nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

16.02.2018 Ken de financiële weerslag van EU-beleidskeuzes na 2020

Voorafgaand aan de informele bijeenkomst van regeringsleiders op 23 februari zet de Europese Commissie de verschillende opties voor de EU-begroting en hun financiële gevolgen uiteen. “We moeten allemaal begrijpen dat ‘business as usual’ geen optie is bij de komende besprekingen”, zegt Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker. Koken kost geld, maakt hij duidelijk met een verwijzing naar beleidsambities zoals de defensie-unie en de digitale transformatie. Scenario’s die het debat over het landbouwbudget moeten voeden, variëren van een status quo tot een besparing van 15 dan wel 30 procent.

Begrotingen gaan over prioriteiten en ambitie. “Ze vertalen onze toekomst in cijfers”, zegt Commissievoorzitter Juncker, “dus moeten we eerst bespreken welk Europa wij willen, en moeten de lidstaten vervolgens het nodige geld toezeggen om hun ambities te verwezenlijken.” De Europese Commissie draagt op drie manieren bij aan deze belangrijke discussie. Allereerst door de nodige feiten aan te dragen over de EU-begroting zelf, maar ook over de toegevoegde waarde van Europa. Ten tweede door scenario's op te stellen die de financiële effecten van de verschillende mogelijke beleidskeuzes illustreren. Ten derde door te laten zien wat het onder meer voor studenten, onderzoekers en infrastructuurprojecten zou betekenen als de goedkeuring van de nieuwe EU-begroting zou worden uitgesteld.

Wanneer de regeringsleiders bespreken hoe ambitieus de EU moet zijn, is het belangrijk dat zij goed nagaan welke financiële impact hun keuzes hebben. Keuzes die betrekking hebben op de bescherming van de buitengrenzen van de EU, de ondersteuning van een echte Europese defensie-unie, de digitale transformatie van Europa of het efficiënter maken van het cohesie- en het landbouwbeleid. Het financiële effect van de verschillende beleidsopties werd becijferd door de Commissie, maar de beleidsopties zelf zijn niet in Brussel bedacht. De diensten van Jean-Claude Juncker pikten scenario’s op die in het maatschappelijk debat komen bovendrijven en gingen daarmee aan de slag.

Als de regeringsleiders bijvoorbeeld akkoord gaan met het vaak geopperde voornemen om de buitengrenzen van de EU beter te beschermen, dan zou dat 20 tot 25 miljard euro kosten voor een periode van zeven jaar, en tot 150 miljard euro om een volledig geïntegreerd systeem voor het beheer van de buitengrenzen op te zetten. Wil Europa vooroplopen inzake digitalisering of onderzoek en innovatie aanzwengelen, telkens geldt dat er voldoende middelen nodig zijn om dat te verwezenlijken.

Naar het cohesiebeleid (370 miljard euro van 2014 tot 2020) en landbouwbeleid (400 miljard euro), de twee grootste slokkoppen binnen de EU-begroting, wordt gekeken met het idee daarop te besparen. Nieuwe prioriteiten hoeven dan niet volledig met nieuwe middelen gefinancierd te worden. Van het budget dat momenteel naar het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) gaat, is 70 procent bestemd als inkomenssteun voor landbouw. Ongeveer 100 van de in totaal 400 miljard euro gaat naar plattelandsontwikkeling. Tegenover dat deel van het GLB-budget staat cofinanciering van de lidstaten.

De inkomenssteun aan landbouw staat meer ter discussie dan de middelen die via het plattelandsbeleid (b.v. investeringssteun en vergoedingen voor agromilieumaatregelen) bij landbouwers terechtkomen. Het leeuwendeel van de inkomenssteun (80%) gaat naar 20 procent van de bedrijven, wat aan kritiek onderhevig is. De nieuwe lidstaten willen net zoals bij de vorige hervorming het debat voeren over de nationale verschillen in inkomenssteun. Aan het systeem van inkomenssteun sleutelen, zou volgens de Commissie kunnen toelaten om de subsidies resultaatgerichter in te zetten. Het beoogde resultaat kan bijvoorbeeld zijn landbouw handhaven in minder begunstigde gebieden, landbouwers doen overstappen naar meer duurzame en grondstoffenefficiënte productiemethoden, enz.

Wat de middelen betreft waarmee de landbouwsector het moet bolwerken, maakt de Europese Commissie drie scenario’s inzichtelijk. Het eerste gaat uit van budgetbehoud zodat landbouw ook na 2020 nog 37 procent van het meerjarig financieel kader kan claimen. Ook deze budgettaire status quo omhelst de ambitie om de inkomenssteun doelgerichter te maken, en er vooral de kleine en middelgrote bedrijven een duwtje mee in de rug te geven.

Twee besparingsscenario’s worden beschreven, het ene nog ingrijpender dan het ander. Ze staan naar verluidt niet op zichzelf, maar zouden telkens gepaard gaan met het meer doelgericht maken van het resterende budget. Het landbouwbudget met 30 procent verminderen zou neerkomen op een besparing van 120 miljard euro. In veel lidstaten zou dat het landbouwinkomen met meer dan 10 procent doen dalen. Deelsectoren die voor hun overleven sterk van inkomenssteun afhangen, zoals de vleesveehouderij, zullen de besparing nog harder voelen. Het andere, meer gematigde scenario rekent met een meerjarige besparing van 60 miljard euro (-15%), waarvan de impact kleiner en nog meer sectorafhankelijk zal zijn.

De Europese Commissie stuurt aan op een vroeg akkoord over de nieuwe meerjarenbegroting, om vertraging zoals in 2013 te voorkomen. “Als we weer zo’n vertraging als toen oplopen, dan zullen meer dan 100.000 door de EU gefinancierde projecten niet op tijd kunnen beginnen. Honderdduizenden jonge mensen kunnen dan in 2021 niet op Erasmus-uitwisseling”, maakt begrotingscommissaris Günther Oettinger duidelijk wat er op het spel staat. De Europese Commissie zal haar formele voorstel voor de EU-begroting na 2020 uiterlijk in mei op tafel leggen. Ondertussen zal de Commissie naar alle belanghebbenden blijven luisteren, onder meer via de openbare raadplegingen over de prioriteiten van de EU.

Meer info: Multiannual Financial Framework post-2020

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via