nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

"De middenveldorganisaties zijn het over veel meer eens dan oneens"
09.01.2017  Hendrik Vandamme, Chris Coenegrachts en Koen Carels (SALV)

Afbouw veestapel is splijtzwam in klimaatadvies SALV, kopte een VILT-nieuwsbericht in 2016. In 2017 is het glas half vol, en niet half leeg. Daarom vragen we aan de voorzitter, ondervoorzitter en secretaris van landbouwadviesraad SALV hoe het in heel wat andere dossiers wél lukt om eensgezind advies uit te brengen aan de Vlaamse regering. Al proberen we ook los te peuteren welke thema’s de middenveldorganisaties binnen de SALV uit elkaar spelen. Voorzitter Hendrik Vandamme: “Van alle Vlaamse adviesraden is de SALV degene met de breedste samenstelling. Dat verplicht iedereen om toegevingen te doen en maakt soms dat standpunten onverenigbaar zijn.” Ondervoorzitter Chris Coenegrachts hecht belang aan alle SALV-adviezen, ook aan degene die een onopgelost meningsverschil beschrijven. “Naar de beleidsmakers toe is een knelpunt dan duidelijk verwoord.” Secretaris Koen Carels schuift mee aan tafel. Hij waakt streng over de duur van dit interview zoals hij er ook voor moet zorgen dat binnen het krappe tijdsbestek van een maand een breed gedragen advies uit de bus komt.

De landbouwsector, dat zijn in Vlaanderen bijna 24.000 boeren en tuinders. Om de sector een stem te geven, heb je dus organisaties nodig, in de eerste plaats landbouworganisaties die de syndicale belangen van de leden-landbouwers verdedigen. Als belangenbehartigers voor de in Vlaanderen actieve land- en tuinbouwers leggen ABS, BioForum, Boerenbond en VAC elk hun eigen accenten. Maar er is nood aan breder overleg indien een Vlaamse minister de visie van ‘de sector en de keten er rond’ wil kennen in een bepaald dossier. Dat structureel overleg vindt inmiddels al meer dan acht jaar plaats in de schoot van de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij (SALV). Binnen de adviesraad is de landbouwsector goed vertegenwoordigd want naast de vier hierboven opgesomde organisaties zetelen ook vertegenwoordigers van Groene Kring en KVLV in de SALV.

Ondanks het (logische) overwicht van de landbouworganisaties in de landbouwadviesraad verklaarde toenmalig ondervoorzitter Hendrik Vandamme tijdens een VILT-interview in 2010: “De toegevoegde waarde van een SALV-advies zit in het feit dat een advies breder gedragen wordt dan door de landbouworganisaties alleen.” Anno 2016 is Vandamme niet langer ondervoorzitter maar voorzitter van de landbouwadviesraad. Hij volgde voormalig Boerenbondvoorzitter Piet Vanthemsche op die de landbouwsector adieu zei. Eind vorig jaar werd het van Vanthemsche overgenomen voorzittersmandaat van Vandamme door de Vlaamse regering verlengd voor een periode van vier jaar. Zo recht voor de raap hij de standpunten van het Algemeen Boerensyndicaat verdedigt (Vandamme is zelf landbouwer en ABS-voorzitter, nvdr.), zo doordacht wikt en weegt hij zijn woorden als hij namens de SALV spreekt. Zou het er mee te maken hebben dat ‘het compromis’ ingebakken zit in de adviesraad?

De SALV telt immers 18 ledenorganisaties die vertegenwoordigd worden door 20 stemgerechtigde leden (waarvan drie voor Boerenbond, twee voor ABS en één voor VAC, Groene Kring , KVLV en BioForum) zodat veel neuzen dezelfde richting moeten uitwijzen vooraleer er sprake kan zijn van een breed gedragen advies. “Geen enkele andere adviesraad is zo breed samengesteld”, benadrukt Hendrik Vandamme. De landbouworganisaties kunnen zich niet comfortabel wentelen in het eigen gelijk maar dienen in dialoog te gaan met de andere schakels van de agrovoedingsketen (toelevering, verwerking, handel) en met het brede middenveld. Zo spreekt zelfstandigenorganisatie UNIZO onder meer namens de aardappel- en groentehandel, maar verhief het zijn stem ook in een advies over het Plattelandsfonds en met name over de leefbaarheid van dorpen en het vrijwaren van de open ruimte. BV-OECO, opgericht door 12 organisaties die actief zijn op het vlak van consumentenbescherming, vertolkt de stem van de verbruikers. De milieu- en natuurbeweging wordt vertegenwoordigd door Natuurpunt en Bond Beter Leefmilieu. Vredeseilanden neemt aan het overleg deel namens de derdewereldorganisaties. Tot de vierde cluster behoren de vertegenwoordigers van het landbouwonderzoek en het landbouwonderwijs.

