nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

01.07.2014 Invasieve planten en dieren jagen Lage Landen op kosten

De effecten op de biodiversiteit en de maatschappelijke kosten van planten en dieren die hier van nature niet thuishoren, lopen voor Nederland en België jaarlijks op tot 2,3 miljard euro. Dat werd vernomen binnen het Europees project RINSE (Reducing the Impacts of Non-Natieve Species). De meest zichtbare invasieve exoten zijn de zomerganzen, ganzen die na de winter niet wegtrekken, maar in het wild broeden. "Hun aantal is de voorbije 20 jaar enorm toegenomen", verduidelijken de partners van RINSE. "Dat leidt op bepaalde plaatsen tot economische en ecologische schade. De ganzen grazen aan landbouwgewassen, net in het groeiseizoen, of brengen schade toe aan teelten door vertrappeling of vervuiling met uitwerpselen. Ook in weiden van (melk)koeien zijn die uitwerpselen bijzonder vervelend.

Uit een jaarlijkse simultaantelling bleek voor 2013 dat er ruim 10.500 overzomerende ganzen aanwezig waren in Vlaanderen, vooral in de provincies Oost- (3.922) en West-Vlaanderen (1.849) en de provincie Antwerpen (2.383). Landbouw is niet de enige sector die schade lijdt door de talrijk aanwezige zomerganzen. Ook de recreatiedomeinen ondervinden grote hinder door vervuiling van (zwem)water of ligweiden. De ganzen hebben een erg inefficiënte spijsvertering en produceren dus veel mest. Verder kunnen ook kwetsbare planten en vegetaties in natuurgebieden plaatselijk schade ondervinden.

De schade die Canadese ganzen, Nijlganzen en andere zomerganzen veroorzaken aan landbouw en natuur en het daarmee samenhangende beheer, vergen heel wat financiële middelen die momenteel voorzien worden via Europese projecten. Na afloop van de projecten zijn deze middelen niet meer beschikbaar. Een structurele verankering van het beheer van invasieve soorten wordt dus noodzakelijk. Het West-Vlaamse praktijkcentrum Inagro zet daarom bijvoorbeeld in op het sensibiliseren en informeren van lokale besturen om afvangsten van zomerganzen te organiseren.

In een volgehouden inspanning, over de grenzen van de provincies (en buurlanden) heen, werken diverse organisaties samen om de problematiek van de zomerganzen aan te pakken. Om dat te demonstreren, werd de pers uitgenodigd op een afvangst van zomerganzen. Het RINSE-project heeft een reductie van de impact van zomerganzen en andere niet-inheemse invasieve soorten tot doel. Actieve partners binnen RINSE zijn Inagro, bestrijdingsexpert RATO vzw en onderzoeksinstituut INBO. Er wordt ook nauw samengewerkt met de provincie Antwerpen, met het Agentschap Natuur en Bos en voor het na-traject met Timelab.

Om de populatie Canadese ganzen in te perken, worden in het voorjaar eieren geschud, ganzen afgevangen in de zomer en bejaagd in het najaar. Vangen kan enkel tijdens de rui, in periode van 15 juni tot 15 juli, wanneer de ganzen hun slagpennen verliezen en tijdelijk niet kunnen vliegen. Ze troepen dan samen op wateren. Tijdens deze periode worden er gecoördineerde afvangsten georganiseerd. Gevangen dieren worden geëuthanaseerd of in de voedselketen gebracht. Binnen een Gents project 'Niets is verloren' wordt tijdens de Gentse Feesten overigens Canadese gans geserveerd in restaurant Cyclus. Ook gebak op basis van Japanse duizendknoop, een invasieve woekerplant die familie is van de rabarberplant, schijnt heerlijk te zijn

Meer info: geVILT 'Met zeven man en een bootje achter de ganzen aan'

Bron: Belga / eigen verslaggeving

Volg VILT ook via