nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

07.08.2017 Kritiek op FAVV in fipronil-crisis zwelt aan

De kritiek op het Federaal Voedselagentschap (FAVV) in de fipronil-crisis zwelt aan. Verschillende partijen lijken het erover eens: de communicatie had duidelijker en pro-actiever gekund. Dinsdag wordt het rapport van het agentschap over haar aanpak in de zaak verwacht. Woensdag volgt daarover een discussie in de Kamercommissie Economie en Landbouw, waarop zowel de federale ministers Ducarme (Landbouw) als De Block (Volksgezondheid) aanwezig zullen zijn. In Terzake heeft gedelegeerd bestuurder Herman Diricks maandagavond de houding van het FAVV in de zaak verdedigd.

Afgelopen weekend kreeg het FAVV al tonnen kritiek over zich heen, zowel uit binnen- als buitenland. Kersvers minister van Landbouw Denis Ducarme vroeg het Agentschap daarom om een rapport over wat er sinds het begin van de affaire gedaan en gebeurd is. Dat rapport wordt dinsdag op zijn kabinet verwacht. Woensdag zullen Ducarme en zijn collega van Volksgezondheid Maggy De Block vervolgens in de Kamercommissie Economie en Landbouw ondervraagd worden over de kwestie. Dat heeft commissievoorzitter Jean-Marc Delizée aangekondigd.

Maar in afwachting daarvan blijft de kritiek op het Voedselagentschap en vooral op de communicatie daarvan over fipronil aanzwellen. Aan het lijstje criticasters moeten nu ook Test-Aankoop, ACV, de voorzitter van de Duitse consumentencommissie en enkele experts worden toegevoegd.

De christelijke vakbond (ACV) heeft het over ‘proceduritis’ en hekelt het gebrek aan zowel externe als interne communicatie. Volgens de organisatie worden zelfs de eigen werknemers niet op de hoogte gehouden en moeten ze het nieuws via de pers vernemen. De voorzitter van de consumentencommissie in de Duitse Bundestag, Renate Künast, vindt net als de Duitse landbouwminister Christan Schmidt dat het FAVV te laat gecommuniceerd heeft. Ze vraagt dat Schmidt op Europees niveau optreedt om zoiets in de toekomst te vermijden.

Consumentenorganisatie Test-Aankoop op zijn beurt eist dat de lotnummers van de besmette eieren publiek worden gemaakt. “Ook al blijkt uit alle analyses dat het gevaar voor de gezondheid minimaal is, toch is het noodzakelijk dat de lotnummers van de gecontamineerde producten, net zoals in Nederland, publiek worden gemaakt . De consument moet zelf kunnen beslissen of hij de betrokken eieren consumeert of niet”, klinkt het. Volgens de organisatie heeft FAVV de gewoonte dit te doen, “dus waarom nu niet?”.

Ook vraagt ze de exacte analyseresultaten, en een duidelijke boodschap. “Want hoe kan het dat het Voedselagentschap enerzijds zegt dat er geen gevaar is voor de volksgezondheid en anderzijds stelt dat ze nog niet over alle analyseresultaten beschikt?” Test-Aankoop betreurt dat door dit gebrek aan communicatie en transparantie grote verwarring en onduidelijkheid heerst. “Consumenten zitten met vragen waarop nu eindelijk duidelijke antwoorden moeten komen.”

Verder stelt de organisatie zich vragen bij de looptijd van de affaire. Een vraag die afgelopen weekend ook al in Het Laatste Nieuws en De Morgen gesteld werd. “Hoe lang is dit al bezig?” Tot slot vraagt ze een andere aanpak bij voedingsincidenten. “Want we zien telkens dezelfde houding: het agentschap probeert alles stil te houden en communiceert pas wanneer het probleem via een andere bron publiek wordt gemaakt.”

De online redactie van VRT liet communicatie-expert Bram Boriau de aanpak van het FAVV met die van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) vergelijken. Voor de consument is de aanpak van NVWA duidelijk beter, want daar vindt iedereen die het wil weten welke eieren besmet zijn en welke niet. “België communiceert ambtelijk en defensief over de crisis, Nederland helder en duidelijk. Door zo te communiceren als het FAVV nu doet, maak je een mogelijke paniekreactie net groter", klinkt het. Gezien het Voedselagentschap is opgericht na de dioxinecrisis om de burger duidelijk te informeren, is dit bovendien “pijnlijk”. 