De opdracht van de SALV is decretaal vastgelegd [Koen Carels]

Vandamme: “De taak van de SALV (en de andere strategische adviesraden) is de Vlaamse regering of het Vlaams parlement adviseren. Een minister, in het geval van de SALV is dat meestal landbouwminister Joke Schauvliege, moet ons raadplegen wanneer dossiers op de agenda van de regering komen die een duidelijke link met landbouw hebben. Het kan zowel om pure landbouwmateries gaan, als om dossiers met een impact op landbouw.” Wat dat laatste betreft vult Koen Carels, die het SALV-secretariaat samen met twee collega’s bemant, aan met de letterlijke bewoording uit het oprichtingsdecreet: “De Vlaamse regering is verplicht advies te vragen over de ontwerpbesluiten die van strategisch belang zijn met betrekking tot alle economische, ecologische, sociale en maatschappelijke aspecten van het landbouw-, tuinbouw-, visserij- en het plattelandsbeleid.”

Ondervoorzitter Chris Coenegrachts, zelf akkerbouwer-varkenshouder, vraagt om de ‘V’ van visserij niet uit het oog te verliezen. Binnen de SALV worden de visserijdossiers behandeld door de Technische Werkcommissie Visserij die binnen de SALV een eigen statuut heeft. Deze werkcommissie moet soms uit eigen beweging aan de slag omdat de vraag niet spontaan kwam van de regering. Bij de SALV waakt men er nochtans over dat visserij niet het achtergestelde kindje wordt. In 2014 ging SALV-medewerker Dirk Van Guyze bijvoorbeeld vijf dagen mee de Noordzee op met onderzoeksboot Belgica om aan den lijve te ondervinden dat het visserijleven bikkelhard kan zijn. Om maar te zeggen dat er door het secretariaat voor visserij net als voor landbouw inspanningen geleverd worden om voeling te houden met de praktijk.

visserij_SALV.geVILT.jpg

Een rariteit is het niet dat de SALV op eigen initiatief advies uitbrengt. Dat gebeurde recent nog, “met het advies over de op komst zijnde beleidsbrief en met het advies over betere regelgeving”, zegt Hendrik Vandamme. Hij merkt op dat Vlaams minister Joke Schauvliege in haar beleidsbrief voor 2017 een aantal door de adviesraad vermelde aandachtspunten uit het proactieve SALV-advies over de beleidsbrief meegenomen heeft. Inzake proactief te werk gaan, kan dat tellen. De aandachtige lezer van de VILT-nieuwsbrief mag het advies over de betere regelgeving niet ontgaan zijn: http://www.vilt.be/salv-formuleert-10-geboden-voor-betere-regelgeving. “De verschillende ledenorganisaties willen de regering daarmee duidelijk maken dat er nood is aan een bijsturing van bepaalde regels”, zegt Vandamme. Coenegrachts vindt het proactief inspelen op regelgeving een grote meerwaarde van zo’n advies op eigen initiatief. “Dankzij het advies van de SALV krijg je dan betere regelgeving.”

Inhoudelijke onafhankelijkheid van SALV werd gerespecteerd [Chris Coenegrachts]

Toenmalig voorzitter Piet Vanthemsche benadrukte in 2010 het belang van een aparte adviesraad voor landbouw en visserij. Hij zei er toen wel bij dat Vlaanderen 13 adviesraden telt zodat meer samenwerken ongetwijfeld schaalvoordelen zou bieden. Zes jaar later is de SALV nog steeds een autonome adviesraad hoewel de Vlaamse regering zijn strategische adviesraden herstructureerde. De hele operatie heeft er wel toe geleid dat de SALV ‘ingekapseld’ werd in de SERV, dat is de adviesraad die het sociaal overleg op Vlaams niveau vorm geeft. Daar lijkt geen van de drie rouwig om: “Terwijl er andere adviesraden zijn opgeheven (VLABEST, voor bestuurszaken) of fusioneren (Minaraad en SARO worden Omgevingsraad) werd er niet bespaard op het personeelsbestand of op de autonome werking van de SALV. Eigenlijk komen we er zelfs sterker uit want onze ‘backoffice’ wordt nu opgevangen door de SERV. Onze agenda plannen we nog steeds zelf. De samenwerking geeft nieuwe mogelijkheden, zoals de studie naar het landbouwinkomen die in 2017 in onze opdracht uitgevoerd zal worden.” Het uitvaardigen van zo’n onderzoeksopdracht is nieuw voor de SALV, en een direct gevolg van de positieve reacties op een toekomstverkenning die de raad zelf maakte voor de Vlaamse visserij.

