouwer’ omdat ze vrezen dat grond nog duurder wordt als de lidstaten daar minder streng op gaan toekijken. In combinatie met het verlies van landbouwgrond aan vertuining en verpaarding verkleint dat de kansen voor starters om het bedrijfsareaal uit te breiden. “Om de generatiewissel in land- en tuinbouw aan te moedigen, is meer nodig dan alleen een goede definitie van wie actieve landbouwer is”, beseft Vandenkendelaere. Hij wil er mee voor helpen zorgen dat de stem van de jonge boer doorweegt in het nieuwe landbouwbeleid na 2020.

Het GLB na 2020 is minder veraf dan het lijkt. Begin 2018 komt de Europese Commissie met een wetgevend voorstel en eind volgend jaar moet helder zijn welke richting de EU uit wil met zijn landbouwbeleid. Als tegengewicht voor het hoge tempo van de besluitvorming geeft het Belgische Europarlementslid collega-beleidsmakers op alle niveaus de raad om op tijd en stond theorieën te toetsen aan de praktijk.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Groene Kring

Volg VILT ook via