nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

Afstandsregels voor bemesten, spuiten en grondbewerking respecteren
24.03.2015  Hoe omgaan met percelen langs een waterloop?

Het Vlaamse landschap is dooraderd met kleine en minder kleine waterlopen. Dat is mooi om zien, maar betekent meteen ook dat er heel wat particuliere tuinen en land- en tuinbouwpercelen aan die waterlopen grenzen. Vaak weten de gebruikers van die gronden niet dat er heel wat wetgeving verbonden is aan die kabbelende beek. Werk aan de winkel, vindt West-Vlaams gedeputeerde Bart Naeyaert. De provincie organiseert een campagne om alle ‘buren’ van ingedeelde waterlopen te informeren over de regelgeving en te sensibiliseren om voldoende afstand te bewaren tot waterlopen. “De slogan ‘Bluuft e bitje van de beke’ laat niet veel aan de verbeelding over. Gebruikers – particulier en professioneel – van gronden aanpalend aan de waterloop worden opgeroepen om de wettelijke afstanden te respecteren. Dat is namelijk in het belang van iedereen”, aldus Naeyaert.

De grondgebruikers die aan waterlopen palen zijn mee verantwoordelijk voor die waterlopen. Ze moeten voldoende doorgang verlenen zodat de waterbeheerders (VMM, provincie, polders, gemeenten, …) de waterloop correct kunnen onderhouden. Een vijf meter brede strook moet vrijgehouden worden voor de machines die het beheer uitvoeren. Dit is gekend onder de term ‘erfdienstbaarheid’.

Minder gekend wellicht is het verbod op grondbewerking in een strook van 1 meter breed naast beken. Die eerste meter is belangrijk voor het vasthouden en beschermen van de oever. Daarnaast is het een eerste stap om afspoeling van vruchtbare bodem richting beek te vermijden. Om te vermijden dat nutriënten in de waterloop terechtkomen, mag bemesten dan weer niet binnen de eerste 5 meter langs een waterloop. Dit geldt voor dierlijke mest, kunstmest en andere meststoffen zoals compost of spuiwater.

Spuitvrije zone
De reglementering over bufferzones voor gewasbeschermingsmiddelen – of spuitvrije zones – maakt het verhaal er niet simpeler op. Ellen Pauwelyn is expert gewasbescherming bij Inagro en legt uit: “Om te vermijden dat gewasbeschermingsmiddelen in de waterloop terechtkomen moet bij bespuitingen met volleveldspuiten steeds een minimale bufferzone van 1 meter tot de waterloop gerespecteerd worden, voor bespuitingen met boomgaardspuiten moet je 3 meter van de waterloop blijven.

Maar hier stopt het niet. Bij de erkenning van producten wordt vaak ook een productspecifieke bufferzone vastgelegd. Deze is terug te vinden op het etiket en op Fytoweb. De kleinste bufferzone vermeld op het etiket is 2 meter met de klassieke spuittechniek. De maximale bufferzone is 200 meter. Maar aangezien een bufferzone van 200 meter vrij onrealistisch is op onze eerder kleine Vlaamse velden, wordt 20 meter met een 90 procent driftreducerende techniek als grootste bufferzone vermeld op het etiket.”

perceelrand3_Inagro.geVILT.jpg

De erkende driftreducerende technieken zijn een combinatie van het type spuittoestel en de gebruikte spuitdoppen en worden ingedeeld in driftreductieklassen (50%, 75%, 90% en 99% driftreductie). Zo mag je bijvoorbeeld bij het gebruik van een 50 procent driftreducerende techniek de productspecifieke bufferzone halveren. De minimale bufferzone van 1 meter moet je uiteraard steeds blijven respecteren. Alle informatie hierover is terug te vinden op Fytoweb.

Een andere handige website voor wie zijn weg zoekt in de bufferzonereglementering is 'Spuithulp'. Na het aangeven van een spuittechniek en een bepaald middel krijg je zicht op de te respecteren bufferzone. Naast het toepassen van driftreducerende technieken is het van belang om de bufferzone meteen in rekening te nemen bij de productkeuze. En bij mengsels moet de grootste bufferzone van de verschillende producten aangehouden worden.

‘Bluuft e bitje van de beke’
Vanuit zijn bevoegdheid voor integraal waterbeleid vindt West-Vlaams gedeputeerde Bart Naeyaert het dringend tijd om actie te ondernemen: “De provinciale dienst Waterlopen stelde namelijk al enige tijd vast dat de 5 meter vrije doorgang niet steeds gerespecteerd wordt en dat oevers op verschillende plaatsen weggezakt zijn door te dicht bewerken of bebouwen. Vandaar dat de provincie een campagne organiseert om alle ‘buren’ van ingedeelde waterlopen te informeren over de regelgeving en te sensibiliseren om voldoende afstand te bewaren tot de waterlopen.”