Brussel.boerenprotest.jpg

Tijdens de vergaderingen die aan SALV-adviezen voorafgaan, leren alle leden elkaars standpunten kennen in de mate dat dat voordien nog niet het geval was. Verbetert dat de verstandhouding? “ABS en Boerenbond werken al langer goed samen”, verzekert Chris Coenegrachts. “Het onderling overleg is ouder dan de SALV want voordien had je de Vlaamse Land- en Tuinbouwraad”, vult Hendrik Vandamme aan. “Binnen een veel breder samengestelde SALV is het logisch dat de twee grootste landbouworganisaties nauw samenwerken om het standpunt van de sector te bepalen en te verdedigen bij het tot stand komen van een advies.” Vaak gaat dat gepaard met de nodige discussies, zo geeft Coenegrachts toe, ook tussen ABS en Boerenbond of met VAC en BioForum. “Maar de bedoeling is steeds om tot een aanvaardbaar compromis te komen en met de SALV een breed gedragen standpunt te vertolken.”

Als dat een keer niet lukt, bijvoorbeeld omtrent de hervorming van de zoogkoeienpremie, dan is dat geen schande. SALV-secretaris Koen Carels diept het advies dat dateert uit 2014 op. Na stevige discussies tussen de leden-landbouworganisaties en het wikken en wegen van woorden door het secretariaat kwam deze formulering uit de bus: “Binnen de SALV is er geen consensus rond het nieuwe systeem van gekoppelde steun: met name over de voorgestelde instapdrempel van 20 kalvingen en over de voorwaarden tot uitbetaling van de steun aan dubbeldoelrassen voor vleesproductie. De SALV stelt wel vast dat de betrokken landbouworganisaties deze problematiek in onderling overleg verder willen uitdiepen.” Vandamme verduidelijkt: “Het behoud van de gekoppelde steun was aan de orde en daar was consensus over. Op zo’n moment is het niet aan de landbouwadviesraad om intern de technische discussie te voeren over hoeveel kalveren er geboren moeten worden opdat een zoogkoeienbedrijf premiegerechtigd zou zijn of niet.”

Een minderheidsstandpunt dient niet uitvergroot te worden [Hendrik Vandamme]

De brede samenstelling van de SALV verplicht enerzijds de landbouwsector en anderzijds de milieubeweging tot toegevingen op het eigen standpunt. Soms geraken ze er met de hulp van het secretariaat uit door het advies simpelweg wat minder scherp te formuleren, waarbij er over gewaakt wordt dat de boodschap aan de beleidsmakers helder blijft. Is het water te diep, dan kan een advies met een meerderheids- en minderheidsstandpunt gepubliceerd worden. Dat gebeurde bijvoorbeeld in het klimaatadvies waarnaar we in de inleiding verwezen. De milieubeweging, daarin gesteund door Vredeseilanden en zelfs door BioForum, bepleitte namelijk een switch van dierlijke naar meer plantaardige consumptie en productie. De andere SALV-leden gingen toen niet akkoord met een afbouw van de veestapel als klimaatmaatregel, maar men ging wel akkoord met een evenwichtige consumptie, waar vlees en vleesvervangers deel van uitmaken.

Bij het verschijnen van dat advies legden we in het VILT-artikel sterk de nadruk op dit meningsverschil, “maar je mag het minderheidsstandpunt niet uitvergroten”, vindt Hendrik Vandamme. “Als twee, drie of vier organisaties een minderheidsstandpunt laten opnemen, dan is er nog altijd veel eensgezindheid onder de andere 16, 15 of 14 van de in totaal 18 ledenorganisaties. Koen Carels valt hem bij met een verwijzing naar de verschillende aspecten inzake klimaatbeleid waarover wél eensgezindheid was, zoals de aandacht die koolstofopslag in de bodem verdient. En hij benadrukt dat de periode om naar een consensus te zoeken vrij beperkt is, met name een maand. “In die tijd probeer je zo ver mogelijk te geraken, om finaal de resterende discussiepunten neer te pennen. Misschien moeten we in een advies nog sterker in de verf zetten waarover de ledenorganisaties binnen de SALV het allemaal wél eens zijn.”

