nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

03.08.2017 Gezinsbond pleit voor voedseltaks

Omdat de bestaande suikertaks te laag is om een gedragswijziging uit te lokken en gezonde voeding naast suikers onder meer ook gaat over het vet- en zoutgehalte, stelt de Gezinsbond een voedseltaks voor. “De taks dient niet om de staatskas te spijzen, wel om producenten aan te zetten minder suikers, vetten en zouten in hun producten te verwerken”, zo klinkt het. “Buitenlandse voorbeelden tonen dat een taks enkel goed is voor de staatskas, ze helpen de voedselgezondheid niet vooruit”, zo vreest FEVIA, de federatie van de voedingsindustrie. 

In 2016 leden voor het eerst wereldwijd meer mensen aan overgewicht dan aan honger. Ook in België zijn de statistieken onrustwekkend en groeit het aantal individuen met overgewicht jaar na jaar. Om die kwalijke evolutie tegen te gaan stelt de Gezinsbond een voedseltaks voor: een taks op alle soorten ongezonde voeding met als doel iedereen gezonder te doen eten. Die taks wil de organisatie niet aan de consument, maar aan de voedingsindustrie aanrekenen. Het gaat bovendien niet enkel over suiker maar ook over vetten en zout, en het is geen taks die enkel de staatskas moet spijzen. De opbrengst van de taks kan bijvoorbeeld dienen om een bredere gezondheidscampagne te promoten.

“Het is heel belangrijk dat het niet om een geïsoleerde maatregel gaat”, aldus Elke Valgaeren, hoofd van de studiedienst van de Gezinsbond. “Dit moet kaderen in een breder gezondheidsbeleid. Anders wordt het een maat voor niets, zoals dat nu het geval is bij de bestaande suikertaks. Daarmee haalt de overheid jammer genoeg zelf het draagvlak voor een gezondheidsbeleid onderuit, omdat de maatregel ervaren wordt als een fiscale maatregel en niet als een gezondheidsmaatregel. Wat ook zo is.” De voedingsindustrie bevestigt bij monde van sectorfederatie FEVIA dat obesitas inderdaad één van de belangrijkste maatschappelijke uitdagingen van vandaag en morgen is. “Alle betrokkenen kunnen daar een rol in spelen, ook de voedingsindustrie”, aldus woordvoerder Nicholas Courant.

“Ook van een breed gedragen gezondheidsbeleid zijn we voorstander”, gaat Courant verder. “En we zien dat de overheid al stappen zet in die richting. Maar het kan denken we nog beter, bijvoorbeeld door voeding een prominentere plaats te geven in het onderwijs.” Doet de voedingsindustrie zelf voldoende? “We nemen onze verantwoordelijkheid”, aldus Courant. “We hebben vorig jaar samen met minister De Block een convenant rond evenwichtige voeding afgesloten, eerder was er ook al het zoutconvenant. Maar je moet ons natuurlijk wat tijd geven. Een extra belasting zien we alvast niet zitten, want die zal banen kosten.”

“Ik ben overtuigd van de goede bedoelingen van heel wat voedingsbedrijven”, antwoordt Valgaeren. “Maar het probleem is dat als we het overlaten aan de sector zelf, dat het verleden ons dan leert dat het zeer traag gaat, dat er spelers zijn die de dans ontspringen en dat er achterpoortjes gezocht worden. Het is wel bemoedigend dat de sector zelf het belang inziet van een breder gezondheidsbeleid. Dit voorstel komt trouwens niet uit de lucht vallen. We hebben een enquête gedaan bij 2.000 gezinnen en daaruit blijkt dat er heel wat bereidheid is om gezond te eten, maar dat ze gezinnen vaak door de bomen het bos niet meer zien.”

Bron: radio1.be

Volg VILT ook via