nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

23.02.2017 "Goed blijven besturen en nog beter communiceren"

Zuivelcoöperatie Milcobel telt bijna 3.000 leden-melkveehouders. Daarvan nemen er circa 300 bestuursverantwoordelijkheid. Als de coöperatieraad samenkomt in Kallo dan tekenen alle 40 melkveehouders present. Absenteïsme bestaat omzeggens niet. Zoveel betrokkenheid is een uniek gegeven maar geen garantie op 100 procent tevreden coöperanten. Als honderd (West-)Vlaamse melkveehouders ‘hun’ coöperatie inruilen voor de Waalse evenknie (LDA), dan broeit er iets. Komt het door de fysieke afstand tussen Kallo en de Westhoek? Door de verschillen in bedrijfsontwikkeling tussen oost en west? Of is de discussie over de leveringsvoorwaarden, meer bepaald over volumepremies en weidemelk, daar slechter gevallen? “Als coöperatie luisteren we naar de basis, maar je kan niet iedere beslissing terugkoppelen naar bijna 3.000 leden want dan krijg je een even groot aantal meningen. Boeren moeten vertrouwen stellen in hun collega’s die besturen”, zegt Milcobel-voorzitter Dirk Ryckaert.

Het vraagt standvastigheid van boeren-bestuurders om met kritiek om te gaan. De overtreffende trap van kritiek is het vertrek van leden uit de coöperatie. Dat overkomt Milcobel want honderd melkveehouders gaven hun opzeg voor de jaarwisseling zodat ze begin april kunnen overstappen naar Laiterie Des Ardennes (LDA). Ze ruilen met andere woorden de ene voor de andere coöperatie. Je kan daar veel achter zoeken of nuchter vaststellen dat LDA tijdens de crisismaanden een iets betere melkprijs uitbetaalde én met dat argument de taalgrens overstak op zoek naar melk omdat de Waalse melkproductie in 2016 met tien procent kromp. Dat doet het vooral in de Westhoek omdat LDA op de grens met Henegouwen een installatie voor melkindikking voorziet.

Aan melkveehouder Dirk Ryckaert, voorzitter van Milcobel sedert juni 2016, vragen we of er toch niet meer aan de hand is, zoals het Algemeen Boerensyndicaat insinueerde. Bij de coöperatie is in korte tijd immers ontzettend veel veranderd: er werd een nieuw bestuur aangeduid; de coöperatieraad kreeg een upgrade; de ledenkringbesturen zijn vernieuwd; leveringsvoorwaarden werden aangepast; investeringen in het verwerkingsapparaat afgerond; enz. De voorzitter plaatst tegenover al die veranderingen een aantal constanten die vertrouwen moeten geven: “Als coöperatie luisteren we naar onze basis en geven we de leden de garantie dat hun melk opgehaald en verwerkt wordt, ook op een moment dat andere zuivelverwerkers leveranciers afstoten. Dit geeft melkveehouders de zekerheid die ze nodig hebben voor hun verdere bedrijfsontwikkeling.”

Vanzelfsprekend verwachten de Milcobel-coöperanten dat hun melk niet alleen opgehaald maar ook aan de beste prijs vermarkt wordt. Een hoog investeringsritme, 146 miljoen euro in nauwelijks vijf jaar tijd, resulteert nu in een up-to-date verwerkingsapparaat: van een nieuwe kaasfabriek in Moorslede en een nieuwe poedertoren in Kallo tot de site in Langemark die is uitgegroeid tot één van de grootste mozzarellafabrieken van Europa. Daarom durft Dirk Ryckaert zeggen dat Milcobel klaar is om te oogsten. Hij is niet de enige die daarvan overtuigd is want het voorbije jaar vervoegden 53 melkveehouders Milcobel. “Zij besloten dat ze hier het best zijn omdat ze weten wat Milcobel nu en over vijf en tien jaar met hun melk kan doen.”

Er valt geen lijn te trekken in het ‘type melkveehouder’ dat zich aansluit bij de coöperatie, of integendeel de deur achter zich dichttrekt. Tenzij je naar de nationaliteit kijkt, want dan stel je vast dat de interesse in Milcobel ook voor een stuk uit het buitenland komt. Terwijl Milcobel in eigen land vooral kritiek slikte, gooide de Vlaamse coöperatie hoge ogen in de ons omringende landen en liet ze de voorbije maanden – in de internationale melkprijsvergelijking – zelfs FrieslandCampina en Arla achter zich. Een tweede vaststelling is dat de nieuwkomers bij Milcobel geen wezenlijk ander profiel hebben dan de vertrekkers.

Voorzitter Dirk Ryckaert: “Binnen Milcobel is ieder lid belangrijk. Nemen we de cijfers erbij, dan zien we dat een kwart van alle melk aangevoerd wordt door de acht procent grootste leveraars. Daartegenover staat dat de 30 procent leden met de kleinste bedrijfsomvang acht procent van de melk aanvoeren.” Verklaart de spreidstand tussen groot en klein waarom de discussie over volumepremies gevoelig ligt, zo gevoelig dat de coöperatieraad adviseerde om ze opnieuw tegen het licht te houden? Ryckaert: “Als coöperatie is het je voornaamste zorg om iedereen aan boord te houden, maar dat mag niet beletten om bepaalde kosten te leggen waar ze gemaakt worden. Het is nu eenmaal een economisch gegeven dat het efficiënter is om met de melkophaalwagen halt te houden voor een groot dan voor een klein aantal liters.”

