nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

20.06.2019 Kiemremmer chloorprofam verboden vanaf 1 januari 2020

De Europese Commissie heeft beslist om het gebruik van kiemremmer en herbicide chloorprofam vanaf 1 januari 2020 niet langer toe te laten. Chloorprofam, beter gekend onder de handelsnaam CIPC, wordt door landbouwers veel gebruikt om aardappelen beter te kunnen bewaren. “Het verbod is een bedreiging voor de aardappelteelt”, zegt Romain Cools, secretaris van de federatie van de aardappelhandel en -verwerking Belgapom. “We zijn al twee jaar op zoek naar alternatieven, maar die staan nog niet helemaal op punt en geen enkel alternatief werkt zo goed en zo breed als chloorprofam.”

Het verbod op chloorprofam komt er na een rapport van EFSA, de Europese voedselveiligheidsautoriteit, waarin wordt gesteld dat het product toxischer is dan tot nu toe werd aangenomen. In ons land wordt chloorprofam vooral gebruikt als kiemremmer om de bewaring van aardappelen in de schuur te verbeteren. Daarnaast wordt de actieve stof van het product – vooral in Nederland – ingezet als herbicide in de uienteelt. De impact van het verbod wordt volgens Belgapom nog onderschat door heel wat betrokken partijen. “Het gaat om een product dat is ingeburgerd, zelfs bij meer dan één generatie. Dat het nu niet meer mag gebruikt worden, zal een schokgolf teweeg brengen in de aardappelsector”, klinkt het.

Gezien het grote belang voor de aardappelsector volgt Belgapom dit dossier al geruime tijd op de voet. “We beseften al langer dat er een verbod zat aan te komen”, vertelt Cools. Vandaar dat Belgapom er bij zijn leden op heeft aangedrongen om extra geld bij elkaar te brengen om onderzoek te doen naar alternatieven. In samenwerking met Flanders’ FOOD werd het project ‘residu-arme kiemremming’ (RESKIA) op poten gezet. “Al twee jaar lang doen we onderzoek naar alternatieven voor CIPC, specifiek toegespitst op de rassen die in ons land worden geteeld. Het gaat om natuurlijke middelen, zoals muntolie. Sommige van die middelen kunnen een alternatief vormen, maar slechts bij een beperkt aantal rassen. Maar de werking van CIPC blijft efficiënter en is bovendien goedkoper”, meent Cools.

Bijkomend kunnen er ook problemen rijzen rond de aanwezigheid van CIPC-residu in de bewaarloodsen waarin het middel in het verleden werd gebruikt. “De CIPC-kristallen hebben de neiging om zich in de constructie vast te zetten en dat gedurende vele jaren. Zelfs een grondige industriële reiniging kan niet voorkomen dat over drie, vijf of zelfs tien jaar CIPC-kristallen neerdwarrelen op gestockeerde aardappelen”, waarschuwt Romain Cools. “Indien de aanwezigheid hiervan op bewaarde knollen bij staalname wordt aangetoond, dan zou strikt juridisch de ganse partij gestockeerde aardappelen moeten vernietigd worden.”

Samen met de Europese sectorfederatie EUPPA, Europatat en Copa-Cogeca voert Belgapom gesprekken met de EU om een oplossing te zoeken. “We voeren momenteel testen uit in bewaarloodsen waar in het verleden chloorprofam werd gebruikt, maar waar dat nu al een paar jaar niet meer gebeurt. Op die manier kunnen we aan de Europese Commissie illustreren dat een nultolerantie op chloorprofam een groot probleem kan opleveren voor de sector”, legt Cools uit. Belgapom vraagt ook dat er in het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid middelen worden voorzien om de noodzakelijke investeringen waar de aardappelsector tegenaan kijkt, mogelijk te maken.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via