nieuwsbrief

Inschrijven op de gratis nieuwsbrief

 

16.02.2017 Landbouwers vrezen dat suikerfabriek compromis verwerpt

Als deze zonnige week een voorbode is van een vroeg voorjaar, dan worden over minder dan een maand de eerste suikerbieten gezaaid. Grote vraag blijft aan welke voorwaarden de bietenoogst geleverd kan worden aan de suikerfabriek. Met de Tiense Suikerraffinaderij is daarover nog steeds geen akkoord. Even leek het daar nochtans op want de telersvereniging zwichtte voor het contractvoorstel, weliswaar pas na maandenlang verzet. De suikerfabriek liet al die tijd geen onderhandelingsmarge wat de bietenprijs betreft. In een ultieme poging om tot een akkoord te komen, koppelde het bietentelerscomité vier voorwaarden aan zijn instemming. “Minimumgaranties”, zo werd vorige week nog benadrukt zodat belangenverdediger Mathieu Vrancken aan de noodrem trekt bij het eerste signaal dat ze niet aanvaard zullen worden. De Tiense Suikerraffinaderij communiceert karig in afwachting van het overleg begin volgende week.

Enkele dagen zonneschijn maken nog geen lente, maar akkerbouwers zullen het toch voelen kriebelen. Suikerbieten zijn één van de eerste teelten die aan de bodem toevertrouwd worden zodat het op zijn zachtst uitgedrukt ongewoon is dat er half februari nog geen interprofessioneel akkoord is over de leveringsvoorwaarden. Omdat de gereguleerde suikermarkt in Europa dit najaar verdwijnt, gaan suikerfabrieken en bietentelers noodgedwongen op zoek naar een nieuw evenwicht in hun onderlinge relaties. In november vorig jaar zijn de bietentelers het eens geraakt met ISCAL Sugar, de suikerfabriek in Fontenoy (Henegouwen). Aan de andere kant van het land, meer bepaald in Tienen, zijn suikerfabriek en bietentelers er nog altijd niet uit.

De Tiense Suikerraffinaderij verdedigt al de hele winter het eigen contractvoorstel, maar voor de bietentelers en hun afgevaardigden leek dat voorstel in het algemeen en de daarin vervatte bietenprijs in het bijzonder onverteerbaar. Vorige week veranderde hun houding want vanuit het Coördinatiecomité van de Haspengouwse bietentelers kwam plots het signaal dat er toch ingestemd zou worden met het contractvoorstel. Dat de bestuursleden pas na een stemming tot dit besluit kwamen terwijl ze eensgezind waren in hun maandenlang verzet, doet vermoeden dat het een zware dobber was. Aan hun ja-woord koppelden de telersafgevaardigden vier voorwaarden. Minimumgaranties, zo zeggen ze zelf, in de zin dat er niet over te discussiëren valt gelet op alle toegevingen die de telers reeds doen.

Belangenverdediger Mathieu Vrancken kreeg van de directie het signaal dat hierover toch onderhandeld moet worden. Overleg tussen telers en directie staat begin volgende week gepland en in afwachting daarvan wil de Tiense Suikerraffinaderij weinig kwijt. Vrancken wacht niet op dat overleg om aan de noodrem te trekken: “Ik ga het compromisvoorstel van telerszijde niet onderuit laten halen. De directie weet heel goed dat we het absolute minimum vragen. Daarover onderhandel je niet, en als je dat wel wil doen dan had het maanden geleden moeten gebeuren. Ondertussen is het niet vijf maar één voor twaalf. We zitten al heel lang aan de onderhandelingstafel maar op een bepaald ogenblik moet je durven beslissen. Dat tijdstip is voor ons telers bereikt.”

Vrancken, zelf akkerbouwer en bietenteler, werpt een blik op de kalender en weet dat de tijd dringt. Half februari is het tijdstip waarop de bietenzaden besteld worden. Over een maand zijn de tractoren bieten aan het zaaien op de velden. Een gelijkaardig gevoel van urgentie lijkt niet aanwezig bij de Tiense Suikerraffinaderij. Woordvoerder Isabelle Roelandts: “Uiteraard zouden we het bietenseizoen graag starten met een akkoord met de telersvereniging. Lukt dat niet, dan kunnen de onderhandelingen wat ons betreft ook later nog afgerond worden. Op de wintervergaderingen gaven we landbouwers reeds de boodschap mee dat de zaai zo nodig moet starten op basis van het contractvoorstel dat op tafel ligt.” Roelandts benadrukt dat begin volgende week een overleg gepland is met de telersafgevaardigden. Ze wil daar niet op vooruitlopen met uitspraken over het al dan niet aanvaarden van de garanties die het bietentelerscomité vraagt.

