nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

29.05.2017 ILVO en proefcentra stellen lokale quinoateelt op punt

Zo nieuw als quinoa voor onze contreien is, zo lang wordt het al geteeld in Zuid-Amerika. Er zijn zelfs sporen van quinoateelt bij de precolumbiaanse volkeren in de Andes uit 5.000 vóór Christus. Het gewas is weinig veeleisend, maar dat betekent niet dat Vlaamse boeren er meteen mee aan de slag kunnen. Landbouwonderzoeksinstituut ILVO vergelijkt momenteel een dozijn rassen op hun eigenschappen (opkomst, afrijping, opbrengst, …) en doet een bemestingsproef. Inagro focust op de biologische onkruidbeheersing terwijl de Hogeschool Gent op zoek gaat naar geschikte herbiciden. Op het Proefcentrum Herent ligt een demoveld aan.

Het pseudograan quinoa is in trek geraakt in het westen vanwege zijn bijzonder evenwichtige voedingswaarde. ILVO-onderzoeker Gerda Cnops legt in de wekelijkse VILT-duiding uit welke interessante voedingsgerelateerde eigenschappen quinoa heeft. Nu de consument quinoa ontdekt heeft, groeit ook de interesse bij potentiële producenten. Quinoa wordt traditioneel ingevoerd vanuit Zuid-Amerika, maar zou net zo goed hier geteeld kunnen worden.

“Bij ons heeft quinoa een levenscyclus van vier tot zes maanden”, vertelt Alex De Vliegher (ILVO). “Het is een eenjarig kruidachtig gewas dat 0,6 tot 2 meter hoog wordt. In meerdere Europese landen zijn al veldproeven georganiseerd waaruit blijkt dat quinoateelt potentieel heeft. Er bestaat ook al een officiële Europese rassenlijst en er zijn veredelingsprogramma’s in onder meer Nederland, Denemarken, Spanje, Italië.”

Op het ILVO zijn enkele Nederlandse en Deense rassen opgenomen in een vergelijkende rassenproef. Bovendien is er in Vlaanderen met meerdere proefcentra een door ILVO gecoördineerd quinoaplatform opgericht. Gespreid over Vlaanderen zijn in dat kader demonstratievelden en veldproeven aangelegd. De Vliegher: “Uit onze voorstudies blijkt dat er toch nog relatief weinig geschikte veredelingsproducten ter beschikking zijn. Vooral op opbrengst en op afrijping valt er voor quinoateelt in ons klimaat nog flink vooruitgang te boeken. Nu is er in feite alleen een beperkte keuze tussen enkele Nederlandse en Deense rassen.”

Teelttechnisch is er nog meer kennis gewenst over zaaidichtheid, bemesting, onkruidbestrijding (er zijn momenteel geen herbiciden toegestaan door de wetgever, omdat het om een voor ons nieuw gewas gaat) en qua oogsttijdstip. “We weten dat de opbrengst flink lager ligt dan bij graan”, vertelt de ILVO-onderzoeker, “maar daar tegenover staat een veel hogere prijs per kilo. In elk geval is er heel wat voorlichting en begeleiding nodig voor de landbouwers die de stap zouden willen zetten.”

Meer weten? Lees de wekelijkse duiding over quinoa.

Bron: |

In samenwerking met: ILVO

Volg VILT ook via