nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

  
  

08.01.2018 Landbouw kan bijdragen aan klimaatbestendig Vlaanderen

De klimaatverandering zorgt in onze contreien voor meer hittegolven, stormen, en ook droogte. Vlaanderen moet zich daarom aanpassen en volgens kersvers doctor Jeroen De Waegemaeker (ILVO/UAntwerpen) kan landbouwgrond daarbij een sleutelrol spelen. “Vaak wordt er vooral naar de natuur gekeken voor adaptatiemaatregelen, maar in het versnipperde Vlaanderen kunnen ook akkers en weiden mits een aangepast ontwerp stedelijke hitte-eilanden temperen en overstromingen bufferen” stelt De Waegemaeker, die wel pleit voor een debat over de vergoeding van landbouwers voor de door hen geleverde klimaatdiensten.

Het ruimtelijk beleid stuurt aan op de aanleg van natuur om weersextremen als gevolg van de klimaatverandering te bufferen. Landbouwgrond beslaat evenwel de helft van Vlaanderen en biedt dus ook mogelijkheden voor klimaatadaptatie. De klimaatverandering is dermate ingrijpend dat we volgens onderzoeker Jeroen De Waegemaker (ILVO/UAntwerpen) ook dit ‘landbouwpotentieel’ moeten aanboren. Hij stelt voor om landbouwers te zien als leveranciers van klimaatdiensten. “Door een juiste inrichting en beheer van landbouwgronden bouwt de sector mee aan een klimaatbestendig Vlaanderen. In ruil moet het ruimtelijke beleid maximaal inzetten op het behoud van deze waardevolle landbouwgronden en de financiering van de geleverde klimaatdiensten.”

“Vlaanderen moet zich voorbereiden op een toename aan overstromingen én watertekorten, bijkomende (stedelijke) hittestress en bodemerosie, een kustverdediging onder druk en verzilting”, vertelt De Waegemaker in zijn doctoraat. “Vaak wordt er vooral naar de natuur gekeken. Extra bossen en natuurgebieden, of meer bomen in de stad zijn inderdaad belangrijke adaptatiemaatregelen. Maar in het versnipperde Vlaanderen bekleden ook de landbouwgronden een sleutelrol in de ontwikkeling van een klimaatbestendige ruimte.”

Het doctoraatsonderzoek ‘Climate-proof through Design’ schetst een eerste reeks ideeën aan de hand van ontwerpend onderzoek. De Waegemaeker werkte voorlopig drie sites uit: aan de kust, in het Brusselse en in de Kempen. “Heel wat landbouwers boren nu diep in de grond om water te halen. Daardoor wordt de ondergrond droger, ook in de omgeving. We kijken naar het opvangen van water in natte momenten voor de droge momenten. Dat kan via grachten, enzovoort”, zegt promotor Maarten Van Acker (UAntwerpen). Verder is het platteland tijdens hittegolven een stuk koeler dan de steden zodat het landbouwgebied via recreatie verkoeling kan geven aan stedelingen.

Ook overstromingen kunnen landbouwers helpen bufferen, weliswaar niet met eender welk perceel. “Als een grond frequent overstroomt, dan verlies je de oogst. Een grasland of weide kan daarvoor interessanter zijn”, vult De Waegemaeker aan. Hij wijst erop dat historisch gezien gronden langs rivieren al als overstromingsgebied dienden. “Nadien kwam – mede door subsidies – de nadruk meer op productie te liggen, wat de overstromingsbuffer sterk vermindert, al probeert het beleid nu ook meer in te zetten op 'ecosysteemdiensten'”, zegt de onderzoeker nog. De komende jaren werkt hij dit concept verder uit aan het ILVO-expertisecentrum Landbouw en Klimaat.

Bron: Belga / eigen verslaggeving

Beeld: Loonwerk Defour

Volg VILT ook via