melkvee.koeienstal_geVILT.jpg

Jaarlijks levert de SALV een 20-tal adviezen af. In 2015 waren het er volgens het jaarverslag op de kop twintig en toen werd er veertien maal een consensus bereikt. Zes keer lukte dat niet, en werd ofwel een minderheidsstandpunt opgenomen ofwel onthield de milieubeweging zich om zich er in de Milieu- en Natuurraad (Minaraad) over uit te spreken. 2016 werd afgesloten op 21 adviezen en opnieuw is consensus de regel en een onopgelost meningsverschil de uitzondering. Kan een Vlaamse regering wat met de adviezen waarin iemand zich onthoudt of de verschillende visies geconfronteerd worden in een meerderheids- en minderheidsstandpunt? Volgens Coenegrachts is de sterkte van zo’n advies dat het duidelijkheid schept over de mening van elkeen en over het knelpunt waarover geen consensus mogelijk was.

Voorzichtig opperen we dat er sinds IHD/PAS (de Europese natuurdoelstellingen en hun impact op de veehouderij in de vorm van ammoniakemissiedoelstellingen, nvdr.) iets gebroken lijkt tussen landbouw- en natuurorganisaties. Als dat vermoeden klopt, dan zou dit kunnen betekenen dat de toon van de discussie ook in andere dossiers verscherpt is. “Op het terrein zorgt de overheidsaanpak van de ammoniakemissie voor spanningen en veel onbegrip bij veehouders. Binnen de SALV kijken we vooral door een beleidsadviserende bril naar de problematiek en loopt de discussie toch niet zo hard als je suggereert, al blijven er natuurlijk moeilijke punten. En het is stil waar het nooit waait hé”, zegt Hendrik Vandamme die de strubbelingen aan de vergadertafel van de SALV wat relativeert. Toch steekt hij niet weg dat de spanning wel voelbaar is op het niveau van de sectororganisaties, maar dan eerder buiten de SALV-werking.

De natuurbeweging gaat voluit voor zijn overtuiging, terwijl ook de landbouworganisaties op hun strepen staan [Hendrik Vandamme]

Ondervoorzitter Coenegrachts steekt minder onder stoelen of banken dat de verstandhouding al beter is geweest. Eerst zegt hij dat het moeilijk te vatten is hoe zwaar de hele IHD/PAS-historie weegt op individuele landbouwers, om vervolgens uit de biecht te praten: “Bij onze leden leeft inmiddels het gevoel dat het voor de natuurbeweging nooit genoeg is. En dat de landbouwsector harder wordt aangepakt op zijn milieu-impact dan andere vervuilers zoals de transportsector en de huishoudens. Als de afbouw van de veestapel de al dan niet verborgen agenda is, dan maakt dat het zoeken van een compromis met Natuurpunt en Bond Beter Leefmilieu natuurlijk moeilijk.”

SALV-voorzitter Vandamme vraagt om in dossiers met uiteenlopende landbouw- en natuurvisies niet uit het oog te verliezen dat SALV staat voor ‘Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij’, waarmee hij volgend punt wil maken: “Ondanks de brede samenstelling is het logisch en te verantwoorden dat de visies van de landbouw- en visserijsector in een advies de bovenhand halen.” Vandamme noch Coenegrachts willen gezegd hebben dat de brede samenstelling van de SALV in dat opzicht eerder een vloek dan een zegen is. “Door met elkaar in discussie te gaan, kan de ‘mindset’ van de één of de ander veranderen. Op zijn minst leer je elkaars redenering kennen, wat het begrip voor elkaars standpunten alleen maar kan bevorderen.

bedrijfsbezoek.SALV_geVILT.jpg

De secretaris en voorzitter herinneren aan het jaarlijkse SALV-event dat in 2015 in het teken stond van de natuurdoelstellingen en hun impact op landbouw met de bedoeling alle facetten van het dossier aan bod te laten komen. Alle stakeholders brachten toen ook een bezoek aan een zwaar getroffen gemengd landbouwbedrijf in Noord-Limburg. De getuigenis van de bedrijfsleider heeft toen veel mensen de ogen geopend, ook bij de milieu- en natuurbeweging. Landbouwer Harry Broekx maakte treffend duidelijk dat het verschil tussen theorie en praktijk in het dossier van de natuurdoelstellingen groot is, en voor de getroffen boeren ondraaglijk.

