nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

08.05.2018 Gemeenten ongerust over financiële impact betonstop

De betonstop, waarbij er vanaf 2040 geen open ruimte meer verloren mag gaan, veroorzaakt ongerustheid bij verschillende gemeentebesturen. De Vlaamse regering wil een nieuwe regeling voor planschade invoeren. Wie zijn of haar bouwgrond omgezet ziet in natuur- of landbouwgrond, krijgt een hogere vergoeding. De regeling moet de gevolgen van het aankomende Beleidsplan Ruimte Vlaanderen voor eigenaars verzachten. Een aantal steden en gemeenten trok echter aan de alarmbel, omdat de nieuwe regeling hen heel wat geld zou kosten. Volgens minister van Omgeving Joke Schauvliege zijn de berekeningen van de steden nog te voorbarig.

Met de betonstop wil de Vlaamse regering de open ruimte in Vlaanderen beter beschermen. Vandaag verdwijnt er elke dag zes hectare open ruimte, tegen 2025 moet dat drie hectare worden en tegen 2040 moet dat zelfs naar nul. De Vlaamse regering moet de plannen wel nog formeel goedkeuren. In de nieuwe regeling staat dat wie zijn of haar bouwgrond omgezet ziet in natuur- of landbouwgrond een vergoeding krijgt van 100 procent van de waardevermindering. Vroeger was dit nog 80 procent. Bovendien komen gronden die meer dan 50 meter van een verharde weg liggen in aanmerking voor een vergoeding. Onder meer Sint-Niklaas en Gent berekenden op basis van de nieuwe regeling de planschade die ze naar aanleiding van nieuwe plannen zouden moeten betalen. Zij kwamen uit op miljoenen euro's meer dan eerst geraamd.

“Ik heb zeker begrip voor de bezorgdheden van de lokale besturen”, reageerde minister Schauvliege. "Maar ik wil ook de doelstellingen uit het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen realiseren." Volgens de minister zijn de berekeningen van de steden nog te voorbarig. "In bepaalde gevallen zullen ze zeker kloppen, in andere zien we op het eerste gezicht al dat dit niet zo is. De berekeningen zullen geval per geval ingeschat moeten worden. Dit ook op basis van een aantal objectieve factoren die de waarde van het perceel kunnen beïnvloeden, zoals de oppervlakte, de ligging of de cultuurwaarde. De vergoeding zal dus niet altijd aan 100 procent van de waarde van de grond berekend worden, iets waar de steden in hun berekeningen vaak wel van uitgingen”, zegt Schauvliege. “Voor bepaalde percelen komt de Vlaamse overheid ook tussen, bijvoorbeeld voor percelen in overstromingsgebied.”

Bron: Belga

Beeld: Loonwerk Defour

Volg VILT ook via