nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

30.10.2018 Genetische diversiteit Vlaams Piétrainvarken zit snor

De populatie van de Vlaamse Piétrainvarkens, of meer bepaald van de varkens bij fokkers die aangesloten zijn bij VPF (Vlaamse Piétrain Fokkerij vzw, binnen België de grootste fokkerij-organisatie van het Piétrainras), blijkt voldoende genetische diversiteit te bevatten. Waakzaamheid blijft wel geboden. Dat blijkt uit een onderzoek dat het voorbije jaar werd gevoerd door VPF en de onderzoeksgroep Huisdierengenetica van de KU Leuven, met de steun van het Departement Landbouw en Visserij van de Vlaamse overheid.

Alle huidige Piétrains vinden hun oorsprong in België. Het ras ontstond kort na de Tweede Wereldoorlog in het gelijknamige Waalse dorpje tegen de taalgrens, niet ver van Geldenaken. De Piétrain veroverde al snel België als meest populaire eindbeer door zijn superieure bespiering, uitmuntende karkaskwaliteit en de opkomst van kunstmatige inseminatie. Vanaf de jaren ‘60 verspreidde de Piétrain zich over Europa en vandaag de dag komt het ras wereldwijd voor.

Uit het onderzoek van Wim Gorssen bij ongeveer 650 Piétrainvarkens binnen VPF blijkt dat de effectieve populatiegrootte wordt geschat op 142 dieren. Dit betekent dat de volledige populatie genetisch gezien vergelijkbaar is met een populatie van 142 niet-verwante dieren die random paren. Als vuistregel geldt dat de effectieve populatiegrootte minimaal 50 moet zijn om het voortbestaan en de gezondheid van het ras te verzekeren (een te sterk verlies aan genetische diversiteit zet namelijk de deur open voor erfelijke aandoeningen en hypothekeert de toekomst van de fokkerij), en ideaal boven de 100 ligt. Hoewel de inteeltgraad van het ras op basis van de genomische analyse in absolute cijfers hoog lijkt (22-23%), is die relatief gezien van een gelijkaardig niveau als andere commerciële rassen zoals Large White (21-22%) en een pak lager dan Duroc (27-28%).

Voorts blijkt uit het onderzoek dat er weinig verwantschap is tussen de Piétrain en het Berkshireras, hoewel de Piétrain volgens de overlevering (deels) zou ontstaan zijn uit de Berkshire. Rassen die volgens het onderzoek genetisch het dichtst aanleunen bij de Piétrain zijn de Duitse ‘Bunte Bentheimer’, de Poolse ‘Pulawska’ en de Oekraïense ‘Mirgorod’. Dit zijn eveneens zwartgevlekte rassen die uiterlijk sterk gelijken op de Piétrain. De Berkshire wordt genoemd in het ontstaan van deze drie rassen. De hamvraag blijft of de genetische verwantschap het gevolg is van een gelijkaardige oorsprongsgeschiedenis (Berkshire), ofwel van een inkruising van de Piétrain in deze rassen of vice versa, ofwel van een onafhankelijke selectie op hun gevlekte uiterlijk.

Tot slot blijkt dat de Vlaamse Piétrain zich genetisch duidelijk onderscheidt van andere Piétrainpopulaties. De genetische afstand tussen Vlaamse Piétrains en buitenlandse Piétrains (Duits, Oostenrijks, Frans, Amerikaans en Nederlands) is opvallend groter dan tussen buitenlandse Piétrains onderling. Mogelijk is dit verschil te wijten aan divergente selectie, m.a.w. de verschillende Piétrainpopulaties zijn onafhankelijk geselecteerd op andere kenmerken. Anderzijds zou het kunnen dat andere rassen zijn ingekruist in buitenlandse Piétrainpopulaties. Over de onderliggende redenen voor deze genetische verschillen kon dit onderzoek voorlopig geen uitsluitsel geven.

Meer informatie over het onderzoek is te verkrijgen bij de onderzoeksgroep Huisdierengenetica van de KU Leuven ( , ) en bij VPF ( ).

Bron: |

In samenwerking met: KU Leuven & Vlaamse Piétrain Fokkerij (VPF)

Volg VILT ook via