nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

Dierenwelzijn: wat is het en hoe meet je het?
05.03.2019  ILVO: "Nieuwe dierenwelzijnsapp is in de eerste plaats een leerinstrument"

In het weekblad Boer&Tuinder pakt Boerenbond uit met een nieuwe tool voor veehouders. Het gaat om de Dierenwelzijn Scan, een app waarmee veehouders op vrijwillige basis kunnen nagaan of ze wel goed bezig zijn op vlak van dierenwelzijn. Het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek ILVO werkte mee aan de ontwikkeling van die digitale scan. Want hoe meet je dierenwelzijn? En wat mogen veehouders verwachten van het nieuwe meetinstrument? Etholoog Frank Tuyttens en zijn team geven tekst en uitleg.

Dierenwelzijn definiëren is niet zo eenvoudig. Gaat het over gezondheid en de afwezigheid van lijden? Gaat het over de mogelijkheid om natuurlijk gedrag te vertonen? Of gaat het over geluk en mentaal welbevinden, de zogenaamde affectieve staat? Volgens de ethologie, de wetenschappelijke discipline die zich bezighoudt met de studie van diergedrag, spelen deze drie elementen een rol en bevindt dierenwelzijn zich op het kruispunt ertussen. Maar zelfs onder ethologen is er discussie over waar dat kruispunt zich juist bevindt.

Frank Tuyttens (ILVO): “Dat komt omdat dierenwelzijn eigenlijk een maatschappelijk begrip is in plaats van een wetenschappelijk. Ten eerste is het begrip onderhevig aan verandering. Wat we 20 jaar geleden aanvaardbaar vonden in onze omgang met dieren, vinden we vandaag absurd. Ten tweede is het voor een stuk ook subjectief. Afhankelijk van met wie je praat, krijg je een andere definitie. Ook al baseren die gesprekspartners zich op dezelfde principes.”

“Bij dierenartsen en veehouders bijvoorbeeld staan vaak de gezondheid en het biologisch functioneren voorop: is het dier gezond en fit, dan presteert het ook beter. Of het dier zich gelukkig voelt en of het natuurlijk gedrag kan vertonen, is volgens die zienswijze enkel relevant indien het effect heeft op het biologisch functioneren. Bij burgers en ethici ligt dat vaak anders. Voor hen is geluk, een stressvrij leven en natuurlijk gedrag een fundamentele voorwaarde voor het welzijn van het dier. Dit verschil in visie verklaart waarom de verschillende partijen in het maatschappelijk debat over dierenwelzijn naast elkaar lijken te praten. Ze gebruiken dezelfde woorden maar verstaan er iets anders onder.”

Hoe meet je dierenwelzijn?
Als het al moeilijk is om dierenwelzijn te definiëren, hoe meet je het dan? Voor die uitdaging stond het team van Frank Tuyttens toen Boerenbond ILVO de opdracht gaf om een wetenschappelijk onderbouwde zelfscan voor veehouders te ontwikkelen. Voor die opdracht hanteerden ze een definitie die vertrekt vanuit vijf vrijheden. Voor een goed welzijn is het belangrijk dat aan al deze vrijheden wordt voldaan:

- Vrij van honger en dorst (toegang tot vers water en goed voeder)
- Vrij van ongemak (goede omgeving met beschutting en comfortabele rustplaatsen)
- Vrij van pijn, verwondingen en ziekte (preventie, snelle diagnose en gepaste behandeling)
- Vrij om normaal gedrag te vertonen (voldoende ruimte, goede voorzieningen en contact met soortgenoten)
- Vrij van angst en chronische stress (omstandigheden die geestelijk lijden voorkomen)

Mirjan Thys (ILVO): “Het is essentieel dat de zelfscan indicatoren voor elk van deze vrijheden bevat. Die indicatoren moeten bovendien op een eenvoudige en betrouwbare manier gescoord kunnen worden door veehouders. Bij de selectie zijn we uitgegaan van diergebonden parameters, die effectief het welzijn op dierniveau in kaart brengen.“

‘Huisvestingssysteem’ is in dat opzicht bijvoorbeeld geen goede indicator, want het zegt niets over het dier zelf. In vrije uitloop is het potentieel maximale dierenwelzijn groter dan in een verrijkte kooi, maar zonder diergebonden indicatoren als aanvulling hierop kan je niet weten of dit maximale potentieel gehaald wordt. Tot slot mag het geheel van indicatoren niet alleen de situatie op het moment van de scan meten, maar moet het een reflectie geven van eventuele dierenwelzijnsproblemen tijdens de weken en maanden ervoor. ‘Huidletsels’ is daarom bijvoorbeeld een belangrijke indicator, omdat het kan wijzen op een dieronvriendelijke situatie op een andere plaats of een ander moment.