“Het zaaien van bieten zal maar starten als de suikerfabriek daar correcte voorwaarden tegenover zet”, maakt Mathieu Vrancken zich sterk, maar tezelfdertijd knaagt de onzekerheid: “Akkerbouwers hebben bieten al ingecalculeerd in hun teeltplanning. Een deel van de velden ligt klaar voor suikerbieten, veel alternatieven zijn er niet en de suikerfabriek weet dat. Misschien denken ze daarom dat het ‘probleem’ wel vanzelf oplost.” Hij verwijst naar de Europese regelgeving opdat voor alle partijen duidelijk zou zijn dat een interprofessioneel akkoord geen vrijblijvend iets is maar een dwingend karakter heeft. “Zonder bieten kan de fabriek niet draaien. Het is aan de telers om voldoende bieten aan te leveren zodat onze afnemer met de verwerking ervan een goed rendement kan behalen. Die verantwoordelijkheid willen we opnemen als we daartoe een eerlijke kans krijgen.”

“Een eerlijke kans” vertaalde Vrancken tot voor kort nog als een hogere bietenprijs. Noodgedwongen neemt hij nu met minder genoegen, concreet zijn dat de minimale garanties waarvan sprake is sinds vorige week. “Als het over de bietenprijs zelf gaat, dan wijkt de suikerfabriek voor geen meter. Even halsstarrig zullen wij nu verdedigen dat de prijstabel voor Belgische en Duitse bietentelers binnen de Südzucker-groep dezelfde moet zijn. Het kan niet waar zijn dat de Duitsers hun bietenprijs sneller zien oplopen vanaf een suikerprijs van 500 euro per ton.”

Over het prijssupplement na afloop van het seizoen zal jaar na jaar een hartig woordje gediscussieerd moeten worden. De telers aanvaarden niet dat de Tiense Suikerraffinaderij zou bepalen wie de onderhandelingen mag voeren door bepaalde afgevaardigden uit te sluiten onder het mom van de concurrentiewetgeving. Daarom eisen ze dat de telersorganisaties zelf de afgevaardigden blijven aanduiden. Aan bietentelers die in de commissie de discussie rond het prijssupplement voeren, zal gevraagd worden om een strikt ethisch charter van confidentialiteit na te leven. Dat moet volgens Mathieu Vrancken volstaan.

De twee andere voorwaarden van telerszijde hebben te maken met de bietenprijs waarin de pulpvergoeding verrekend is terwijl de bietenpulp toebehoort aan de teler, en met de gelijke behandeling van telers wanneer de suikerfabriek meer bieten wil contracteren. Mocht het op deze vier “minimumgaranties” spaak lopen, dan willen de bietentelers de hulp van hogerhand inroepen. Zij hopen dat de regionale ministers van Landbouw, Schauvliege en Collin, zo nodig een doorbraak kunnen forceren. Hun federale collega, minister van Landbouw Willy Borsus, schikte zich al eerder in de rol van bemiddelaar. Hij was op de vakbeurs Betteravenir aanwezig en haalde de directie van de suikerfabriek over om opnieuw met de afgevaardigden van de bietentelers rond de tafel te gaan zitten.

Het lijkt misschien vreemd dat de overheid zich gaat moeien met de interprofessionele relaties in de suikerindustrie, maar de Europese marktordening voor suiker verplicht de arbitrage indien de partijen niet tot een akkoord kunnen komen. “Dit is het logische gevolg van de interprofessionele akkoorden die verplicht zijn”, legt Vrancken uit. Er moet dan ook een instrument worden voorzien in geval er geen akkoord wordt bereikt. De belangenverdedigers van de bietentelers voelden vanwege de stroef lopende onderhandelingen de bui hangen. Daarom hebben ze de mogelijkheid van arbitrage door de lidstaten afgetoetst bij de Europese Commissie. Die heeft de arbitrageverplichting bevestigd.

Bron: eigen verslaggeving

Volg VILT ook via