Maandagochtend zei landbouwminister Ducarme op de Franstalige zender RTBF nog dat het gerechtelijk onderzoek naar de besmetting "geen argument" is om niet te communiceren. "De consumentenbescherming moet voorrang krijgen", zei hij. Openbaarheidsexpert Frankie Schram (KU Leuven) treedt hem daarin bij. "Overheden hebben een actieve openbaarheidsverplichting wanneer er een eventueel ernstig risico is met betrekking tot de volksgezondheid, als de informatie tenminste als milieu-informatie kan worden gekwalificeerd", zegt hij. "Gaat het om emissies, wat hier het geval lijkt, dan is er een assumptie dat het belang van de openbaarmaking zwaarder weegt dan het belang van de opsporing en vervolging van sanctioneerbare feiten."

Het Voedselagentschap zelf maakte maandagnamiddag de resultaten van de tests op de aanwezigheid van fipronil in Belgische eieren bekend. Het benadrukt nog dat het na de melding van een besmetting in juni door een bedrijf in Sint-Niklaas onmiddellijk een onderzoek heeft gestart en het parket op de hoogte heeft gebracht. "Het onderzoek heeft zo snel mogelijk in kaart gebracht welke andere bedrijven mogelijk nog betrokken waren", klinkt het. "Zodra er indicaties waren dat het probleem zich ook in andere landen stelde, zijn zij daar meteen van op de hoogte gebracht. Op 20 juli is er ook een officiële waarschuwing uitgezonden naar alle EU-landen."

Een woordvoerster van de Europese Commissie bevestigt dit. Tijdens een persconferentie van de Commissie werden veel vragen gesteld over de zaak. Vooral dan over waarom het zo lang heeft geduurd voor ons land de andere lidstaten op het hoogte heeft gesteld - tussen de eerste melding van een besmetting in juni en de melding via het Rapid Alert System op 20 juli zit bijna twee maanden.

Volgens Europees Parlementslid Bart Staes dateert de eerste melding van een besmetting zelfs al van midden mei. Dat vertelt hij aan de VRT-nieuwsredactie. "De staalnames bij een privébedrijf op 15 mei lieten fipronilwaarden zien tussen 0,0031 en 1,2 mg", zegt Staes. Begin juni heeft het Voedselagentschap een eigen onderzoek gestart en de gerechtelijke autoriteiten op de hoogte gebracht, wat een terechte manier van handelen was, aldus Staes. "Het probleem is dat de melding via het Europese snelle waarschuwingssysteem veel te laat gebeurd is. Anderhalve maand lijkt me een erg lange periode om te wachten", zegt hij. Het Voedselagentschap houdt echter vol dat het pas op 2 juni op de hoogte werd gesteld van de besmetting.

In de studio van Terzake ten slotte heeft gedelegeerd bestuurder Herman Diricks maandagavond de houding van zijn instelling in het dossier verdedigd. "We hebben de juiste weg gevolgd", klonk het. Zowel inzake de procedures bij de aanpak van het probleem als inzake de communicatie over het probleem naar het grote publiek bleef Diricks volhouden dat het FAVV zich niets te verwijten heeft.

Diricks werd bovendien geconfronteerd met een uitspraak van toxicoloog Jan Tytgat (KU Leuven) die eerder op de avond in het Journaal gesteld had dat de norm voor het 'maximum residu level' 0,05 mg/kg is, en niet de 0,72 mg/kg die het FAVV als de Europees grenswaarde hanteert. Diricks hield vol dat het Voedselagentschap de norm gebruikt "die door de Europese Commissie is gevalideerd en die door alle EU-lidstaten wordt gebruikt". Diricks zei dat hij bereid was de nodige bijkomende informatie aan de toxicoloog te bezorgen, omdat er volgens hem mogelijk sprake is van een misverstand.

Diricks zei ook dat het agentschap werkt aan een lijvig dossier voor de ministers van de federale regering om alle stappen uit te leggen die door het FAVV genomen zijn sinds 2 juni, toen voor het eerst een melding binnenkwam over fipronil. "We zullen alles uitleggen wat we gedaan hebben", zei Diricks, die benadrukte dat het FAVV "niets heeft willen verstoppen, maar enkel naar buiten kwam met 'correcte en relevante' informatie."

Bron: Belga / deredactie.be

Volg VILT ook via