dierenwelzijnscan.beeld1_ILVO.geVILT.jpg
Beeld: voorbeeld rapport voor melkkoeien - ligboxenstal

Een scan voor elke diersoort
Afhankelijk van de diersoort en het type bedrijf krijgt een veehouder in de zelfscan andere vragen voorgeschoteld. Er is een aparte scan voor varkensbedrijven (zeugen, biggen, vleesvarkens), melkveebedrijven en pluimveebedrijven (leghennen, vleeskippen). De scan voor vleesvee is nog in ontwikkeling.

Elke scan start met enkele algemene vragen die een veehouder kan beantwoorden op zijn bureau: bedrijfsgrootte, ras, productie-kengetallen, uitvalpercentage, enz. Daarna volgen vragen die beantwoord moeten worden in de stal. Een eerste reeks peilt naar het dierenwelzijn op groepsniveau en een tweede reeks naar het welzijn op individueel dierniveau (steekproefsgewijs).

dierenwelzijnscan.beeld3_ILVO.geVILT.jpg
Beeld: voorbeeld rapport bedrijfsgerelateerde en stalgerelateerde indicatoren voor zeugen

Een leerinstrument
Ondanks de weldoordachte en kritische selectie van indicatoren mag je van de zelfscan geen perfecte meettool verwachten. Ten eerste spelen bij scans door mensen zogenaamde ‘observer effects’. Onbewust neemt een observator omgevingsinfo mee in de beoordeling van wat hij ziet. Daarenboven is er een tekort aan goede indicatoren voor de affectieve staat van dieren, want hoe meet je objectief en rechtstreeks het mentale welbevinden van een dier? Tot slot moest de scan ook makkelijk inpasbaar zijn in de dagelijkse rondgang van veehouders op hun bedrijf, waardoor het aantal indicatoren beperkt moest blijven.

Frank Tuyttens: “Het resultaat is een compromis tussen wat praktisch haalbaar is voor veehouders en wat wetenschappelijk aanvaardbaar is voor ons. Het belangrijkste is dat veehouders bewust bezig zijn met dierenwelzijn en dat eventuele blinde vlekken in de bedrijfsvoering blootgelegd worden. Het is in de eerste plaats immers een leerinstrument.”

Na het doorsturen van de afgewerkte vragenlijst wordt automatisch een rapport gegenereerd dat via e-mail wordt verzonden naar de veehouder. Deze e-mail bevat ook een link naar het online platform waar voor alle indicatoren potentiële risicofactoren worden opgesomd. Anneleen Watteyn (ILVO): “Het is belangrijk op te merken dat deze bijkomende info niét gepersonaliseerd is. Het is de bedoeling dat de veehouder samen met de dierenarts of adviseur kijkt naar de werkpunten op het bedrijf en dat ze er samen een plan voor uitwerken.”

Op de website dierenwelzijnscan.be kunnen veehouders steeds hun eigen antwoorden en rapporten raadplegen. Voor de meeste scans waarbij individuele dieren werden beoordeeld, krijgen ze feedback via de welzijnsradar. Deze geeft per diergebonden indicator aan hoe het bedrijf scoort op een schaal van 0 (slechtste score) tot 100 (beste score). De antwoorden op de overige indicatoren worden weergegeven in tabellen.

dierenwelzijnscan.beeld2_ILVO.geVILT.jpg
Beeld: voorbeeld welzijnsradar vleeskippen

Een monitoringstool
Zodra 20 veehouders een bepaalde scan volledig doorlopen hebben, zal online een anonieme benchmarking zichtbaar zijn. Deze benchmarking maakt het mogelijk de eigen resultaten anoniem te vergelijken met die van gelijkaardige bedrijven. Daarenboven kunnen veehouders dankzij de scan de eigen evolutie op het bedrijf goed opvolgen. Dit maakt van de scan ook een goede monitoringstool, waarbij ze eventuele effecten van aanpassingen aan de bedrijfsvoering op het dierenwelzijn kunnen evalueren.

Meer info: www.dierenwelzijnscan.be

Bron: |

Beeld: ILVO / VILT

In samenwerking met: ILVO

Volg VILT ook via