Van de zoektocht naar een compromis wordt geen koehandel gemaakt [Hendrik Vandamme]

Behalve IHD/PAS hebben nog heel wat andere dossiers raakvlakken met landbouw, milieu en natuur. Dat maakt het werk van het SALV-secretariaat niet makkelijk, maar wel boeiend. Zou de weg die leidt naar een compromis niet minstens zo interessant zijn als het advies zelf? “Wij doen niet aan politiek”, antwoordt secretaris Koen Carels kordaat op de vraag of twee moeilijke dossiers soms aan elkaar vastgeklikt worden in de hoop via geven en nemen tot een doorbraak te komen. “We vinden het belangrijk om op een heel transparante manier te streven naar een compromis. Het secretariaat werkt voor alle ledenorganisaties en geniet hun vertrouwen. Het secretariaat is de motor van de SALV maar de leden zitten aan het stuur. De secretaris en beleidsmedewerkers zijn de constante factor binnen de SALV en hebben inmiddels een historiek van 161 adviezen opgebouwd.”

Voorzitter Vandamme verduidelijkt dat de taak van het secretariaat er in bestaat om een advies voor te bereiden. “Dat wil zeggen de standpunten op een rij zetten, naar de gemeenschappelijke deler zoeken en mee nadenken over de formulering van het advies. De ledenorganisaties zijn meestal goed vertrouwd met het dossier dat voorligt, zo nodig organiseert het secretariaat een hoorzitting met experten. Het SALV-secretariaat werkt weliswaar autonoom doorheen het adviesproces, maar komt niet op eigen houtje tussen op inhoudelijk vlak.”

VlaamsParlement.SALV_geVILT.jpg

Voor Vlaamse land- en tuinbouwers is ‘Brussel’ ver van hun bed. Sijpelt het werk van de SALV door tot bij de leden van ABS en Boerenbond? “De doorsnee landbouwer leest de adviezen van de SALV niet”, vermoedt Boerenbond-ondervoorzitter Chris Coenegrachts. “De e-nieuwsbrief van de SALV is voor iedereen beschikbaar, maar het is inderdaad zo dat landbouwers onvoldoende vertrouwd zijn met ons werk. Vandaar het belang van een goede vertegenwoordiging en actieve inbreng vanuit de organisaties bij de advisering om de vinger aan de pols te houden bij het beleid namens de leden-landbouwers”, zegt ABS-voorzitter Hendrik Vandamme. Zolang de beleidsmakers wél vertrouwd zijn met het werk van de SALV en andere adviesraden, is er niet meteen een probleem. Over de beleidsimpact van SALV-adviezen kan secretaris Koen Carels grafieken tonen. “Door een bevraging van de ledenorganisaties, die zelf inschatten in welke mate rekening werd gehouden met een advies, hebben we daar zicht op. In 2015 werd aan 13 adviezen een grote beleidsimpact toegeschreven.” Soms is de invloed van een SALV-advies subtieler, en zit het hem bijvoorbeeld in een kleine aanpassing aan de formulering van een regeringsbeslissing in vergelijking met de eerste bekendmaking ervan.

Momenteel wordt de SALV om advies gevraagd tussen de eerste (voorlopige) en de definitieve beslissing van de Vlaamse regering. Dat is decretaal zo vastgelegd. Zouden de strategische adviesraden in een vroeger stadium niet duidelijker hun stempel kunnen drukken? “Die discussie loopt momenteel want de Vlaamse overheid bevraagt de middenveldorganisaties hierover”, weet Hendrik Vandamme. “Strategisch adviseren is adviseren op het juiste moment”, voegt Koen Carels toe met verwijzing naar de vroege tussenkomsten inzake betere regelgeving en het groenboek bestuur. Waarna een trotse voorzitter besluit: “De SALV is één van de kleinere strategische adviesraden maar neemt vaak zelf het initiatief om de andere adviesraden wakker te schudden, of om gemeenschappelijk advies uit te brengen. Daar zit een onmeetbare meerwaarde in voor het beleid dat de Vlaamse regering wil voeren. We rekenen er in ieder geval op dat die meerwaarde niet uit het oog verloren wordt bij de verdere politieke discussie.”

Bron: eigen verslaggeving

Beeld: VILT / SALV

Volg VILT ook via