nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

11.05.2017 Federaal bijenplan wil bijensterfte terugdringen

Bijen zijn cruciaal voor de bestuiving en dus het voortbestaan van tal van groente- en fruitsoorten, maar hebben het in onze verstedelijkte contreien steeds moeilijker om te overleven. Met een federaal Bijenplan met negen speerpunten slaan federaal minister van Landbouw Willy Borsus, minister van Leefmilieu Marie-Christine Marghem en minister van Volksgezondheid Maggie De Block de handen in elkaar om deze trend te keren. Er komt ook een studie naar de economische impact van bijen.

Volgens het Frans nationaal instituut voor statistiek is 35 procent van de wereldwijde landbouwproductie het resultaat van een bestuiving door insecten, vooral dan door bijen. Bestuivers spelen dus een sleutelrol in het behoud van onze welvaart, de biodiversiteit en het maatschappelijk welzijn. “Heel wat van de typisch Belgische gewassen zouden in de problemen komen zonder tussenkomst van de bijen. Denk maar aan aardbeien, honing, komkommers, maar ook talrijke appel-, peren- en kersenboomgaarden zouden zonder bestuiving geen vruchten meer kunnen voortbrengen”, verklaart landbouwminister Willy Borsus.

Ook meer dan 90 procent van de wilde zaadplanten zijn afhankelijk van bestuiving. “Op die manier staan bijen garant voor onze biodiversiteit”, aldus minister Marghem. Zij wil zich dan ook samen met ministers Borsus en De Block actief inzetten om zoveel mogelijk bijen te laten overleven. Samen met de betrokken administraties en de sector werd gedurende twee jaar gewerkt aan een ambitieus bijenplan. Dat ‘Federaal Bijenplan 201-2019’ is nu klaar om uit te rollen. In totaal werden er acht actiepunten uitgekozen die imkers moeten helpen, de diepere oorzaken van het probleem van bijensterfte beter te begrijpen en de risicofactoren voor bijen beter te beheersen.

In eerste instantie wil het bijenplan een betere beschikbaarheid van diergeneeskundige producten die nodig zijn voor bijenverzorging. Daarbij hoort ook een actievere rol van de dierenarts in het beheer van de bijengezondheid. Imkers kunnen een aanvraag doen om zich door een dierenarts te laten bijstaan in de opvolging van hun bijenkolonies. “Hoe meer imkers voor deze aanpak kiezen, hoe meer de gezondheidsstatus van de bijen in ons land zal verbeteren”, maken de ministers zich sterk. Er werd dan ook een budget vrijgemaakt van 100.000 euro om deze diergeneeskundige begeleiding te financieren. Elke imker die een overeenkomst voor bijenbegeleiding ondertekent met een dierenarts krijgt daarvoor 75 euro.

De varroamijt, één van de belangrijkste oorzaken van bijensterfte, wil met niet enkel op deze manier aanpakken. Er worden ook budgetten vrijgemaakt voor onderzoeksprojecten waarvan de resultaten een betere bestrijding van bijenziekten mogelijk moeten maken. Daarnaast staat in het plan dat de sterfte bij honingbijen beter gemonitord moet worden. Bedoeling is om de bijensterfte op objectieve wijze en over meerdere jaren in kaart te brengen. Mogelijke verbanden tussen sterfte en oorzaken kunnen zo onderzocht worden, wat op termijn moet leiden tot de uitstippeling van een bijengezondheidsplan.

De risico’s die verbonden zijn aan het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, zoals neonicotinoïden, wil men voortdurend en met verscherpte aandacht gaan identificeren en evalueren. Daarnaast moeten er ook bewakingsprogramma’s komen voor invasieve soorten zoals de kleine bijenkastkever of de Aziatische hoornaar en het handelsverkeer van bijen moet nauwlettend in de gaten gehouden worden. Tot slot mikt het plan ook op voorlichting van al wie met bijen in aanraking komt zodat zij zelf alert zijn voor de inspanningen die zij kunnen leveren voor het voortbestaan van bijen.

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Regionaal Landschap Haspengouw en Voeren

Volg VILT ook via