nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

02.07.2018 Lagere bijensterfte in Vlaanderen afgelopen winter

De voorbije winter bedroeg de bijensterfte in Vlaanderen gemiddeld 13 procent. Dat blijkt uit de eerste resultaten van de COLOSS-enquête, een enquête die werd afgenomen door een internationaal samenwerkingsplatform van wetenschappers bij 235 imkers, goed voor 2.083 bijenvolken. Oost-Vlaanderen kampte met de hoogste wintersterfte, ruim 23 procent. 

Het sterftecijfer van 13 procent ligt een pak lager dan de 22,3 procent van vorig jaar en is ongeveer gelijk aan de sterfte in de winter van 2015-2016 (13,4%). “Het benadert de tien procent die we als natuurlijke uitval beschouwen. Wat hoopvol stemt en verdere analyse van de gegevens kan ons misschien leren welke groepen van imkers of welk 'soort' imker grotere bijensterftes kent. Dit kan dan weer lessen voor de imkerij opleveren”, klinkt het bij het samenwerkingsplatform Honeybee Valley, dat in 2014 werd opgericht aan de Universiteit Gent.

De cijfers vormen slechts de eerste resultaten van de COLOSS-enquête. Ook in Wallonië en Brussel werd ze heel goed ingevuld, en later kan dan ook een analyse van de nationale data uitgevoerd worden. Dat zal gebeuren door Gilles San Martin van het Centre wallon de recherche agricole (CRA-W). Alle data worden daarnaast ook internationaal door het COLOSS-netwerk geanalyseerd. Het samenwerkingsplatform COLOSS (Prevention of honeybee COlonyLOSSes) heeft als doel de wintersterfte bij Europese imkers in kaart te brengen, de oorzaken ervan te onderzoeken en oplossingen aan te reiken.

Op dit ogenblik loopt ook een onderzoek waarvoor bij 50 imkers over heel Vlaanderen stalen worden genomen van bijen, stuifmeel en honing. De locaties zijn niet toevallig gekozen, maar gelinkt aan zeer hoge of juist zeer lage wintersterftes in het verleden. "Door de stressoren te bepalen in deze verschillende omgevingen kan hopelijk nog een extra stukje van de puzzel worden opgehelderd", klinkt het.

Meer informatie: Wintersterfte bij bijen 2017-2018

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via