En wat nu met landbouwpercelen langs waterlopen?
Hoewel de provinciale campagne zich zowel naar particulieren als land- en tuinbouwers richt, verdienen deze laatsten wat extra aandacht. Immers, een particulier moestuintje dat naast een waterloop ligt, vraagt een andere aanpak dan een groot perceel dat er zich honderden meters naast uitstrekt. Inagro heeft een folder opgesteld waarin de wetgeving toegelicht wordt.

Daarnaast wordt ook gezocht naar een oplossing voor de niet-bewerkbare meterstrook langs waterlopen. Hiervoor werd inspiratie opgedaan in het project ‘Bescherm je land, maai die rand’. Pieter Verdonckt van Inagro: “Een groep landbouwers uit Beernem, Damme, Oostkamp en Brugge waren akkoord hun akkerranden langs waterlopen te maaien. Er werd gewerkt met een klepelmaaier van 1,20 meter breed. Een vijzelsysteem in combinatie met hooitanden voerde het maaisel zijdelings af en verspreidde het over de akker, waar het kon verdrogen of werd ondergewerkt. De maaibeurt in het voorjaar is het belangrijkst. De nutriënten worden afgevoerd zodat de rand verarmt en er is geen verspreiding van onkruidzaden. En – heel belangrijk – de randen staan er op die manier de rest van het jaar onderhouden bij. Verruigde randen hebben zowel in voor- als najaar een maaibeurt nodig; na jaren van volgehouden maaibeheer kan één maaibeurt volstaan.”

perceelrand2_Inagro.geVILT.jpg

Maar verhoogt deze manier van werken dan de onkruiddruk op het perceel niet? Pieter: “Deze bedenking krijg ik zonder twijfel het vaakst te horen. Ideaal is maaien net voor de bloei in combinatie met afvoer van maaisel. Zo worden wortelstokonkruiden zoals heermoes of akkerdistel geleidelijk aan uitgeput en verspreid je geen onkruidzaden. Ik geef wel toe dat deze aanpak niet zomaar op elk bedrijf in te passen valt. Alles hangt af van de gewassen die op het veld staan en het tijdstip waarop je gemakkelijk op het land kan. Voor de maaibeurt in het voorjaar boekten we goede resultaten op percelen waar de maïs zo’n 30 à 50 cm hoog stond. Enerzijds werd het gewas niet beschadigd door het opgebrachte maaisel, anderzijds kon nog door het gewas gereden worden. Maar de bedrijfsleiders moeten zelf inschatten wat wel of niet kan op hun bedrijf; een kant-en-klare handleiding is er niet.”

Voor het project werd gebruikgemaakt van een gemeenschappelijke maaier. Inagro schat in dat dit in de toekomst ook een goede optie zal zijn voor groepen land- en tuinbouwers. De meesten hebben immers geen geschikte machine in de loods staan. De individuele aankoop van een maaier die enkel voor het onderhoud van randen wordt gebruikt, is niet echt economisch te verantwoorden. In het proefproject werd bij 23 landbouwers ruim 37 kilometer aan randen gemaaid. Tijdens de bevraging na het project bleken de meeste landbouwers erg positief over de werkwijze en het resultaat ervan.

In 2015 onderzoekt Inagro verder wat de mogelijkheden zijn om te voldoen aan de wetgeving rond waterlopen. Welke grassoorten zijn meest geschikt voor dergelijke bufferstroken? Is (eenmalige) inzaai van gras- of bloemenstrook eigenlijk nodig? Is een gemeenschappelijke aankoop van een maaier haalbaar? Wat is het beste maaitijdstip voor verschillende gewasgroepen? Wat gebeurt er wanneer niet wordt gemaaid? Met andere woorden: dit verhaal wordt ongetwijfeld vervolgd.

Meer weten? In het voorjaar organiseert Inagro in Kemmel een studienamiddag over de bufferzoneregelementering voor gewasbeschermingsmiddelen nabij waterlopen. De exacte datum zal worden bekend gemaakt via www.inagro.be. Op de website van Inagro vind je ook meer algemeen informatie over bufferstroken. Andere nuttige websites zijn die van de provincie West-Vlaanderen en, zoals eerder al aangehaald, Fytoweb en Spuithulp.

Bron: |

Beeld: Inagro

In samenwerking met: Inagro

Volg VILT ook via