nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

10.04.2018 INBO stuurt aan op translocatie van natuur

“De versnippering van natuurgebieden en geschikte biotopen is in België, en zeker in Vlaanderen, zo extreem dat kleinere restpopulaties van bedreigde planten- en diersoorten dreigen te imploderen door onder meer inteelt. Als we als mens niet ingrijpen en dieren en planten van de ene plek naar de andere transporteren om er nieuwe populaties te vormen of om bestaande genetisch te versterken, dreigen we honderden soorten te verliezen op lange termijn”, zo stelt INBO, het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek. In 2018 wordt een gedetailleerd beleidskader uitgewerkt om translocaties mogelijk te maken.

Translocatie is vandaag voor veel natuurliefhebbers nog een brug te ver. Nochtans zijn vele van onze soorten dikwijls nog relictpopulaties uit de prehistorie, toen migratie van de ene populatie naar de andere nog mogelijk was en toen ons landschap er fundamenteel anders uit zag. "Het herlokaliseren van soorten of individuen is een essentiële denkoefening, die echter bij veel natuurbeschermers weerstand oproept ", zegt Joachim Mergeay, onderzoeker bij het INBO in Brussel. "Vaak is de enige reden die ze aanhalen 'omdat het artificieel is'. Nochtans is dat niet meer of minder artificieel dan perceel per perceel te beslissen of we een landbouwer het gras laten maaien, dan wel om er zijn koeien te laten grazen."

De versnippering bij ons is volgens INBO dermate groot dat organismen er maar moeilijk in slagen om van de ene populatie naar de andere te migreren. Dat geldt vooral voor de minder mobiele soorten. Omdat de populaties ook relatief klein zijn en kleiner worden, gaat de migratiedruk ook in dalende lijn waardoor dieren niet meer wegtrekken. "Bij natuurlijke verbreiding verlaat een individu een leefgebied en hoopt elders een gebied te vinden waar het voortplantingssucces groter is en de competitie kleiner", verduidelijkt Mergeay.

"Verbreiding is dus een risicovolle onderneming, waarbij velen proberen en weinigen uitverkoren zijn. Ons sterk versnipperde landschap zorgt zelfs voor natuurlijke selectie tégen verbreidingsgedrag, omdat het zelden nog evolutionair beloond wordt: gunstige leefgebieden liggen veelal te ver uit elkaar. Wie dan nog vertrekt, sterft onderweg en geeft zijn genen met zekerheid niet door”, argumenteert INBO.

Toch is het lokaal uitsterven van kleinere populaties niet zo uitzonderlijk. Het heeft altijd bestaan. "In een grotere metapopulatie, waarbij kleinere populaties met elkaar verbonden zijn, is het de natuurlijkste zaak van de wereld", weet Mergeay. "En het hoeft geen ramp te zijn zolang de snelheid waarmee deelpopulaties uitsterven flink lager is dan de snelheid van kolonisatie van nieuwe leefgebieden. Maar dat vraagt uiteraard heel wat beweging tussen leefgebieden. En door de versnippering is die natuurlijke kolonisatie niet meer mogelijk. Verbreiding door de mens is essentieel geworden voor het behoud van biodiversiteit op lokale en regionale schaal, omdat het noodzakelijk is om het natuurlijke proces van uitsterven van deelpopulaties te compenseren."

Hoe realistisch is het verdwijnen van volledige metapopulaties door een gebrek aan verbreiding? Voor zeer veel soorten is sinds de tweede helft van de 20ste eeuw zowel het aantal populaties als de grootte van die populaties sterk gedaald en is de afstand tussen populaties vergroot. "In België en zeker Vlaanderen is deze situatie extreem", aldus Mergeay. "Na de twee stadsstaten Luxemburg en Malta is België het sterkst ecologisch versnipperde land van Europa. En dan verbloemt Wallonië nog ruimschoots de situatie in Vlaanderen. De aanleg van ecoducten kan hier en daar helpen, maar niet voor soorten die hun migratie na enkele honderden meter al voor bekeken houden.”

Mergeay is van mening dat we een veel te menselijke kijk hebben op hoe organismen zich verspreiden. “Onze beheermaatregelen zijn bovendien erg minimalistisch. Als we er niet in slagen om ofwel erg grote natuurgebieden te maken, of door infrastructuurwerken de verbinding tussen afgelegen biotopen te voorzien van voortplantingsplekken, dan rest er maar één oplossing: de dieren en planten zelf verplaatsen", aldus de onderzoeker. Al kunnen er volgens hem wel belangrijke consequenties zijn wanneer de translocatie slecht gebeurt waarde een geïntroduceerde soort zich ongewenst verspreidt naar andere gebieden. "Dat maakt dat hier omzichtig mee moet worden omgesprongen."

Deze visie staat in contrast met de visie van de Britse bioloog Chris Thomas. In zijn boek ‘Erfgenamen van de aarde’ roept hij op om te stoppen met de natuur te behouden zoals ze is. “Soorten komen en soorten gaan, zo is het altijd geweest”, klinkt het. Volgens hem is de natuur bezig de wereld te veroveren en dat gebeurt ook dankzij de mens. Hij roept milieuorganisaties op om af te stappen van hun doemverhalen. 

Bron: Belga/eigen verslaggeving

Beeld: Natuurpunt

Volg VILT ook via