nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

18.04.2018 Jonge Chinese boeren leren Belgische landbouw kennen

Een delegatie jonge Chinese landbouwers bezocht de afgelopen dagen een aantal Belgische land- en tuinbouwbedrijven om uit eerste hand te leren over goede praktijken op vlak van duurzame landbouw en milieuvriendelijke en innovatieve landbouwtechnieken. Het gaat om een uitwisselingsproject dat de Europese Commissie en het Chinese ministerie van Landbouw ondersteunen. In het Vlaams-Brabantse Gooik maakten de 12 Chinese landbouwers kennis met het biologisch fruitteeltbedrijf van Danny Billens.

Binnen het Directoraat-Generaal voor Landbouw en Plattelandsontwikkeling (DG AGRI) van de Europese Commissie is er een eenheid die werkt aan de handelscontacten met onder meer Azië en Australië. “We werken op drie fronten”, vertelt diensthoofd Antonia Gamez Moreno. “Enerzijds voeren we promotie voor Europese landbouwproducten in die regio. Zo gaat Eurocommissaris Phil Hogan in mei met 70 Europese bedrijfsleiders naar een handelsbeurs in Shanghai om hun producten meer ruchtbaarheid te geven.”

Een andere belangrijke taak van de eenheid van Gamez Moreno is in dialoog treden met derde landen. “Het gaat om overleg, niet om onderhandelingen”, onderlijnt ze. “Zo voeren we gesprekken over voedselveiligheid, fytosanitaire en sanitaire regels, klimaatverandering, milieumaatregelen, enz. Met China focussen we in die gesprekken momenteel op biologische landbouwproducten en de erkenning van geografische herkomstbenamingen.” Het derde front waarop gewerkt wordt, is samenwerking met de Aziatische en Australische regio.

Het is in dat kader dat het bezoek van de jonge Chinese landbouwers past. “We hebben met het Chinese ministerie van Landbouw een samenwerkingsplan ondertekend. Eén van de actiepunten van dat plan bestaat erin jonge landbouwers uit China en de EU met elkaar in contact brengen zodat er uitwisseling kan ontstaan over goede landbouwpraktijken en innovatieve technieken”, vertelt Gamez Moreno. Op die manier moet langs beide zijden het bewustzijn rond milieu en duurzame landbouw toenemen. Dit kan helpen om elkaars beleid en handelsstrategie beter te begrijpen.

Nadat in het najaar van 2017 een delegatie jonge land- en tuinbouwers uit de Europese Unie naar China trok voor een reeks bedrijfsbezoeken, is het nu de beurt aan een Chinese delegatie jonge landbouwers om de Europese land- en tuinbouw beter te leren kennen. Van 15 tot 28 april bezoeken de jonge landbouwers achtereenvolgens België, het Verenigd Koninkrijk en Estland. In ons land bezochten ze onder meer de Europese Commissie, de Waalse organisatie voor rundveeverbetering AWE, veiling BelOrta en het Proefstation voor de Groenteteelt in Sint-Katelijne-Waver.

Een andere tussenstop werd gemaakt op het biologisch fruitteeltbedrijf van Danny Billens in Gooik. Het bedrijf is één van de pioniers in de biologische teelt in Vlaanderen. In 1989, twee jaar nadat hij het bedrijf van zijn vader had overgenomen, stapte Billens over naar de bioteelt. “Het waren geen evidente tijden”, herinnert hij zich. “Er bestond nauwelijks voorlichting rond biologische teeltmethoden en bovendien was er nauwelijks vraag naar verse bioproducten. Ik ben toen gestart met de verwerking van mijn fruit in fruitsap, confituur, taart, enz. Die verwerking heeft mijn bedrijf die eerste jaren recht gehouden.”

Ondertussen zijn de kansen voor bio helemaal gekeerd en wordt het grootste deel van de productie van zijn bedrijf, dat negen hectare telt, grotendeels verkocht op de versmarkt. Vooral Brussel is een belangrijke afzetmarkt voor het fruit van Billens. Ook in China kent bio een forse groei door de opkomende middenklasse in het land die veel geld te besteden heeft. E-commerce voor verse producten neemt er een hoge vlucht. Via de app WeChat is het blijkbaar heel eenvoudig om kistjes fruit van eigenaar te laten verwisselen. “Als je vandaag bestelt, heb je een dag later je bestelling al in huis. Het maakt de keten tussen landbouwer en consument heel kort”, stelt Ross Tsin die in Beijing betrokken is bij een grote mangokwekerij.

Hij vertelt dat China vooral kleinschalige, familiale landbouwbedrijven telt. En net als in Europa, is ook daar de bedrijfsopvolging problematisch. “Jongeren kiezen ervoor om het platteland te verlaten en in de steden te gaan werken”, aldus Tsin. Een verschil met onze regio is dan weer het grondbezit. Een Chinese landbouwer kan geen grond verwerven. “De grond blijft staatseigendom, maar boeren kunnen wel een huur op lange termijn afsluiten met de staat. De prijs varieert van regio tot regio en hangt vooral af van klimatologische omstandigheden en de grondsoort.”

De landbouwers uit China waren ook sterk geïnteresseerd in de prijs van het biofruit van Billens tegenover die van gangbaar fruit. Die ligt twee tot drie keer hoger, maar de opbrengst is dan ook minder dan de helft van de gangbare teelt. Al moet Danny toegeven dat het afgelopen jaar een catastrofe was. “Door de strenge vorst op 20 april vorig jaar is 90 procent van mijn appeloogst verloren gegaan. Dat moet geen tweede jaar op rij gebeuren of daar ga je als bedrijf aan ten onder”, klinkt het.

Nadien worden er nog tal van tips uitgewisseld over hoe je bijvoorbeeld best het gras onderhoudt tussen de bomen of hoe je bepaalde insecten kan bestrijden. Een duidelijk signaal dat heel wat van de problemen en uitdagingen die de landbouw in België en China ondervinden gelijklopend zijn. Er wordt ook gepolst naar de controles voor het biocertificaat die het bedrijf krijgt. Volgens Antonia Gamez Moreno is dat een punt waar in China nog werk aan de winkel is. “Bio heeft er alle baat bij dat er goede controlesystemen worden opgezet, anders bestaat de kans dat consumenten het vertrouwen verliezen. Ook voor handel met de EU is een sluitende controle essentieel”, benadrukt ze.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via