De volumepremies zijn er ook gekomen omdat andere zuivelverwerkers hetzelfde doen. Concurrentieel bleven we eerst achter op dat vlak en als je daar niets aan doet, dan loop je risico op uitval binnen de acht procent coöperanten die 25 procent van de melk aanleveren. Er is besloten in samenspraak met, en op advies van, de coöperatieraad om de volumepremies de komende maanden te evalueren en – indien nodig – aan te passen.”

Een even heikel discussiepunt luistert naar de naam ‘weidemelk’. Een groep ontevreden coöperanten kroop zelfs in zijn pen om Milcobel de mantel uit te vegen in het weekblad Landbouwleven. Zij nemen geen genoegen met de onkostenvergoeding van 500 euro voor alle leveraars die beweiding toepassen en dat laten certificeren. Tegenover Milcobel’s redenering dat het niet lukt om weidemelk met meerwaarde te verkopen, plaatsen zij het argument dat er zonder weidemelklogo in de toekomst slechts een beperkte afzetmarkt zal zijn voor zuivelproducten. Bijkomend koppelen ze hier de discussie over volumepremies aan vast: “Grotere bedrijven ontvangen een volumetoeslag terwijl de kleinere melkveehouders misbruikt worden om aan het weidemelklogo te voldoen.”

Voorzitter Dirk Ryckaert ziet nog geen meerwaarde binnenstromen via producten onder weidemelklogo: “Weidegang voor de koeien dreigt een bijkomende eis van de retail te worden voor bepaalde zuivelproducten zonder dat hier een financiële vergoeding tegenover staat. Vandaag zet Milcobel een kleine hoeveelheid producten (drinkmelk en straks ook roomijs) met weidemelklogo in de markt. De aanvoer van een beperkt aantal melkveehouders volstaat hiervoor terwijl ongeveer 65 procent van het totaal aangevoerde volume als weidemelk in aanmerking komt. Daarom kiezen we er als coöperatie voor om zonder onderscheid een onkostenvergoeding te geven aan alle leden die weidegang laten certificeren. We vergoeden hen voor de tijd die ze in de extra administratie steken.”

Als de mogelijkheid er was, dan zou Milcobel maar wat graag meerwaarde creëren met weidemelk, maar het geloof is er niet dat dit kan lukken. Ryckaert verwijst naar Nederland, waar weidegang een belangrijk onderdeel is van de imagobuilding van de melkveehouderij. “Qua meerwaarde is het resultaat voor onze Noorderburen teleurstellend terwijl het logistiek een lastige oefening is in de aparte ophaling en verwerking van de melk.” Milcobel heeft de discussie over weidemelk afgesloten met een voldoende grote meerderheid die stemde voor de onkostenvergoeding van 500 euro.

De tegenstanders zaten in twee kampen: zij die helemaal niets willen weten van weidemelk en zij die 500 euro een te kleine vergoeding vinden. Tot die laatste groep behoren de briefschrijvers. De coöperatieraad die dit doorgesproken heeft, telt 40 melkveehouders in zijn rangen. Dat is volgens Ryckaert een voldoende groot aantal om zeker te zijn dat alle meningen gehoord zijn. Milcobel wil zelf beslissen en niet aanhollen achter de beslissingen van anderen, maar deze kanttekening wil de voorzitter toch plaatsen: “Andere melkerijen betalen een kleinere onkostenvergoeding voor weidemelk, of geven een toeslag maar komen met hun basisprijs lager uit of, erger nog, stoten leveraars af die geen weidemelk hebben.”

Dirk Ryckaert gaat de moeilijke thema’s niet uit de weg want hij rakelt zelf de discussie op over de toetreding van de melkveehouders die aan de deur werden gezet bij FrieslandCampina. Onder de trouwe Milcobel-coöperanten zijn er nog altijd die vinden dat deze nieuwkomers profiteren van hun investeringen. De voorzitter ziet dat anders: “Voor een individu is dat een normale eerste reactie. Als coöperatie dienen we solidair te zijn. De trouwe coöperanten hebben gelijk dat de investeringen in de verwerking gebeurd zijn maar de nieuwe leden helpen die wel mee afbetalen. Bovendien is hun melkaanvoer handig meegenomen voor de optimalisatie van onze vernieuwde fabrieken. Elke nieuwkomer heeft negen jaar de tijd om het vereiste ledenkapitaal op te bouwen. De ex-leveranciers van FrieslandCampina zijn voor de opbouw van hun ledenkapitaal financieel geholpen omdat het voor hun oude afnemer goedkoper was om die gouden handdruk te geven dan melk te collecteren waarvoor het ontbrak aan verwerkingscapaciteit.”

De Milcobel-voorzitter maakt voornemens terwijl hij terugblikt op deze discussies: “Het is aan ons om zo te besturen en te communiceren dat we eventueel ongenoegen bij de leden kunnen wegnemen. Aan de bestuursstructuur is er veel veranderd en verbeterd: via de vertegenwoordiging uit ledenkringen en hun -besturen is de coöperatieraad een evenwichtige doorsnede van de bijna 3.000 leden. Ook op vlak van communicatie zetten we stappen in de goede richting, maar dat moet nog beter om perfect te wezen. Ik heb me de jongste maanden soms afgevraagd waarom de kritiek uit eigen regio bleef komen terwijl Milcobel in het buitenland – ook in de pers – bewondering oogstte met een snelle klim van de melkprijs. Dit geeft aan dat er op de coöperatie een enorme verantwoordelijkheid rust voor de positie en de instandhouding van de melkveehouderij in onze regio. Als voorzitter zie ik dat het verwerkingsapparaat er staat, dat we beschikken over een rijke productportfolio weg van bulkproducten en richting extra toegevoegde waarde op basis van diversificatie en kwaliteit. Dit geeft mij ontzettend veel vertrouwen voor de toekomst.”

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: Milcobel

Volg VILT ook via